De spanning loopt nog verder op: wie valt vrijdag van de kandidatenlijst?

Hoe nu verder met de PVV? Na het vertrek van twee fractieleden concentreert alle interne spanning zich op de bekendmaking van de kandidatenlijst, komende vrijdag.

PVV-Kamerleden kijken toe terwijl hun fractieleider de pers te woord staat na het vertrek van Hernandez en Kortenoeven. Op de trappen staan, achter een beveiliger, van links naar rechts: Martin Bosma, Louis Bontes, Teun van Dijck en Fleur Agema. Foto Pierre Crom

Als vanzelf komen opnieuw speculaties op gang over meer PVV-Kamerleden die op het punt van vertrek zouden staan. Dat hebben we eerder gezien, na het vertrek van Hero Brinkman. En wat daarna opviel was dat geen van die speculaties uitkwam.

Ook nu zijn ze niet onlogisch. In de troepen van Geert Wilders bestaat, zeker na het plotselinge vertrek van Hernandez en Kortenoeven gisteren, onzekerheid over alles. Over de kandidatenlijst. En over de electorale kansen van de partij.

Komende vrijdag, tussen twaalf uur ’s middags en negen uur ’s avonds, houden PVV-kandidaten hun telefoon bij de hand. Dan krijgen ze hun plaats op de kandidatenlijst te horen. De lijst is voorbereid door een commissie geleid door Kamerlid Sietse Fritsma, woordvoerder immigratie en asiel. Al gaat niemand ervan uit dat Fritsma het laatste woord heeft: dat is, uiteraard, aan Wilders. En zijn getrouwen.

Twee van die getrouwen maken hoogst waarschijnlijk hun opwachting op de lijst. Van de eerste is het al zeker: Barry Madlener, Europarlementariër en oud-Kamerlid, keert terug naar Den Haag. Ook van Machiel de Graaf, voorzitter van de Eerste Kamerfractie, wordt aangenomen dat hij een prominente plaats op de lijst krijgt. In Den Haag lopen diverse PVV’ers rond aan wie De Graaf dat zelf heeft toevertrouwd. Maar ook De Graaf kent de geliefde stijlfiguur van Wilders: de even plotselinge als onverwachte manoeuvre, die iedereen, vriend en vijand, op het verkeerde been zet.

Zeker is dat De Graaf, met zijn loslippigheid, de partijleider geen dienst heeft bewezen. Hij voedde de ongerustheid onder zittende Kamerleden, van wie sommigen vrezen dat ze, mochten ze van de lijst vallen, nooit meer werk van betekenis vinden. Anderen spreken nu al monter over een eventueel leven na het Kamerlidmaatschap. Een van hen wees er vorige week op dat er op zijn vakgebied, zeker als consultant, genoeg te doen valt. „Ik ken genoeg subsidiepotjes in de EU”, zei hij, zonder ironie.

De twee Kamerleden die gisteren opstapten hebben niet veel gemeen met de fractiegenoot die hun in maart voorging, Hero Brinkman. Maar wel dat ze de repressieve sfeer in de fractie, de behoefte van totale gehoorzaamheid, niet langer aankonden.

Het ingewikkelde aan die repressie is dat Wilders er bijna altijd buiten blijft: hij laat het vuile werk opknappen door fractiebestuurders, vooral Fleur Agema, Martin Bosma en Louis Bontes. Zij roepen Kamerleden die te veel contact met de buitenwereld hebben tot de orde. Van Wilders horen ze op dat punt zelden of nooit iets, zodat parlementariërs in het duister tasten wat de leider nu precies van ze vindt – ook al vrezen ze het ergste.

Een Kamerlid dat in dit opzicht alle interne logica aan haar laars lapt is justitiespecialist Lilian Helder, een Limburgse oud-advocaat. „Lilian Held”, noemen Hernandez en Kortenoeven haar. Zij wekte al de toorn van Agema toen ze na haar aantreden een persoonlijk vraaggesprek met deze krant had. Zij keerde zich vorig jaar, in de fractie en daarbuiten, tegen het voorstel van Wilders om rechters voortaan eventueel te ontslaan. Zij dwong Wilders zelfs publiekelijk op zijn schreden terug te keren.

Ook liet zij intern blijken dat ze in haar optreden als PVV’er rekening houdt met een leven na de politiek, mogelijk in de magistratuur. Zodat ze zich niet wilde vereenzelvigen met enkele gevoelige justitiedossiers.

Bovendien flirtte ze met een eventuele overgang naar de VVD. Tot formele stappen kwam het nooit. De VVD liet via-via weten geen belangstelling te hebben, mocht zij een verzoek tot overplaatsing doen, waarna ze daarvan afzag. Zodat haar ontkenning, na een bericht eerder dit jaar in De Telegraaf, strikt genomen juist was. Het zou veel PVV’ers verbazen wanneer Helder, die het contact met deze krant nu mijdt, op een verkiesbare plaats komt.

Dan is er de categorie Kamerleden die de ergernis van Agema en Bosma wekten omdat zij, zonder toestemming van het fractiebestuur, uitvoerig in contact traden met politici van andere partijen en de media. Hernandez en Kortenoeven vertelden deze krant gisteren de anekdote dat de Limburgse fiscalist Roland van Vliet intern werd terechtgewezen omdat de Limburger zich, biertje in de hand, op een Haags terras had laten filmen. Van Vliet, die commentaar weigert, zou er daarna op hebben gewezen dat Henk en Ingrid juist graag mensen met een biertje op tv zien. Dat type grappen wordt in de PVV-top doorgaans matig gewaardeerd. Aan intimi heeft Van Vliet de laatste tijd laten weten dat hij de vuile was niet buiten hangt, mocht hij van de lijst vallen.

In een soortgelijke situatie verkeert de Hagenaar Richard de Mos, nog zo’n extravert Kamerlid dat de interne richtlijnen aan zijn laars lapte. Het goede nieuws voor hem is dat hij in de komende campagne opnieuw de coördinatie van de vrijwilligers mag doen, hetgeen sommigen in zijn omgeving als aanwijzing zien dat het met hem goed afloopt. Ook De Mos reageerde vanochtend niet.

Dan zijn er nog de mensen van wie iedereen aanneemt dat ze van de lijst afgaan, met name ‘brievenbuspisser’ Eric Lucassen, en over wie de speculatie rondgaat dat ze van de lijst af zouden willen, zoals de ondoorgrondelijke Raymond de Roon.

Het geheel staat garant voor extra suspense in PVV-kring, de komende dagen. In zekere zin is het voor Wilders, door het vertrek van de twee gisteren, gemakkelijker grote schoonmaak te houden. De rotzooi ligt toch op straat. En de PVV, die atypische partij, kan zich ook nu vastklampen aan het feit dat eerdere affaires, alsmede de val van het kabinet, in de peilingen maar beperkte schade opleverden.