De Slowaakse alleskunner toont ongekende stuurmanskunst

Lance Armstrong en Philippe Gilbert wisten het al. Na zijn tweede ritzege in de Tour kan het hele peloton de Slowaak Peter Sagan typeren. „Hij is echt een beest op de fiets.”

De Slowaak Peter Sagan met machtsvertoon over de finish. Op de achtergrond de Noor Edvald Boasson Hagen die tweede werd en de Zwitserse geletruidrager Fabian Cancellara die vierde werd. Foto AFP

Over grote sportkampioenen worden veel verhalen verteld. Ten minste de helft is vaak niet waar, of zwaar overdreven.

Over de Slowaakse renner Peter Sagan doet ook een spannend verhaal de ronde. Dat hij in zijn jeugd een wielerwedstrijd won op de gammele boodschappenfiets van zijn oudere zus, omdat hij er zelf geen had.

Dat verhaal is echt waar.

Peter Sagan, gisteren in de Noord-Franse kustplaats Boulogne-sur-Mer winnaar van zijn tweede etappe in zijn allereerste Tour de France, verscheen in zijn jeugd in een voetbalbroekje en op gymschoenen aan de start van wielerwedstrijden. Hij had ook zijn sloffen aan kunnen trekken, hij won toch vrijwel altijd.

Ook in zijn laatste twee etappekoersen voor deze Tour grossierde de 22-jarige Slowaak in ritzeges: vijf in de Ronde van Californië, vier in de Ronde van Zwitserland. En zondag was het in de eerste Tourrit direct raak.

In het Tourpeloton werd gisterochtend bij de start in Orchies al veel gesproken over de jonge kopman van de Italiaanse wielerploeg Liquigas. „Sagan speelt met het peloton, zeiden we tegen elkaar in de bus”, vertelde de Limburgse Vacansoleil-renner Wout Poels. Bij de meeste ploegen viel in de wedstrijdbespreking de naam van Sagan.

De Franse coureur Sylvain Chavanel, derde in het algemeen klassement, zei dat hij gisteren in de laatste kilometers van de etappe een demarrage had gewaagd omdat hij wist dat hij op de slotklim toch geen kans zou hebben tegen Sagan. In de eerste rit probeerde hij vergeefs een uitval op het steile gedeelte van de laatste helling. Eerder aanvallen dan maar? Chavanel, die bijna een bocht miste, werd vlot ingehaald. En Sagan reed op de korte maar steile klim in het centrum van Boulogne-sur-Mer iedereen voorbij. Weer winst.

Wout Poels zat in de laatste honderden meters een paar plekken achter Sagan – de Nederlander finishte als twaalfde. „Het is echt een beest op de fiets”, weet de klimmer van Vacansoleil. „Eén bonk spieren. Als hij versnelt, zie je ze bol staan. Dat is behoorlijk indrukwekkend.”

Peter Sagan geldt al lang als een van de grootste talenten in het wielrennen. De Slowaak lijkt alles te kunnen: sprinten, klimmen en zelfs korte tijdritten kan hij winnen. Hoewel hij zijn zeges tot nu toe voornamelijk behaalt in de sprint en na korte klimmetjes, verwacht de ploegleiding van Liquigas dat hij in de toekomst ook kan meedoen voor het klassement in de grote rondes. Zoals in de jaren tachtig de Ierse topper Sean Kelly met de wereldtoppers duelleerde in klassiekers en in de Tour.

Sagans talent bleek bijvoorbeeld al in 2008. De jonge Slowaak deed toen mee aan drie verschillende wereldkampioenschappen voor renners onder de 19 jaar. Hij werd eerste bij de mountainbikers, tweede bij het veldrijden en finishte in de wegwedstrijd als vierde.

Van zijn ervaring als veldrijder en mountainbiker heeft Sagan nu nog veel profijt. Hij is een van de beste stuurmanskunstenaars van het peloton. Deze Tour voorkwam hij in de proloog een valpartij met een ongekende balanceeract. Terwijl zijn fiets al bijna dwars in de bocht lag, wist hij nog zijn voet uit zijn pedaal te klikken en zijn evenwicht weer te hervinden.

De Belgische ploegleider Patrick Lefevere herkende de klasse van de Slowaak en liet hem een test doen bij zijn toenmalige ploeg Quickstep. Maar Sagan, die nauwelijks Engels of Frans sprak, viel toch af. In het najaar van 2009 werd hij alsnog ingelijfd door Liquigas. De ingetogen Slowaak kreeg van zijn nieuwe ploeggenoten al snel de bijnaam Terminator, omdat hij met zijn kracht de stuurpennen van zijn racefietsen krom trok.

In tegenstelling tot veel jonge renners, die in hun eerste jaren bij de profs vooral wennen aan het hoge niveau en veroordeeld zijn tot het opknappen van klusjes voor de kopmannen, brak Sagan meteen door. In 2010, zijn eerste jaar in het profpeloton, won hij twee ritten in de zware Franse etappekoers Parijs-Nice. Vorig jaar volgden twee etappes in de Ronde van Californië en zelfs de eindoverwinning in de Ronde van Polen.

Het Tourpeloton was ook al gewaarschuwd. Door de beste renner van vorig jaar nota bene: Philippe Gilbert. Na zijn ritzege in de Tour van 2011 zei de oppermachtige Gilbert tegen persbureau AFP dat hij niet verwachtte dat iemand hem kon bijhouden op korte beklimmingen als de Mont des Alouettes in West-Frankrijk. Daarna verbeterde Gilbert zichzelf. „Er is een wielrenner, een jonge renner nog, die mij kan verslaan.” Gilbert doelde op Sagan – en kreeg gelijk.

Peter Sagan won gisteren zijn tweede Touretappe, met heel veel machtsvertoon. Meters voor de finish zat hij al recht op de fiets om zijn zege te vieren, hij wist dat hij niet meer ingehaald kon worden. Sagan had zelfs nog tijd over om op een grappige manier te juichen, alsof hij rennend over de streep ging, zoals in de film Forest Gump.

Er zijn renners in het Tourpeloton bij wie zo’n demonstratie van overmacht voelt als een vernedering. Die zouden kunnen besluiten de jonge Sagan gezamenlijk op zijn nummer te zetten. Zoals in de jaren zeventig de Vlaamse veelvraat Freddy Maertens werd gedwarsboomd door de heersende elite. Maar op dit moment lijkt Sagan zó goed, dat hij van niemand iets hoeft te vrezen.

Sagans bravoure op de fiets was hem al vooruit gesneld. Een van zijn allereerste koersen bij de beroepsrenners was een liefdadigheidswedstrijd waaraan zevenvoudig Tourwinnaar Lance Armstrong ook meedeed. De Amerikaan demarreerde op een gegeven moment, en werd later ingehaald door een jongen van twintig uit Slowakije. Dat groentje vertelde later aan wielertijdschrift ProCycling dat hij gewoon eens wilde kijken of hij de beste wielrenner van het afgelopen decennium eruit kon fietsen.