Column

Ben-Hur heerst in de dealingroom

Lastig dagje vandaag voor Bob Diamond, de afgetreden topman van Barclays. Hij wordt vandaag, zoals dat heet, gegrild door het Britse parlement over de Libor-zaak. Barclays gaf daar veelal te lage eigen quotes op in het panel van grote banken dat dagelijks de interbancaire rente vaststelt.

Tijdens de donkere dagen van de crisis was dat een manier om te laten zien dat de bank tegen een relatief laag rentetarief terecht kon op de geldmarkt en dus geen probleembank was. Maar de praktijk gaat jaren verder terug. Het was de dealingroom die profiteerde van de lage quotes die Barclays afgaf, waardoor de bank het gemiddelde van de banken die aan Libor bijdragen drukte.

Is dat winstgevend? Er circuleert een bedrag van 900.000 miljard dollar aan leningen en financiële derivaten dat direct of indirect zou luisteren naar Libor. Denk aan gewone leningen of hypotheken met variabele rente. Maar veel belangrijker zijn bijvoorbeeld huis-, tuin- en keukenswaps waarbij een langlopende rentebetaling wordt geruild met een kortlopende rente. Die laatste hangt vaak af van Libor.

Die 900.000 miljard is op zichzelf al veelzeggend. De omvang van de wereldeconomie bedroeg vorig jaar volgens het Internationaal Monetaire Fonds 70.000 miljard dollar. In de goede oude tijd van een jaar of dertig geleden, voordat de financiële sector aan zijn halsbrekende opmars begon, was de nominale waarde van alle financiële activa zo’n beetje gelijk aan anderhalf maal het bruto binnenlands product (bbp). Nu, in 2012, is alleen al het deel van de financiële activa dat naar Libor luistert vergelijkbaar met het bbp van zeven planeten. Alleen binnen de financiële sector zijn nog mensen te vinden die dat normaal vinden.

Zijn we er beter van geworden? Kwetsbaarder in elk geval wel. De Libor-zaak heeft inmiddels geleid tot een opmerkelijke verschuiving in de opinie over hoe de bancaire sector na de kredietcrisis in elkaar zou moeten zitten.

De invloedrijke Financial Times ging vanmorgen eindelijk om waar het het strikt scheiden van nutsbankieren en zakenbankieren betreft: een totale scheiding graag, geen halve oplossingen zoals in de VS (Dodd-Frank/Volcker) of het VK (Vickers), of kwartoplossingen zoals in Europa. De Libor-zaak is één incident te veel. Nutsbank Barclays draagt bij aan Libor, zakenbank Barclays zet aan tot fraude en maakt een woekerwinst. De interne verhoudingen binnen een gecombineerde bank brengen dat teweeg. De traders zijn de hoogste apen op de rots; zij brengen veel geld binnen. Hun cultuur maakt binnen een gecombineerde bank al snel de dienst uit. Drie keer raden waar Bob Diamond vandaan komt.

Toch is de lobby tegen ‘scheiden’ groot, en invloedrijk. Ook de Nederlandse centrale bank ziet er weinig in. Het argument komt neer op de slogan waarmee de Amerikaanse National Rifle Association het vuurwapenbezit verdedigt: Guns don’t kill, people do. Maar een gek met een semi-automatisch geweer richt toch echt meer leed aan dan een gek met een aardappelschilmesje.

Een bankier met een boek vol derivaten berokkent meer schade aan de argeloze spaarders en de financiële stabiliteit (en uiteindelijk de overheid) dan een met een portefeuille leningen aan het midden- en kleinbedrijf. Woningbouwverenigingen kunnen er van meepraten.

Herintroductie van de Glass-Steagall Act, waarmee in de jaren na de beurskrach van 1929 in Amerika gewone banken van zakenbanken werden gescheiden, zal er niet van komen. De tegenstanders hebben kennelijk nog wat nieuwe incidenten nodig om overtuigd te raken. En in de tussentijd? Pas op als uw bank u een Exchange Traded Fund of tracker probeert aan te praten. Het kan prima uitpakken, maar het is vooral extra handel voor de eigen dealingroom. Het eigenbelang gaat vóór het nut. Zolang de geest van Charlton Heston rondwaart.