Tourauto rijdt nu Sloveen Bozic aan

De Sloveense sprinter Borut Bozic is gisteren tijdens de tweede etappe aangereden door een auto van de Tourorganisatie. De 31-jarige renner van Astana kwam ten val en liep een blessure aan zijn rechterelleboog op.

Het incident gebeurde na 65 kilometer. Een auto met daarin een UCI-commissaris kon de renner van Astana niet meer ontwijken. „Het was een ramp”, zegt Bozic tegen de Sloveense nieuwsite Siol. „Ik moest vechten om terug te komen, maar voelde me volledig gebroken.”

De nieuwe kampioen van Slovenië wist gedurende de rit alsnog te herstellen en sprintte in de straten van aankomstplaats Doornik naar een zeventiende plaats, vlak achter de Spanjaar Oscar Freire.

Na de finish ging Bozic, die vorig jaar nog in de Tour uitkwam voor het Nederlandse Vacansoleil, direct door naar een plaatselijk ziekenhuis voor nader onderzoek. Daar werden geen breuken geconstateerd. Bozic: „Ik heb een enorme bloeduitstorting op de elleboog. Ik hoop dat ik nog een keer in de spint kan meedoen deze Tour.”

Zijn ploeggenoot Janez Brajckovic zag het ongeluk gebeuren. „De auto kon hem ontwijken, maar zou dan tegen een andere auto zijn gebotst”, reageerde zijn Sloveense landgenoot op Twitter. „Ze kozen dan maar om de renner omver te rijden.”

Het is niet de eerste keer dat een auto in koers de Tourorganisatie in verlegenheid brengt. De Nederlander Johnny Hoogerland en de Spanjaard Juan Antonio Flecha werden vorig jaar in de negende rit naar Saint-Flour van de weg gereden door een Franse televisieauto. Hoogerland belandde in het prikkeldraad en kon de etappe ternauwernood uitrijden. In het ziekenhuis moest hij worden opgelapt met 33 hechtingen.

Die zaak is een jaar na dato nog altijd niet afgewikkeld. Beide renners wachten nog op een schadevergoeding. De Tourorganisatie wijst naar het tv-productiebedrijf Euromedia, Euromedia wijst naar de verzekering van de huurauto. Hoogerland is van plan naar de Franse rechter te stappen.