Tevreden lid

‘Heb je het filmpje met Samsom nou al gezien?”, vroeg ik mijn vrouw.

Eigenaardig dat je daar bij overtuigde leden van de PvdA op moest aandringen. Waren ze ergens bang voor? Ze mochten blij zijn dat er eindelijk iets opzienbarends rond Samsom gebeurde, zó goed ging het nou ook weer niet in de peilingen. „Wat vond jij ervan?”, vroeg ze met een achteloosheid die mijn verbazing nog versterkte. Sinds wanneer werd mijn oordeel zó op prijs gesteld?

„Eerst jij”, zei ik, terwijl ik ook de filmpjes van het CDA en de SP op mijn laptop opzocht.

Ze keek er aandachtig naar. Bij mijn favoriete filmpje van Buma als wielrenner keek ik glunderend mee. Eindelijk had het CDA na Van Agt weer een kopman met wie ze zó de Cauberg op konden; alleen zou Van Agt nooit zelf de tafel hebben gedekt voor het ontbijt, dat liet hij wel aan Eutie over. Waar was trouwens de Eutie van Sybrand?

„Tevreden over Diederik?”, vroeg ik.

„Ja, waarom eigenlijk niet?”, zei ze terwijl ze me aankeek zonder met haar ogen te knipperen. „Waarom moet daar zoveel ophef over worden gemaakt?”

„Ik wil me er niet te veel mee bemoeien, het is jullie zaak”, zei ik voorzichtig, „maar je zou het minder kies kunnen noemen om je gehandicapte dochter in een promofilmpje op te voeren.”

„Maar hij maakt er toch geen zielig kind van? En hij zegt toch niet: wat erg om zo’n kind te hebben? Hij bedoelt: daar moeten we ons voor inzetten, dat ook zulke kinderen goede zorg en onderwijs krijgen. Hij zegt dat niet zomaar, de PvdA heeft zich steeds gekeerd tegen kortingen op het persoonsgebonden budget.”

„Maar moet je daar je dochter voor gebruiken?”

„Door het persoonlijk te maken, wil hij het thema dichterbij brengen. En hij doet dat zonder sentimenteel te worden. Wat is er dan tegen? Het is ook nooit goed of het deugt niet, vooral bij jullie columnisten. Eerst wordt Wouter Bos belachelijk gemaakt omdat hij zich alleen met een lege kinderwagen liet fotograferen. Nu durft Samsom iets van zijn gezin te laten zien en is het wéér niet goed. Samsom is een idealist, hij zegt dat hij zijn motivatie uit zijn kinderen haalt, prima toch?”

Ik voelde me als columnist, maar ook als mens, enigszins in het nauw gebracht. Werd hier een slecht bedekt verwijt aan mijn adres gericht? Had ik soms mijn motivatie uit troebeler bronnen geput? Of bedoelde ze alleen dat ik Samsom nu te weinig krediet gaf? Ach, misschien was dat ook wel zo. Samsom heeft nu eenmaal iets gelijkhebberigs, waardoor je al in de contramine raakt nog voordat hij uitgepraat is.

Eén ding was zeker: behoedzaamheid was geboden in deze echtelijke discussie.

Ik besloot een zijweg in te slaan. „Wat mij vooral irriteert, zijn die knullige momenten in dat filmpje. Samsom die een eindeloos gerepeteerde tekst uit zijn hoofd opdreunt terwijl hij niet ín, maar lángs de camera kijkt. Als je zo’n filmpje ziet, weet je meteen waarom het met de Nederlandse speelfilm nooit iets kan worden.”

Ze knikte minzaam. „Jammer, ja, maar dat is bijzaak. Dat is niet de reden waarom men zich over dat filmpje opwindt. Vergeleken met die slome filmpjes van het CDA en de SP – waar was Roemer? – vind ik het een aansprekend, pittig filmpje.”

Ook al was er weinig voor nodig, het was inderdaad de beste van de drie – ik was blij dat ik dat kon beamen. Zo konden we onze dag toch nog in vreedzame coëxistentie voortzetten.