Iedereen wint van iedereen

Op Wimbledon verloor de nummer één van de wereld in een vroegtijdig stadium. Er is al jaren geen dominante kracht in het vrouwentennis.

Maria Sharapova of Russia sits in her seat during a break in her women's singles tennis match against Sabine Lisicki of Germany at the Wimbledon tennis championships in London July 2, 2012. REUTERS/Dylan Martinez (BRITAIN - Tags: SPORT TENNIS) REUTERS

Als de goden je willen vernietigen, noemen zij je eerst veelbelovend. Het aforisme van de Britse schrijver Cyril Connolly ging over zijn eigen mislukte ambities, maar hij had het net zo goed kunnen hebben over het hedendaagse vrouwentennis.

Gisteren sneuvelde de Russische nummer één van de wereld Maria Sjarapova in de vierde ronde op Wimbledon. Ze was op het schild gehesen nadat ze vorige maand op Roland Garros haar career slam (winst bij alle vier de grandslamtoernooien) voltooide. Net zo hard stortte ze weer ter aarde in Londen, daar waar haar carrière in 2004 een droomvlucht nam toen ze op zeventienjarige leeftijd Wimbledon won.

En zo gaat de zoektocht naar een tenniskoningin verder. Kim Clijsters, de laatste vrouw die twee grandslamtitels achter elkaar won, zei het twee weken geleden al. „In het huidige spelersveld zie ik niemand die het vrouwentennis kan domineren”, sprak de Belgische voormalig nummer één van de wereld tijdens het grastoernooi in Rosmalen. De afgelopen negen grandslamtoernooien kenden acht verschillende winnaressen en het is boven aan de vrouwenranglijst al jaren een komen en gaan van nieuwe gezichten. Geen dominante kracht inderdaad. „Alleen misschien Sjarapova”, zei Clijsters er nog achteraan.

Niet dus. Nog voor de kwartfinales sneuvelde de aanvoerder van de plaatsingslijst. Sjarapova kreeg geen vat op de agressief spelende Duitse Sabine Lisicki (6-4 en 6-3), de nummer vijftien van de wereld. Maar ook Clijsters, in de herfst van haar carrière, overleefde het niet tegen haar Duitse tegenstander Angelique Kerber: 6-1 en 6-1.

In de tijd van de sterke tennisvrouwen, tussen 1981 en 1997, won de ranglijstaanvoerster veertien keer op Wimbledon: Chris Evert eenmaal, Martina Navratilova en Steffi Graf elk zes keer en nog eenmaal Martina Hingis. Daarna waren alleen Amélie Mauresmo (2005) en Serena Williams (2002 en 2010) op Wimbledon bestand tegen de druk die de nummer één positie met zich meebrengt. „Ik ben Serena Williams, ik heb altijd zelfvertrouwen”, zei de Amerikaanse gisteren na haar moeizame overwinning in de achtste finales.

Clijsters had op het toernooi in Rosmalen ook geen verklaring voor het gebrek aan een echte topvrouw. En wat maakt het ook eigenlijk uit? „Ik heb alle situaties meegemaakt. Toen Justine Henin en ik en de zusjes Williams de prijzen verdeelden, werden de mensen dat beu. Het is ook niet snel goed. Dat wil zeggen, bij de pers. Maar het is nu in ieder geval interessant om elk grandslamtoernooi te zien wie er boven komt drijven.”

Terwijl het mannentennis – kwalitatief – een vlucht nam, zitten de vrouwen volgens kenners al jaren op hetzelfde niveau. Clijsters won na haar rentree in 2009 drie grandslamtoernooien als moeder. Knap van de Vlaamse, maar het is volgens critici vooral een bewijs van de stagnatie.

De Franse tennisser Gilles Simon zorgde vorige week voor opschudding door de gelijke betaling ter discussie te stellen. „Je kunt heel hard werken en voor miljoenen fans zingen. Of je werkt net zo hard en je staat te zingen onder de douche”, zei hij. Ofwel: het gaat niet om de opoffering voor de sport, wel om de amusementswaarde van het ‘product’. En die is bij mannen hoger, aldus Simon. „Kijk maar naar het verschil in ticketprijzen voor de grandslamfinales van mannen en vrouwen.”

Heel vrouwelijk Wimbledon viel over Simon heen. Sjarapova zette de Fransman vorige week al weg door te zeggen dat er „meer mensen bij mij komen kijken dan bij Gilles Simon”.

Gisteren voegde ze eraan toe dat vooral de media zich druk maken over de voortdurende wisseling van de wacht in het vrouwentennis. „Als iemand als favoriet geldt, dan is het de taak van de media om daar een verwachtingspatroon omheen te creëren”, aldus de Russin. En verrassingen zijn toch juist leuk? „Als ik tegen iemand speel die bij wijze van spreken uit het bos gewandeld komt moet ik nog steeds een wedstrijd spelen om te winnen. Een sensatie hangt altijd in de lucht. Dat is sport. Daarom kijken we er zo graag naar.”