Franse wittebroodsweken zijn al voorbij

Vandaag presenteert premier Ayrault zijn beleid in Parijs. De linkse koers die president Hollande en hij beloofden staat op het spel: het geld is al na vijftig dagen op.

De Franse president François Hollande is er veel aan gelegen dat vandaag niet bekend komt te staan als de dag dat hij een draai van 180 graden moest maken, net als zijn grote voorbeeld François Mitterrand in de jaren tachtig.

Ook die socialistische president begon zijn eerste termijn met royale sociale uitgaven om het verschil met hun rechtse voorgangers te accentueren. Mitterrand verlaagde onder meer de pensioenleeftijd van 65 naar 60 jaar. In 1983 volgde een vernederende koerswijziging naar een bezuinigingspolitiek, die decennia lang trauma’s veroorzaakte.

Hollande begon op 15 mei met maatregelen met een hoog symbolisch gehalte, die moesten laten zien dat de ‘verandering’ die hij in de campagne had beloofd echt gaande is. Hij verhoogde het minimumloon met 2 procent en draaide de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd van 60 naar 62 van de rechtse oud-president Sarkozy deels terug.

Hollande is minder radicaal dan Mitterrand – van nationaliseringen van bedrijven is bijvoorbeeld geen sprake. Maar hij moet al veel sneller, na minder dan twee maanden, ingrijpen in de begroting.

Vandaag zou premier Jean-Marc Ayrault, een partijgenoot en vertrouweling van Hollande, in het parlement pijnlijke maatregelen presenteren om te voorkomen dat de staatsschuld explodeert. Gisteren stelde de Franse rekenkamer dat de overheidsfinanciën „overduidelijk zorgwekkend” zijn. De staatsschuld stijgt dit jaar „waarschijnlijk” naar 90 procent van het bbp, ver boven het Europese maximum van 80 procent.

Daarmee komt een einde aan de wittebroodsweken van Hollande, veel sneller dan bij zijn voorgangers. Nu al laten peilingen een grote daling van zijn populariteit zien.

Hollande en zijn medewerkers bereiden de tournure al een tijdje voor, onder druk van de Europese Commissie. De regering had de rekenkamer zelf om een rapport verzocht. De rekenaars moesten Hollandes kiezers de slechte boodschap vertellen: bezuinigingen zijn onvermijdelijk. Het moet een effort (‘inspanning’) heten en vooral geen austérité (‘soberheid’) of rigueur (‘strengheid’).

Die woorden zijn taboe in de Franse politiek sinds het trauma van Mitterrand – sinds zijn tournant de la rigueur in 1983 durfde eigenlijk alleen de kersverse ex-premier François Fillon, nu kandidaat-leider op rechts, nog wel eens in zulke termen te pleiten voor financiële discipline.

De rekenkamer schrijft nu zonder omhaal ‘rigueur’ voor. Zij voorziet dit jaar een gat in de begroting van zo’n 8 miljard euro, wil Frankrijk het in Europa beloofde begrotingstekort van 4,4 procent van het bbp halen. In 2013 is de situatie ernstiger: dan moet de regering zo’n 33 miljard euro vinden om het tekort naar het EU-plafond van 3 procent te brengen. Een tegenvaller van 5 miljard euro, na een vonnis van het Europees Hof van Justitie over Franse belastingwetgeving, is nog niet meegerekend.

De schaal van de ombuigingen voor 2013 komt overeen met die van de Nederlandse vijfpartijencoalitie (zo’n 12 miljard euro). De Franse economie is ongeveer drie keer zo groot als de Nederlandse.

Franse media gaan ervan uit dat de regering het advies van de rekenkamer in grote lijnen zal volgen. De rekenkamer stelt voor de helft van de 33 miljard euro voor 2013 op te brengen met bezuinigingen, en de andere helft met extra belastinginkomsten.

De bezuinigingen van 16,5 miljard leveren Hollande veel problemen op. In de campagne beloofde hij 65.000 extra overheidsbanen – onder meer voor leraren en agenten. De rekenkamer tornt hier niet aan, maar wil wel de salarissen in de publieke sector bevriezen. Hollande riskeert een conflict met de vakbonden, die hem in de campagne steunden.

Ook belastingverhoging is riskant voor Hollande. De extra belastingen voor rijken en banken die hij al in de campagne beloofde, kunnen op sympathie rekenen van veel Fransen. Maar ze zijn niet genoeg. Ook de btw en de sociale bijdragen moeten (al dan niet tijdelijk) omhoog, zegt de rekenkamer. Zo’n maatregel treft de koopkracht van alle Fransen. Economen betwisten ook dat de plannen goed zijn voor de Franse economie, die toch al te weinig concurrerend is.

De regering-Ayrault is creatief. Ze wil een nieuwe belasting op computers. Zo’n 400.000 huishoudens die geen televisie hebben, maar wel een computer, zouden 125 euro per jaar moeten gaan betalen. Filippetti zegt dat veel internetgebruikers online televisie kijken, zonder kijk-en luistergeld te betalen. In Duitsland bestaat ook een dergelijke belasting.

In Franse tv-journaals leverde het plan gisteren meteen chagrijnige reacties op van burgers, die zeiden dat de aanschaf van computer en internetaansluiting al genoeg geld kost.