Spaans worden

Je hoort weleens van voetballers die zich snel laten naturaliseren om voor een ander land te kunnen uitkomen. Zou dat ook voor supporters mogen gelden? Dus dat ik morgen even bij de Spaanse ambassade langsga om me daar als Spaans staatsburger te laten inschrijven, zodat ik over twee jaar toch nog wereldkampioen voetbal kan worden voor ik de pijp uitga?

Nu dreigt het een nogal zielig levenseinde te worden: een heel leven toekijken hoe ánderen er met de buit vandoor gaan.

Ik geef toe dat het nog zieliger zal zijn wanneer ik over twee jaar als kersvers Spanjaard tot de ontdekking moet komen dat het Nederlands elftal plotseling alle andere landen voorbij is gestreefd, maar de kans daarop lijkt me nihil. Vooral om twee redenen die ik zal proberen toe te lichten: we hebben geen verdedigers, we hebben geen coaches.

Eerst die verdedigers. „De centrumspits is afgeschaft”, riep BBC-commentator (en ex-centrumspits) Gary Lineker gisteren in de rust van Spanje-Italië. En, inderdaad, Spanje bleek zo’n spits helemaal niet nodig te hebben om die Italianen te kunnen verpulveren. Het Spaanse elftal leek uit louter middenvelders te bestaan; als het nodig is doet iedereen verdedigend én aanvallend werk. Daar hoor je geen Sneijder klagen: „Achter mijn back aanlopen is niet mijn ding”, of een Robben tegen zijn trainer schelden als hij verdedigend werk moet opknappen: „Hou je bek, man.”

Hoe krijgen we onze jongens zo ver dat ze ook het vuile werk willen doen? Ik had ze de vraag zelf willen voorleggen, maar ze wilden niet veel zeggen vanuit Saint-Tropez en Ibiza waar ze van alle beslommeringen lagen bij te komen. „Ik heb hier al moeite genoeg om het strandvoetbal bij te sloffen”, hoorde ik Johnny Heitinga hijgen. „Als Sylvie voor een leuke foto bovenop me zit, kan ik merken dat ik een dagje ouder word”, zuchtte Van der Vaart.

Spanje kreeg tijdens dit hele EK één doelpunt tegen. Daar, en nergens anders, schuilt de bron van hun succes. Ze kunnen aanvallen omdat ze zo goed kunnen verdedigen. In Nederland draaien we die begrippen altijd om. Het heeft te maken met het creativiteitsvirus dat ons volk al zo lang in zijn greep heeft: iedereen wil creatief zijn, ‘leuke dingen doen’. Verdedigen, ijverig zijn? Bah!

Ik stel voor dat in onze nationale competitie verdedigers twee keer zoveel gaan verdienen als aanvallers. Want alleen geld motiveert onze voetballers. Over twee jaar plukken we de vruchten.

Dan de coaches. Er dienen snel nieuwe, jonge coaches te worden opgeleid. Nu moeten we voor de opvolging van Van Marwijk terugvallen op oude mannen die het allemaal al een keertje gedaan hebben. Alsof ze bij het CDA zouden zeggen: „Het gaat niet zo goed met Buma, we halen Lubbers nog eens van stal.” (Voor PvdA en GroenLinks mag de lezer de voorbeelden zelf invullen.)

Men wil Guus Hiddink terug – maar wat me aan hem vooral opvalt, is dat de miljoenen die hij bij louche Russen verdient zich steeds meer materialiseren in zijn vele onderkinnen. Louis van Gaal dan maar? Een goede coach, maar je zult een psychiater naast hem moeten zetten voor het geval hij gaat roepen dat hij Napoleon of Onze Lieve Heer is.

De belangrijkste bestanddelen van de oudere Nederlandse voetbalcoach zijn zelfoverschatting, verongelijktheid en mensenhaat. Zag u Vicente del Bosque, de Spaanse coach? Het was mijn oude oom die me voor mijn kerstrapport een boek van Kuifje gaf.