Regering Japan loopt gevaar na scheuring in partij

Binnen de regerende Democratische Partij van Japan (DPJ) is het vanmorgen tot een scheuring gekomen, die het voortbestaan van het kabinet van premier Hoshihiko Noda bedreigt.

Ichiro Ozawa (70), een man die al decennia een hoofdrol in de Japanse politiek vervult, besloot vergezeld van 52 andere parlementsleden uit de DPJ te stappen. Het gaat vooralsnog om veertig DPJ-lagerhuisleden en twaalf senatoren maar waarnemers sluiten niet uit dat er meer zullen volgen. Ozawa wil een eigen partij oprichten. De meerderheid van de DPJ in het 480 leden tellende Lagerhuis slinkt hierdoor van 289 tot 249, nog net voldoende om door te kunnen blijven regeren.

Aanleiding voor Ozawa’s stap is een wetsvoorstel van de regering-Noda om de btw te verdubbelen tot 10 procent. Dit werd vorige week door het Japanse Lagerhuis goedgekeurd en zal naar verwachting binnenkort ook zonder problemen door het Hogerhuis komen. Ozawa en zijn metgezellen beschouwen dit voorstel als verraad aan de kiezers omdat de DPJ in zijn verkiezingsprogramma had beloofd de btw niet te verhogen.

Volgens Noda is zo’n verhoging echter onvermijdelijk om de Japanse staatsfinanciën enigszins op orde te krijgen. Alleen zo kunnen volgens hem in de toekomst in het sterk vergrijzende Japan sociale voorzieningen betaalbaar blijven. Japan kampt met een staatsschuld die ruim twee keer zo hoog is als het nationaal product. Dat is meer dan enig ander groot geïndustrialiseerd land.

Noda, die nog geen jaar aan het bewind is, kampt met een geringe populariteit. Ozawa hoopt te profiteren van de reserves die veel Japanners koesteren over de btw-verhoging. Maar erg hoopvol ziet de toestand er voor hem niet uit. Slechts 15 procent van de Japanners juicht zijn besluit de DPJ te verlaten toe. Sommige Japanse analisten sluiten niet uit dat premier Noda de lastige Ozawa heimelijk ook liever kwijt dan rijk is. (Reuters, AP, BBC)