Kort voor verkiezing protesten in Libië

Nog geen week voor parlementsverkiezingen in Libië hebben honderden betogers en gewapende militieleden gisteren het hoofdkwartier van de verkiezingscommissie in de oostelijke stad Benghazi bestormd en verkiezingsmateriaal in brand gestoken. Ze protesteerden tegen wat zij zien als de ondervertegenwoordiging van Benghazi in de komende Nationale Assemblee. Tripoli en West-Libië krijgen 102 zetels en Benghazi en het oosten 60. De resterende 38 zetels zijn voor het dun bevolkte zuiden.

De verkiezingen hebben 7 juli plaats. De Nationale Assemblee moet een nieuwe regering en een grondwetgevende raad benoemen. Het worden de eerste verkiezingen sinds 1965, toen Libië nog een koninkrijk was. Moammar Gaddafi, die in 1969 de macht greep, schafte politieke partijen en verkiezingen af.

Onder Gaddafi, die vorig jaar ten val werd gebracht, werd het olierijke oosten gemarginaliseerd. Leiders in het oosten beschuldigen het interim-bewind ervan weer datzelfde pad te volgen. In maart lanceerden stamleiders en politici plannen voor autonomie in het oosten. Volgens hen betekent de ondervertegenwoordiging in de Assemblee dat ze geen invloed krijgen op de nieuwe grondwet.

In het zuiden dreigde een leider van de Tabu-stam gisteren met een verkiezingsboycot als het leger niet wordt teruggetrokken uit de stad Kufra. Daar hebben zich de afgelopen maanden zware gevechten afgespeeld tussen de Tabu en een rivaliserende stam waarbij honderden doden zijn gevallen. Hij beschuldigde het leger ervan Tabu onder vuur te nemen. (AP, Reuters)