Eigen land eerst, en dan pas Brussel

Lidstaten van de EU moeten niet te veel macht afstaan aan Brussel. Politieke leiders horen primair loyaal te zijn aan hun land en zijn burgers, betoogt Hans Wiegel.

Wat een stennis is er ontstaan over het proefschrift van Thierry Baudet. Deze kwaliteitskrant stond vol ingezonden stukken. Ik ken Thierry Baudet sinds kort. Vrolijk, pienter, iemand die zichzelf conservatief durft te noemen. Op 21 juni promoveerde hij tot doctor in de rechtsgeleerdheid. Titel van zijn proefschrift: De aanval op de natiestaat. De aula was bomvol.

Een paar dagen daarvoor had Baudet zijn column in deze krant gewijd aan de rituelen van zo’n samenkomst. Voor wie nooit, als promovendus of als geïnteresseerde, zo’n sessie had meegemaakt, een instructief stukje. Waarom geschreven? Misschien om z’n zenuwen wat tot bedaren te brengen, of omdat het jongetje in de man er nog steeds is.

De meeste hoogleraren waren eloquent en aardig. Een van hen, professor Eijsbouts, zuur. Deze hoogleraar was een van degenen die een ingezonden stukje naar deze krant stuurden. „Schaamteloos brutaal” noemde hij die column van Baudet. In zijn aanval op de promovendus maakte de hooggeleerde ook de opmerking dat Baudets boek meer publicistisch dan wetenschappelijk was. Hoezo die waterscheiding?

Hoofdredacteur Rooij van de NRC werd later professor. De journalisten Daudt en Vis ook. Publicisten als Gruijters, Heldring en Hofland zouden ook eminente hoogleraren hebben kunnen zijn.

Kern van het proefschrift van dr. Baudet is dat het supernationalisme van de Europese Unie gevaarlijk is. De ongecontroleerde macht van de bureaucratie in Brussel. Het uithollen van de nationale identiteiten.

De Gaulle moest niets van een supra-Europa hebben. Hij was voor het Europa der staten. Zoals onze eigen minister Luns antwoordde op de vraag: Wat is het uitgangspunt van uw Europees beleid? „In de eerste, de tweede en de derde plaats: het Nederlands belang.”

Het klinkt mooi als gesproken wordt over Europese vergezichten. Maar de werkelijkheid was en is dat de regeringsleiders opkomen voor het belang van hun eigen land. Dat is ook hun taak. Dat deden De Gaulle, Thatcher en Luns. Dat deden vorige week de Italiaanse en Spaanse minister-presidenten, die hun Europese vrienden het mes op de keel zetten.

Hoe zou de jonge doctor zich nu voelen onder al die publiciteit en kritiek? Hij zal het prachtig vinden. Hij heeft iets losgemaakt.

De nationale staat en de eigen identiteit zijn het waard hoog gehouden te worden. Wij houden niet van onzichtbare en ongrijpbare machten boven ons, die voor en over onze toekomst beslissen.

Internationale bondgenootschappen, zie ook de NAVO, zijn prima. Maar de loyaliteit van politieke leiders behoort in de eerste plaats te liggen bij het dienen van de soevereiniteit van hun eigen land en zijn burgers.

Hans Wiegel is oud-leider van de VVD.