Premier Rutte is trots, al was hij altijd tegen een bankunie

Ook al vindt de Tweede Kamer dat Rutte een draai heeft gemaakt in Brussel, de meeste partijen lijken tevreden met de uitkomst van de top.

Premier Mark Rutte, met links de Luxemburgse premier Jean-Claude Juncker die voorzitter is van de eurogroep, en rechts de Franse president François Hollande. Foto AFP

Premier Rutte komt graag op voor de hardwerkende Nederlander. En deze week? Vrijdag zei hij dat hij met zijn collega-regeringsleiders had geknokt „in het belang van de hardwerkende mensen in heel Europa”. Of hij het resultaat in de verkiezingscampagne kan verdedigen? „Sterker nog, ik ben er trots op.”

De Kamer begrijpt die trots niet. „Een hard gelag voor de premier”, vond Alexander Pechtold (D66). Het resultaat was er „ondanks en niet dankzij Rutte”, zei Diederik Samsom (PvdA). En misschien kwam de meest pijnlijke reactie wel van Sybrand van Haersma Buma, leider van Ruttes coalitiepartner CDA: Rutte had zich laten „overrompelen” bij het maken van een eerste stap richting een bankunie. Geert Wilders (PVV) ging natuurlijk het verst. „Rutte slaafs op de knieën voor Italiaanse en Spaanse maffia”, twitterde hij.

Eén conclusie deelde bijna de hele Kamer: de uitkomst van de top betekende een forse draai van Rutte. Vooral de mogelijkheid dat banken op termijn direct steun kunnen krijgen uit het noodfonds – en dus niet meer via de landen – was volgens het parlement een grotere stap dan de premier eigenlijk had willen maken. In een Kamerdebat trachtten woensdag vooral de linkse partijen – voor de gelegenheid aangevuld met Van Haersma Buma – Rutte nog te bewegen tot het uitspreken van steun aan een zogeheten bankunie. Tevergeefs. En kijk wat er nog geen twee dagen later in Brussel gebeurde: er werd een stevige stap gezet richting zo’n bankunie. Maar is Rutte daadwerkelijk onder druk van de zuidelijke Europese landen gedraaid, zoals Wilders zegt?

Er werd in Brussel een grote stap gezet, die weinig mensen hadden verwacht. Zo snel mogelijk moet de Europese Centrale Bank verantwoordelijk worden voor het toezicht op de banken in Europa, dat vond Rutte ook. Maar over de vervolgstappen richting zo’n bankunie – een gezamenlijk garantiestelsel voor banken en spaarders – kon pas daarná worden nagedacht. Want, zo zei Rutte woensdag, praten over een bankunie zonder goed toezicht „betekent in feite dat je de problemen met de Italiaanse banken neerlegt bij de Nederlandse belastingbetaler”.

Door de problemen van de Spaanse banken is de besluitvorming rond de bankunie versneld. Maar daarmee hoeft nog geen sprake te zijn van een draai. Wel heeft Rutte eerder verkondigd alleen steun aan landen – en niet direct aan banken – te willen geven omdat het geld van landen bijna altijd terugkomt. Maar Spanje wil directe steun aan banken, omdat op die manier de miljardensteun niet bij de staatsschuld hoeft te worden opgeteld. Dat zou de positie van het land op de kapitaalmarkt verder verzwakken. „Dat zou het medicijn erger maken dan de kwaal”, aldus Rutte.

Nu vindt hij directe steun aan banken geen probleem meer. Het toezicht beperkt volgens hem het risico, omdat voorafgaand aan de eerste stortingen duidelijk moet worden hoe erg de bank eraan toe is. De nu gemaakte afspraken beantwoorden daarmee aan de ‘stap-voor-stap’-benadering die Rutte en minister Jan Kees de Jager – partijgenoot van de kritische Van Haersma Buma – hebben bepleit om uiteindelijk tot een bankunie te komen.

Natuurlijk heeft Rutte in de onderhandelingen niet alles binnen weten te halen. Zo verloor hij het naar verluidt van de Italiaanse premier Mario Monti in zijn pogingen het IMF in te schakelen bij de Italiaanse hervormingen. Op die manier zou strikt toezicht verzekerd zijn. En natuurlijk werd de agenda gedomineerd door de ‘chantage’ van Italië en Spanje; die zouden tegen de stimuleringsplannen van 130 miljard euro stemmen als niet eerst de noodsteun was geregeld. Maar is het reëel om van Rutte te verwachten dat hij – al of niet met bondskanselier Angela Merkel – de hele top op niets zou laten uitlopen? Zo’n drastische stap zou zeker in verband worden gebracht met de verkiezingen.

De reacties uit de Kamer lieten zien dat Europa een belangrijk verkiezingsthema is. Rutte zei nog helemaal niet met de campagne bezig te zijn. Die begint wat hem betreft pas eind augustus. Ja, hij had de reacties wel gezien – „voor zover ik hier tijd voor heb”. Hij trok de conclusie dat een Kamermeerderheid gelukkig was met de uitkomst van de top. Verder was de kritiek volgens Rutte allemaal campagneretoriek. Het parlement moest eens weten welke „verschrikkelijke ideeën” uit het zuiden van Europa hij had tegengehouden.

    • Erik van der Walle