Opeens blijkt influenza twaalf genen te hebben

Er is een twaalfde gen in het influenzavirus ontdekt – geheel onverwacht en op een bijzondere manier. De erfelijke code van het influenzavirus bestaat uit krap 13.600 basen. Hij is 200.000 keer kleiner dan die van de mens. Het twaalfde gen codeert voor een klein eiwit van 61 aminozuren dat het afweersysteem van een geïnfecteerde gastheer onderdrukt. (Sciencexpress, 28 juni)

Het gen is gevonden toen biostatistici keken naar genetische variatie in één van de acht gensegmenten van verschillende influenzavirussen. Tot hun verrassing zagen ze een stuk dat in al die virussen bijna onveranderd is. Normaal is er door virusevolutie flink wat variatie. Dat stabiele fragment ligt in het PA-gen. Dat codeert voor een onderdeel van het enzymcomplex waarmee influenza zijn genen vermenigvuldigt.

In dat PA-gen ligt een tweede, veel korter gen verborgen. Een gen codeert voor de aminozuurvolgorde in een eiwit. Iedere drie opeenvolgende basen (een codon) in een gen bepalen de identiteit van één aminozuur. Door in codon 190 van het PA-gen één base over te slaan en dan weer verder te lezen is er opeens een tweede eiwitcode zichtbaar. Zo’n frameshift is vaker beschreven bij virussen. Toen de genvolgorde bekend was, is het eiwitje gevonden. En daarna is zijn functie opgehelderd.

    • Wim Köhler