Opinie

    • Marc Chavannes

Nationale Politie en Jeugdzorg nieuwbouw voor de leegstand

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Nederland wordt heel efficiënt bestuurd: alle belangrijke beslissingen worden in een paar dagen genomen, tegen het slot van de kabinetsformatie. Dus opgelet, straks in het najaar. Vrijwel ongemerkt sluipen vergaande en meestal onvoldoende doordachte stelselwijzigingen in zo’n akkoord. Met twee daarvan uit 2010 zitten we nu opgescheept.

Maandag en dinsdag vergadert de Eerste Kamer over invoering van een Nationale Politie. Minister Opstelten hoopt dan zijn Obamacare-moment te beleven. Als burgemeester was hij er fel tegen. Of hij als informateur zijn ervaring heeft ingebracht is niet bekend. Maar toen het gedoogkabinet op de trappen van Huis ten Bosch stond was Binnenlandse zaken de politie kwijt en had het spierballerig hernoemde Ministerie van Veiligheid en Justitie de nationale politie op zak.

Het was na jaren touwtrekken niet minder dan een staatsgreepje binnen Den Haag. Het buurministerie kreeg als troostprijs Vestia erbij. V&J ging de politie vast verbouwen. Alsof de wet al was gewijzigd. Alsof de problemen afdoende waren geanalyseerd. Alsof de remedie overtuigend was uitgewerkt. Alsof het rechtstatelijk een onomstreden idee was politie, opsporing, vervolging en rechtspraak onder de verantwoordelijkheid van één minister te brengen.

Zoals dat dan gaat wordt de eenmaal vastgelegde koers een doel op zichzelf. De minister heeft uren en uren in een vrijwel verlaten de Tweede Kamer geluisterd en gerustgesteld. Intussen wordt al weer een Veegwet voorbereid waarin alle losse einden en concessies een plekje krijgen. Opdat de karavaan kan voortdenderen.

De toelichting op het wetsontwerp legt meters verbaal verband om de tegenstrijdigheden in dit jongste plan. De politie is in feite permanent verbouwd. De jongste wetswijziging was in 1993 nog amper droog toen het praatcircuit al weer verder ging. De net ingestelde regionale politie miste toch landelijke coördinatie. De arrestatieteams traden niet uniform op, overal bleek de ICT een zootje, verzoeken om bijstand uit het buitenland werden niet snel genoeg afgedaan.

De onderhandelaars van VVD, CDA en PVV meenden in de zomer van 2010 de tijd zo te verstaan dat een nationale politie onder één korpschef geboden was. Daadkracht! Aldus besloten. En toen begon het zwachtelen. De minister gaat niet over die korpschef en zijn nationale politie maar hij is wel politiek verantwoordelijk voor hun functioneren. Er komt eindelijk stevige landelijke leiding, zij aan zij met het ook landelijk georganiseerde openbaar ministerie, maar toch zal er betere lokale verankering zijn. Burgemeesters zien het niet.

De Tweede Kamer liet zich murw praten. Deskundigen op een recente hoorzitting en Eerste Kamerleden zijn er nog allerminst van overtuigd. De Raad van State was dat ook niet. Zowel tussen binnenlandse zaken en justitie als tussen burgemeester, hoofdcommissaris en officier van justitie bestaat een systeem van overleg dat zorgt voor macht en tegenmacht, checks-and-balances. Aan de ene kant wordt nu gesuggereerd dat al die lokale en bestuurlijke saamhorigheid blijft, maar nergens blijkt dat de burgemeester zijn verantwoordelijkheid voor openbare orde straks ook kan waarmaken. Hij moet maar zien of de nationale chefs hem te hulp schieten als het heet wordt in de wijken. YouTube slaapt niet.

De jeugdzorg is heel wat softer dan het manlijke gepraat over Blauw op Straat. Maar ook hier werd in het regeerakkoord een gedetailleerde koers uitgezet die nu met tsaristische souplesse wordt gevolgd. Het patroon is bekend: we decentraliseren naar de gemeente, en die zijn zo dichtbij dat het ook wel goedkoper kan. Minder geld én de zorgen naar het stadhuis. Straks gaat het Rijk inderdaad alleen nog over de landsverdediging. O nee, die is ook net wegbezuinigd.

Over de jeugdzorg wordt al jaren geklaagd. Als er weer een Maasmeisje, een Savannah of een Amsterdams crèchedrama is, laait de roep om effectiever beleid weer op. Zodra een stoer plan van de printer rolt holt iedereen er achteraan. Gestold in het regeerakkoord ligt nu een pakketje indrukken en (voor)oordelen besloten die er voor zorgen dat de gemeentes straks verantwoordelijk zijn voor iedere jongere in Nederland. Ook voor medisch en justitieel zware gevallen.

Onderliggend idee: de jeugdzorg is overgemedicaliseerd, ADHD is aanstellerij – eet een bruine boterham en ga buiten spelen. De lonkende bezuinigingen boeken we vast in. Het lastige is dat er inderdaad veel langs elkaar werkende instanties zijn. Minister Rouvoet had zijn Professor Pi-oplossing. Ook die heeft niet gewerkt. Provinciale en gemeentelijke lokethuizen, jeugd GGZ, psychiatrische klinieken die door niet-psychiaters specialistisch vergoede zorg lieten verrichten – er móet ook wat gebeuren. Maar alles over de schutting van de gemeente?

Een paar dingetjes moeten nog worden geregeld. Hoe komen alle gemeentes aan deskundigheid? Hoort medisch en justitieel privacygevoelige informatie op het stadhuis? Op papier is de kinder- en jeugdpsychiatrie als specialisatie zo goed als opgeheven. Kan dat?

Zowel bij de Nationale Politie als bij de nieuwe Jeugdzorg loopt de ingrijpende nieuw- en verbouw voor de wetswijziging uit. Misschien wil het parlement het zo niet. Daar is veel voor te zeggen. Bovendien: nog steeds is de les niet geleerd dat ingrepen van bovenaf zelden helpen. Pogingen uiteenlopende problemen met één toverstructuur beheersbaar te maken. De Ideeënbus kan beter leiden tot zinnige experimenten, op beperkte schaal. Stelselwijzigingen leiden tot kille gebouwen die tochten voordat het dak er op zit.

U kunt de auteur e-mailen via opklaringen@nrc.nl

    • Marc Chavannes