Klaagzangen over de menselijke domheid

Elsbeth Etty neemt de stapel binnengekomen boeken door, signaleert en geeft een eerste oordeel. Met deze week het gelukkige huwelijk van Anastasia Steele en haar sm-man.

De radicale schrijvers die in de late 18de eeuw de Verlichting en de Patriottentijd belichaamden, leken voorbestemd voor totale vergetelheid, misschien met uitzondering van het duo Wolff en Deken als schrijfsters van de brievenroman Sara Burgerhart. De verschijning van de omvangrijke, om niet te zeggen uitputtende, biografie Gerrit Paape (1752-1803) door Peter Altena (Vantilt, 837 blz., €39,95) is een daad van historische rechtvaardigheid, want Paape is in de literaire en politieke geschiedschrijving bewust verzwegen. Hij was sterk verbonden met de kleine en grote revoluties waaraan men na het aantreden van koning Willem I liever niet herinnerd wilde worden. De politiek actieve satiricus en polemist schreef talrijke romans, gedichten, toneelstukken en wat wij tegenwoordig columns noemen, veelal onder pseudoniem of anoniem. Vandaar de ondertitel van deze biografie: Levens en werken. Paape omvatte meer mannen, vandaar: levens. Hoe dan ook staat na deze biografie definitief vast dat Paape een uiterst boeiende, om niet te zeggen belangrijke figuur is geweest.

Maar gaan we nu ook het werk van Paape zelf lezen (bijvoorbeeld de door Altena verzorgde, eveneens bij Vantilt verschenen edities) of zijn daarvoor onze levens tekort? Waar haal je de tijd vandaan om Seneca te lezen? „Onze tijd is helemaal niet kort”, schreef deze in een filosofisch essay uit omstreeks 50 n.Chr. „Het leven dat wij krijgen is niet kort, wij maken het kort; we hebben er niet te weinig van, we gooien het met bakken overboord.” De lengte van het leven (Athenaeum, vert. en nawoord Vincent Hunink, 79 blz., € 9,95) is een pleidooi voor een wijs gebruik van de tijd, het verzamelen van wijsheid door te lezen, zodat je eeuwen cadeau krijgt. Dan leef je ruim en heb je alle tijd van de wereld. Mooi meegenomen dat dit boekje kort en de vertaling helder is.

Eigenlijk was Seneca net zo’n soort mopperpot als Theodore Dalrymple. Klaagde de Romein over de domheid van de mensen, die hun tijd verdoen met seks en wijn, de Engelsman gaat tekeer tegen het moderne leven dat allemaal afval oplevert terwijl niemand ooit iets opruimt. Andermans rotzooi (Nieuw Amsterdam, vert. Rik Smits, 112 blz., €14,95) is Dalrymples zoveelste klaagzang over de ondergang van de beschaving als gevolg van het verloederde gedrag van de gedemocratiseerde en geïndividualiseerde massa.

Neem de scholen: haarden van zwerfvuil. Neem de massale openbare dronkenschap in steden en dorpen. Die is veroorzaakt door het ‘verlies van collectieve zelfbeheersing’. Waar blijft de schuld van de intellectuelen? Ja hoor: „De onwil om het verontrustende feit onder ogen te zien dat gewone mensen zich en masse misdragen” is te wijten aan „sommige intellectuelen die proberen dit weg te rationaliseren”.

Na het gezeur van de overschatte, reactionaire zeiksnor Dalrymple is de erudiete correspondentie tussen Paul Auster en J.M Coetzee een verademing. In Een manier van vriendschap. Brieven 2008-2011 (Cossee/De Arbeiderspers, vert. Peter Bergsma en Ton Heuvelmans, 240 blz., € 21,90) vragen de twee topschrijvers zich onder andere af waarom ze zoveel uren van hun leven hebben verspild aan sport op tv kijken. Coetzee verklaart dat hij net zo reageert op bijzondere sportprestaties als op artistieke meesterwerken. „Ik heb net iets gezien wat tegelijkertijd menselijk is als meer dan menselijk; ik heb net iets gezien als het zichtbaar gemaakte menselijke ideaal.” Met zo’n blik komen we de EK-finale, de Tour de France en de Olympische Spelen wel door.

Dat is meer dan ik kan zeggen van Vijftig tinten vrij (Prometheus, vert. Prometheus en Textcase, 606 blz., €15) het derde deel van de erbarmelijk geschreven trilogie voor de hitsige huisvrouw. Bij deel 1 koesterde ik nog de hoop dat dit project zou uitdraaien op een ultieme persiflage van Bouquetreeks-proza. Na deel 2 was die hoop vervlogen en van het laatste deel hoef je alleen het einde te lezen om erachter te komen dat het werk van E.L. James alle onbenullige dameslectuur in meligheid overtreft. Jawel, ze krijgen elkaar. Anastasia Steele trouwt met miljardair Christian Gray en ‘schenkt’ hem twee kinderen, zoals het hoort. Desondanks hebben de heer en mevrouw Gray nog steeds ondeugende seks. „De strengen van de zweep strelen in een zalig zwoel tempo over mijn gezwollen buik.”