De filmproducent die liefst dag en nacht draaide

Tijdens deopnames van de film Shouf Shouf Habibi! verschijnt een veel te jonge acteur voor de rol van dokter. Er is geen tijd om te wachten op een nieuwe speler. Opnameleider Jos van der Linden twijfelt geen moment en trekt zelf de witte jas aan. „Soms deed hij het werk van acht mensen tegelijk”, zegt vriend en collega Hans Kemna. Het kwam voor dat hij bij één en dezelfde film uitvoerend producent én opnameleider én voorbereidend productieleider was. Van der Linden was volgens Kemna zeer loyaal ten opzichte van de filmprojecten.

„Voor Jos bestond bij draaidagen geen dag en nacht meer. Hij sliep af en toe een paar uur om vervolgens weer urenlang door te werken.” En diezelfde inzet eiste hij van zijn crew. Op die manier heeft Van der Linden „driedubbel geleefd” volgens zijn vrouw Anne, zelf regisseur. Op de filmset van Het verboden bacchanaal , nu 32 jaar geleden, werden zij verliefd; zij was toen nog camera-assistente, hij productieleider.

De praktijk was de leerschool van Jos van der Linden, de zes jaar jongere broer van Wim van der Linden, die filmmaker, cameraman en medebedenker was van tv-figuren Fred Haché, Barend Servet en Sjef van Oekel. Na zijn studie accountancy werkte Jos als boekhouder bij de Amsterdamse herencouturier Ton Verheugen, samen met de latere actrice en casting director Marianne van Wijnkoop. Toen Van Wijnkoop bij producent Rob du Mee ging werken, nam ze Van der Linden mee. Hij werd er de financiële man, ging films budgetteren en later produceren.

Van der Linden maakte bijna veertig jaar lang als (uitvoerend) producent films. De eerste was Rooie Sien van Frans Weisz, in 1975. Later werkte hij onder meer aan grote oorlogsdrama’s als De Aanslag en Zwartboek, maar ook aan films als Costa! en het vorig jaar verschenen Alle Tijd. „Jos was verslaafd aan de film”, zegt regisseur en casting director Job Gosschalk. „Tussen grote films in stond hij zonder probleem op de set van kleinere tv-series.” Hij werkte onder meer aan Wilhelmina en Shouf Shouf. „Hij was als een vader die zorgt voor zijn jongens”, zegt Hans Kemna.

Van der Lindens grote voorbeeld was regisseur Paul Verhoeven. Een paar dagen voor zijn dood verklaarde hij nog dat hij twee jaar van zijn leven zou geven om Verhoevens romanverfilming De stille kracht te mogen produceren. „In hem herkende hij eenzelfde gedrevenheid en passie voor film”, zegt Kemna. Verhoeven en Van der Linden maakten in 1980 Spetters. Op de set leerde Van der Linden motorcrosser Gerrit Wolsink kennen, stand-in en motorleraar van acteur Rutger Hauer. Ze raakten bevriend en Van der Linden ging ook crossen – even fanatiek als hij zijn filmwerk deed.

Op 10 juni overleed Jos van der Linden, 64 jaar oud, onverwachts in zijn slaap. In filminstituut Eye in Amsterdam namen vrienden, familie en de Nederlandse filmwereld afscheid.

    • Joke Beeckmans