Arbiter speelt vaak een grote rol in de finale

De Portugees Pedro Proença fluit morgen de EK-finale tussen Spanje en Italië. Een goede scheidsrechter valt op grote toernooien niet op.

Na het echec van Oranje op het EK in Polen en Oekraïne was even de hoop gericht op scheidsrechter Björn Kuipers. Maar ook die Nederlander viel na de eerste ronde uit. De finale tussen Spanje en Italië wordt zondag in het Olympisch Stadion van Kiev geleid door Pedro Proença. De 41-jarige Portugese scheidsrechter floot ook al de Champions League-finale tussen Bayern München en Chelsea.

Nooit eerder floot een scheidsrechter in hetzelfde jaar de Champions League-finale en de EK-finale. Een goede scheidsrechter valt op grote toernooien eigenlijk niet op. En dat geldt ook voor Proença. Hij floot eerder op dit EK al drie wedstrijden: Spanje-Ierland, Zweden-Frankrijk en Engeland-Italië.

Het verleden leert dat scheidsrechters in finales regelmatig van grote invloed zijn.

De Britse scheidsrechter Howard Webb schatte tijdens de WK-finale van 2010 tussen Spanje en Nederland de karatetrap van Nigel de Jong verkeerd in. De Nederlandse international ontsnapte aan een rode kaart.

En herinnert u zich Jack Taylor nog? De Britse arbiter gaf in de WK-finale van 1974 tussen Nederland en West-Duitsland een strafschop voor een valpartij van Bernd Hölzenbein. In Nederlandse ogen een zuivere schwalbe.

De Zwitser Gottfried Dienst keurde in 1966 tijdens de WK-finale tussen Engeland en Duitsland een doelpunt van Geoff Hurst goed. Vandaag de dag is nog altijd niet met honderd procent zekerheid vastgesteld of zijn inzet in de verlenging over de lijn was.

Pierluigi Collina, de huidige scheidsrechtersbaas van de UEFA, floot zelf in 2002 de WK-finale tussen Brazilië en Duitsland. Vier jaar geleden floot Collina’s landgenoot Roberto Rosetti een vrijwel vlekkeloze EK-finale in Wenen. Omdat la Squadra Azzurra zich voor de finale plaatste, kwam een Italiaanse arbiter nu niet in aanmerking.

    • Koen Greven