9 vragen over veilig zonnen

Wie veel in de zon is, moet zich goed beschermen. Maar hoe? Negen antwoorden.

Hema, SPF 30, 200 ml, 6,95 euro

Twintig jaar geleden lagen zonliefhebbers nog – ingesmeerd met pure kokosolie – op het heetst van de dag te bakken op reflecterende matjes aan de waterkant. Inmiddels weten de meesten wel dat zonlicht huidkanker en rimpels veroorzaakt. De verkoop van beschermende zonnebrandcrèmes is de afgelopen decennia enorm toegenomen. Maar hoe kies je de juiste crème? Negen vragen over zonnebrandcrème.

1. Hoe werkt een zonnefilter?

Eerst even dit: het zonlicht dat de aarde bereikt, bevat twee typen ultraviolette straling. UV-B straling komt voor bij zonnig en onbewolkt weer en maakt dat je verbrandt. UV-A straling is er ook met bewolkt weer, zomer en winter, en bevordert huidveroudering. Beide stralingen kunnen kanker veroorzaken. Een goede zonnebrandcrème moet dus tegen UV-A en UV-B beschermen.

Er zijn grofweg twee beschermingsmethoden: zonnefilters en zonblokkers. Chemische zonnefilters (zie kader) ‘absorberen’ de zonnestraling: de straling gaat in de crème zitten, niet in de huid. Deze filters beschermen vooral tegen UV-B.

Effectiever zijn de zonblokkers (zie kader): die kaatsen de zonnestraling terug, als een spiegel. Nadeel is wel dat ze een witte waas op de huid achterlaten. Dat komt omdat ze uit titaniumdioxide of zinkoxide bestaan: dat laatste ingrediënt zit ook in bijvoorbeeld Sudocrème. Deze babybillenzalf is dan ook een uitstekende zonblokker.

Recentelijk is er een nieuw chemisch filter op de markt: Tinosorb , dit chemische filter werkt ook als zonblokker en beschermt zowel tegen UV-A als UV-B.

2. Zijn alle zonnefilters even veilig?

Over chemische zonnefilters zijn de meningen verdeeld. Jetske Ultee, hoofd huidtherapie van de Velthuis Kliniek, waarschuwt voor zonnefilters met oxybenzone. „Die worden in het lichaam opgenomen, komen in het bloed terecht en beïnvloeden de hormoonhuishouding.” Maar Gertruud Krekels, hoofd van het huidkankerbehandelcentrum in het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven, zegt dat smeren met een middel met oxybenzone „nog altijd beter is dan helemaal niet smeren”.

Iets anders is de toepassing van nanotechnologie in sommige zonblokkers. Om te voorkomen dat de zonnebrandcrème een witte waas op de huid achterlaat, worden de werkzame stoffen in microscopisch kleine deeltjes opgeknipt. Zo smeert de crème beter uit en wordt die beter door de huid opgenomen. Maar „over de veiligheid van producten met nanodeeltjes is nog niet alles bekend”, schrijft de Consumentenbond in de Consumentengids van vorig jaar juni. „Op een gezonde huid kun je zonder problemen zonnebrandmiddelen met nanodeeltjes gebruiken. Maar op wondjes is het niet aan te raden.” Vanaf medio 2013 moet het op de verpakking staan als er nanodeeltjes in een product zitten.

Het nieuwe filter Tinosorb is volgens Ultee „zeer veilig”. „Het beschermt goed, komt niet in het bloed terecht en laat geen laagje achter.”

3. Welke beschermingsfactor is nodig?

Dermatologen in Europa zeggen: minimaal SPF 15. SPF staat voor Sun Protection Factor en geeft aan in welke mate de crème beschermt tegen zonnebrand. Wanneer iemand zich insmeert met een crème met SPF 15, dan kan hij 15 keer langer in de zon blijven zonder te verbranden dan wanneer hij onbeschermd de zon in gaat. Amerikaanse dermatologen adviseren trouwens om sowieso minimaal SPF 30 te gebruiken.

4. Hoe vaak en hoeveel moet je smeren?

Het advies van dermatologen: smeer uzelf in een half uur voordat u de zon in gaat; herhaal dat elke twee uur, of vaker als u in het water bent geweest of veel zweet. Doe dat ook als u met een hoge factor smeert. Smeer vooral ook voldoende. Om de werkelijke SPF-bescherming te krijgen die op het product staat aangegeven, moet er 2 mg per vierkante centimeter op de huid zitten. Onthoud de volgende vuistregel: een halve theelepel voor het gezicht, een eetlepel per arm, been, rug en voorkant lichaam.

5. Beschermt een dure crème beter?

Nee. De Sun Protection Factor van zonnebrandcrèmes wordt in Europa regelmatig gecontroleerd door laboratoria, zegt Krekels. Als op een flesje SPF 30 staat, mag je aannemen dat dit inderdaad zo is. De Consumentenbond testte in 2011 een aantal dure en goedkope producten; ze deden allemaal wat ze beloofden. Wat heet. De zonnebrandcrème van Etos met SPF 20 bleek volgens de meting van de consumentenbond een beschermingsfactor van 71 te hebben.

Ultee merkt wel op: „Hele goedkope producten bevatten bijna altijd ouderwetse filters. Deze geven dan natuurlijk wel de bescherming die op het pakje staat, maar geven ook meer risico op huidirritatie en allergieën.” Crèmes met het filter Tinosorb zijn volgens haar altijd duurder.

6. Moeten kinderen speciale crème

gebruiken?

Nee. Voor kinderen geldt volgens Krekels wel: gebruik een zo hoog mogelijke beschermingsfactor. „Het risico op huidkanker wordt groter naarmate iemand meer uren in de zon heeft doorgebracht. Het is een optelsom. De teller begint te lopen bij de geboorte.” Blanke kinderen met blonde haren lopen het meeste risico. „Bedenk: ten zuiden van Parijs is de zon al gevaarlijk fel. En vandaag de dag gaan kinderen in de zomer naar Spanje, in de winter skiën in Zwitserland en ook nog eens op wereldreis met hun ouders naar Thailand.”

Volgens Krekels is het belangrijk om voor kinderen crèmes te kiezen met zonblokkers, omdat die het effectiefst zijn. „Kijk in de ingrediëntenlijst dus of er titaniumdioxide of zinkoxide in zit.” Ze heeft nog een tip: „Trek kleine kinderen uv-kleding aan. Dan kunnen ze zwemmen en spelen zonder dat de hele tijd hun hele lijf ingesmeerd moet worden.” Wie denkt dat een kind in een wit T-shirtje goed beschermd is tegen de zon, heeft het mis, de beschermingswaarde daarvan is slechts SPF5. Er bestaat een wasmiddel dat aan gewone kleren een laagje uv-bescherming geeft van SPF30 (sunguardsunprotection.com).

7. Is een aparte gezichts

crème nodig?

Uit het oogpunt van kankerpreventie: nee. Maar wie de kans op huidallergieën zo klein mogelijk wil houden, zegt Jetske Ultee, kan beter zoeken naar een zonnebrandcrème zonder parfum en zonder alcohol. „Parfum is allergieveroorzaker nummer 1. En alcohol breekt de natuurlijke beschermingslaag van de huid af.” Verder geeft ook Ultee de voorkeur aan crèmes met zonblokkers, omdat die minder vaak voor allergieën en puistjes zorgen dan de chemische zonnefilters. Wie wil dat een zonnebrandcrème de huid ook verzorgt, moet volgens Ultee kiezen voor een product waar bijvoorbeeld ook vitamine C, cafeïne, groene thee, soja of druivenpitten in zitten.

8. Kan zonnebrandcrème waterproof zijn?

Nee. Het woord ‘waterproof’ mag niet meer op de verpakking staan. Het wekt de suggestie dat iemand uren in het water kan dobberen, zonder zich opnieuw te hoeven insmeren. Een crème kan wel ‘waterresistent’ zijn. Een zonnebrandcrème mag zichzelf ‘Very Water Resistent’ noemen als zij na 40 minuten in het water nog steeds de helft van de aanvankelijke beschermingsfactor heeft.

9. Hoe lang blijven crèmes goed?

Zonnebrandcrèmes met zonblokkers zijn prima te bewaren. Crèmes met zonnefilters verliezen na een jaar hun kracht, zegt Krekels. Maar een zomerrestje kun je volgens haar nog prima wegsmeren in de lente. Overigens blijkt uit een test van de Consumentenbond dat zonnebrandcrèmes wel uitstekend kunnen overwinteren.