Vind geluk op de plek waar je bent

Strakke kubussen en kaarsrechte aardappelvelden vormen het decor van een voorstelling waarin het leven en werk van Tsjechov gevangen wordt. De natuur bepaalt de sfeer en het licht.

Rechts Joke Tjalsma als wijze herder en links Lotje van Lunteren als deserterende soldaat in ‘Geluk. Tsjechov in de Veenkoloniën’. Foto Harry Kock

„De natuur is mijn kader”, zegt acteur Tom Jansen in de voorstelling Geluk, geschreven naar het werk en de persoon van Anton Tsjechov. „De weidsheid van het landschap in de Groningse Veenkoloniën is fabelachtig. Maar ook beklemmend. Ik speel op het ritme van het verstrijkende avondlicht.”

In het vlakke land bij Veendam, bij het lintdorp Zuidwending, vertolkt Tom Jansen een verliefde veearts. Elke dag bezoekt hij een vrouw (Veerle van Overloop) om haar zijn liefde te verklaren. Ze wijst hem af. En vraagt tegelijk of hij terug wil komen. Voor de arts staat dit zweven tussen hoop en wanhoop gelijk aan geluk.

Geluk is ook de overkoepelende titel van drie nieuwe, korte eenakters naar de verhalen Anton Tsjechov. Regisseur Michiel Johannes Jansen beklemtoont in zijn regie de band tussen het landschap en Tsjechovs proza. De stukken heten Nog meer eeuwige liefde, De wending en Typisch Tsjechov.

De plaats van handeling is spectaculair. Drie reusachtige houten kubussen, met een wand van glas, domineren het landschap. Door die glazen wand „dendert het lege landschap de speelvloer op”, aldus de regisseur. De kubussen zijn ontworpen door het Groningse architectenbureau Onix. De maatvoering van 6 × 6 meter is ontleend aan de basisafmetingen van boerderijen in het Oldambt, Oost-Groningen. Zowel de acteurs als het publiek bevinden zich tijdens de voorstelling in de kubus. Jansen ontdekte een bijzonderheid: hij kent huizen in de Franse Bourgogne, en ook die hebben als basis 6 × 6. „Het is een heerlijke afmeting, niet alleen om in te wonen, ook om in te spelen”, aldus Jansen.

Het uitzicht is tegelijk het decor. Als Lotje van Lunteren tegen een oude herder, treffend vertolkt door actrice Joke Tjalsma, rept over „geluk”, dan bedoelt ze daarmee juist die onafzienbare akkers. Van Lunteren vertolkt de rol van verdwaalde soldaat, heen en weer geslingerd tussen zijn bataljon en een vrouw. Op prachtige wijze maant Tjalsma de deserterende soldaat aan „geluk te vinden op de plek waar je bent”. Geluk betekent: niet naar elders verlangen.

„In de stad is het altijd mogelijk op jacht te gaan naar een nieuwe geliefde”, zegt Jansen. „In de verlatenheid van dit landschap en in de beslotenheid van een dorp ben je op elkaar aangewezen.” Hij prijst de „rationaliteit” van de aardappelvelden: rechte lijnen die de blik meenemen de verte in. Daarom passen voor hem de strak ontworpen kubussen zo volmaakt. Het zijn „verrukkelijke theaters, waarin de natuur de sfeer en het licht bepaalt”.

Niet alleen de melancholicus Anton Tsjechov, ook de humorist en satirische waarnemer van menselijk gedrag komt aan de orde. In Typisch Tsjechov verbeelden de acteurs de strijd tussen het eenzame veenkoloniale dorp en de grote stad. En passant schetsen zij de intrigerende geschiedenis van het landschap. Mooi is het beeld van „veenmos”: een plant die groeit zonder wortels. De veenarbeiders, gelukzoekers en maatschappelijke verschoppelingen die in de Veenkoloniën terechtkwamen, zijn echte Tsjechov-personages: zoekenden, ontwortelden, vergeefs verliefden. Zó echt Tsjechov kan een schouwburgzaal nauwelijks bieden. Zoals Tom Jansen zegt: „Mijn veearts put ondanks alles hoop uit die kale aardappelakkers. Ook hij weet dat de vrouw van zijn dromen nergens heen kan.”

Geluk. T/m 8/7 op locatie in Zuidwending. Inl. gelukscompagnie.nl

    • Kester Freriks