‘Treinreizigers moeten zo nu en dan vrede hebben met wachten’

Treinreizigers „pikken het niet” als er storingen zijn op het spoor. Minister Schultz roept op tot wat meer clementie. „Met sneeuw en bliksem kan ik niet zoveel.”

Drie winters achtereen verzandde het treinverkeer in een chaos door sneeuw en vorst.

In Amsterdam vielen in april één dode en 117 gewonden toen er een trein door rood reed.

En vorige week maandag liep het bij Utrecht vast na blikseminslag.

Het gaat niet lekker op het spoor. Politiek en samenleving morren, vooral over spoorbeheerder ProRail en NS. De commissie-Kuiken zorgde in februari voor nieuwe munitie met een kritisch rapport: 1,4 miljard euro onderhoudsgeld is verkeerd besteed en er zijn „ernstige zorgen” over de veiligheid op langere termijn.

Binnenkort verdedigt demissionair minister Melanie Schultz van Haegen (Infrastructuur, VVD) zich tegen die kritiek. Het grootste probleem, zegt ze, is dat het spoor zo drukbereden is: „Het treinverkeer presteert heel goed. Maar als het misgaat, loopt het écht helemaal vast. Daar valt nog wel het een en ander te verbeteren. Kijk bijvoorbeeld naar de meest kwetsbare plekken: Utrecht en Amsterdam. Zorg voor betere wissels en regel dat onderhoudsploegen daar altijd in de buurt zijn.”

Daarmee los je de drukte toch niet op?

Schultz: „We hebben het programma ‘Hoogfrequent spoor’, waarbij meer treinen op hetzelfde spoor rijden. Daarmee maak je het systeem nog kwetsbaarder. Het is nu de tijd er nog eens goed naar te kijken. Het systeem kraakt in zijn voegen. En kijk ook naar de dienstregeling. Als er nu een trein uitvalt, regelen we een alternatief in de bestaande dienstregeling. Die raakt dan verder ontregeld. Je kunt ook zeggen: ‘We laten uw trein uitvallen, zodat we snel volgens normale dienstregeling kunnen rijden. U heeft even pech. U moet een andere manier van reizen vinden’.”

Geen fijne boodschap...

„De reiziger pikt het nog steeds niet als het systeem stilligt. Die wordt daar heel boos over. Soms bevreemdt mij dat. Neem het winterweer. In december 2010 stond er bijna 900 kilometer file op de weg en moesten mensen op Schiphol op veldbedjes overnachten. En toch fixeerde de hele discussie zich weer op het spoor.”

Treinreizigers moeten niet zeuren?

„Ik begrijp dat treinreizigers zich machtelozer en afhankelijker voelen, omdat ze niet even een andere weg kunnen inslaan. Maar iedereen moet ook beseffen dat het spoor geen product is waar je nul risico loopt. Zeker niet als het gaat om de natuur. Die overwint ons nogal eens.”

ProRail en NS treft geen blaam?

„Het gaat niet om de sneeuw en de bliksem, daar kan ik niet zoveel mee. Het gaat om wat er daarná gebeurt. Veel mensen zijn hard bezig de techniek te verbeteren, maar dat zie je niet als je op het perron staat. De reiziger wil weten hoe lang het duurt en wat het alternatief is. Of neem onderhoud. Rijkswaterstaat maakt afspraken met aannemers dat ze tijdens werk aan de weg voor goede doorstroming van het verkeer zorgen. Ze krijgen een bonus als ze sneller opleveren. Zoiets kan ook voor het spoor. Dat wordt nu helemaal stilgelegd.”

Hoe gaat u daar voor zorgen?

„Ik en mijn opvolgers moeten de touwtjes strakker in handen nemen. Niet zeggen: zoveel procent van de treinen moet op tijd rijden. We moeten meer op detail sturen. Bij de wegen hebben we de top 50-fileknooppunten bepaald en gezegd: die lossen we op. Maak bijvoorbeeld een top 20 van meest gevaarlijke overwegen.”

Dan kunt u ProRail beter gelijk onder de overheid brengen, zoals een meerderheid van de Kamer wil.

„Ik overleg vaker dan vroeger met ProRail en NS. Dat is veel beter dan zo’n discussie over de structuur. Los eerst de problemen op in plaats van gelijk de hele ordening overhoop gooien. ProRail is niet voor niets op afstand gezet. Het verdeelt de spoorcapaciteit, eerlijk en transparant. Als wij dat gaan doen, terwijl we ook 100 procent-aandeelhouder van NS zijn, wordt het er niet eenvoudiger op.”

Niets veranderen dus?

„De discussie blijft in de Kamer oppoppen. Ik wil er best naar kijken. Als aan het einde van de rit blijkt dat het toch nodig is, prima. Maar verwacht niet dat spoorproblemen ineens zijn opgelost als ik de raden van bestuur en van commissarissen van ProRail en NS samenvoeg.”

U bent minister van Infrastructuur maar we kennen u vooral van de ellende op het spoor. Frustrerend?

„Ik heb me ook heel veel met wegen beziggehouden, maar daar loopt het gewoon goed. Als er iets misgaat op het spoor, leidt dat altijd onmiddellijk tot heftige politieke debatten. ”