Loutering van de ziel

SoulDexys:One Day I’m Going To Soar ****

Maar liefst 27 jaar zaten er tussen de laatste studioplaat van Dexys Midnight Runners en het comebackalbum One Day I’m Going To Soar, uitgebracht onder de naam Dexys. Hoewel het nadrukkelijk geen soloplaat van zanger Kevin Rowland mag heten, is het een uiterst persoonlijke tour de force van de getroebleerde frontman. Hij is erin geslaagd om met oudgedienden Mick Talbot (toetsen) en Big Jim Paterson (trombone/co-songschrijver) een nieuwe versie van zijn blanke soulgroep uit de grond te stampen.

De felle blazersarrangementen uit de beginperiode en de zwierige zigeunerfolk van het album Too-Rye-Ay hebben elk hun plaats gevonden in een terughoudender aanpak, hoewel het opgewonden standje Rowland zijn stem nog altijd binnen één couplet van fluisterzacht tot orkaansterkte kan laten escaleren.

Dexys nieuwe stijl heeft elementen van de vorige bezettingen, met name in de wisselwerking tussen Rowlands rafelige stembuigingen en de viool die dit keer niet door één, maar door zeven verschillende violisten wordt bespeeld. De combinatie van blazers en folkachtige fiddles haalt het oude Midnight Runnersgevoel van Come on Eileen terug, terwijl Rowlands unieke Britse soulgevoel uit alle zinswendingen ademt. In openingsnummer Now verhaalt hij over „your sad Irish face”: woorden die tot zijn spiegelbeeld gericht zouden kunnen zijn. Met het door de hele groep gescandeerde „We got to go” vertrekken de bandleden op een zoektocht naar de zwarte randen van de ziel en de verlossing die muziek maken hun biedt. Liefde, ambitie en verlangen naar de idealen van vroeger worden verbeeld met muziek die perfect is in al haar details en uitbarstingen, maar die zeldzaam spontaan uit de groeven spat.

In zijn teksten geeft Rowland een onwaarschijnlijk rauw verslag van de turbulentie in zijn leven, van het nooit vervulde verlangen om te kunnen vliegen tot de relatieproblemen die in Incapable of love bijna letterlijk worden uitgevochten met zangeres Madeleine Hyland. One Day I’m Going To Soar is een tijdloze plaat die qua sound en intentie in de hoogtijdagen van Dexys Midnight Runners anno 1982 gemaakt had kunnen zijn, maar die de reflectie van de jaren nodig had om zulke intense emoties te kunnen herbergen. De berusting die spreekt uit Nowhere is home, met een terugblik op het succes dat bij nader inzien geen luizenleventje blijkt te zijn geweest, is niet aan alle popzangers gegeven. Voor Kevin Rowland is muziek geen vrijblijvend gebruiksartikel, maar een loutering van de ziel waar je als luisteraar in wordt meegezogen. Hij kan het, nog steeds.