Is deze EU-top de ‘top der toppen’? Voor de korte termijn zeker niet

De vlaggen van de Europese Unie hangen in Brussel, klaar voor de tweedaagse top. Foto AFP / Georges Gobet

Vandaag begint de tweedaagse EU-top in Brussel. Een van de belangrijkste onderdelen is het ‘masterplan’ van Van Rompuy, waarin hij vier punten opsomt die een solide firmament voor het toekomstige Europa moeten vormen. Maar dat levert op de korte termijn nog niets op.

Van Rompuys plan, Hollandes groeipact en Monti’s bazooka’s

Het vierpuntenplan van Van Rompuy is een van de belangrijkste onderdelen van de top. De voorzitter van de Europese Raad beloofde aan het begin van deze maand met een ‘masterplan’ voor de eurozone te komen. Zijn voorstel ligt morgenochtend op tafel in Brussel.

Dat is niet het enige. Vandaag hebben de EU-leiders dan al de meerjarenbegroting van de Unie voor 2014 tot 2020 besproken. En ze hebben Hollande de tijd gegeven zijn ‘groeipact’ te presenteren. Na twee jaar begrotingsdiscipline, gedicteerd door Duitsland en de ECB, wil de Franse president een pakket maatregelen die de groei gaan aanwakkeren. Met Merkel, Rajoy en Monti sprak hij onlangs af daar 130 miljard voor uit te trekken.

Monti zal ondertussen vooral willen horen dat er op korte termijn al ‘bazooka’s’ worden ingezet om de schuldencrisis te lijf te gaan, zegt onze correspondent in Brussel, Caroline de Gruyter. Monti wil dat het noodfonds staatsobligaties opkoopt van landen die hervormingsbereidheid tonen en dat Merkel akkoord gaat met de invoering van eurobonds. De rentes die Italië en Spanje betalen op hun staatsleningen, stijgen en stijgen. Als dat niet snel aangepakt wordt en Italië begint te schuiven, heeft  dat langetermijnplan van Van Rompuy geen zin meer. Met die dringende boodschap zal de Italiaanse premier de ontmoeting met zijn ambtsgenoten - en in het bijzonder Merkel - aangaan.

De vier punten van Van Rompuys plan

Dat de hoofdmoot van het ‘masterplan’ van de voorzitter van de Europese Raad zou zijn samen te vatten als ‘meer economische, financiële en politieke integratie binnen de eurozone’, dat stond al vast. Deze week werd duidelijk dat hij deze vier voorstellen ziet als basis voor het toekomstige Europa:

  1. Europa krijgt meer te zeggen over begrotingen van eurolanden;
  2. Euro-obligaties (of ‘eurobonds’) komen er, in beperkte vorm;
  3. Er komt een Europees depositogarantiestelsel;
  4. Er komt een euro-ministerie van Financiën.

De Gruyter over het plan (dat hier als pdf te vinden is):

“Het was de opdracht van Van Rompuy om een solide firmament voor Europa te schetsen en dit is daar de uitkomst van. Het zijn dingen die twintig jaar geleden al geopperd werden. De eurocrisis zorgt ervoor dat wat Kohl en Mitterrand destijds op het ijs zetten, nu eindelijk op tafel ligt tussen Merkel en Hollande. Met het mes van de markten op de keel.”

Maar verwacht hier geen snelle wonderen van. Van Rompuy benadrukte dat hij deze week ‘algemene overeenstemming’ wil en pas in december de details wil invullen. Dat laat zien dat hij zijn plan voorzichtig wil brengen. Op de top daarom geen discussie, en al helemaal geen aanpassingen in de tekst, want het zijn nog slechts de contouren. De Gruyter:

“Ze kunnen, als ze willen, allen hun zegje doen en dat is dat. Omdat bijna elke regeringsleider wel ergens moeite mee heeft – van eurobonds tot Europees depositogarantiestelsel – zijn maanden nodig om te bedenken wat eurolanden met deze bouwstenen doen. In oktober of december wil Van Rompuy komen met een concrete agenda: dit doen we dit jaar, dat volgend jaar. Het kan, zo staat in de tekst, ‘een decennium’ duren voor alle remedies zijn uitgevoerd.”

Een compromis waarin iedereen ergens gepaaid wordt

Het lijkt erop dat alle grote eurolanden allemaal een beetje hun zin krijgen in het plan van Van Rompuy. Duitsland wil naar een politieke unie waarin macht wordt overgedragen aan een supranationaal gezag (punt 1). Voor Frankrijk ligt soevereiniteit overdragen aan Europa juist gevoelig; Hollande wil ten eerste dat euro-obligaties bespreekbaar worden (punt 2). Italië wil ook dat er geleidelijk zulke eurobonds ingevoerd worden.

Van Rompuy lijkt er dus tussen te gaan zitten: een bankunie en een politieke unie die tegelijkertijd het levenslicht zien. Een voorstel met voor elk wat wils. Maar ook een voorstel waar geen oplossingen voor de korte termijn uit voort komen.

En Rutte? Met welke pet op reist hij naar Brussel?

Uit het debat dat gisteren in de Tweede Kamer werd gehouden over de EU-top bleek dat Rutte niet met een eensgezinde boodschap in Brussel aankomt. Duidelijk is welke partijen tegenover elkaar staan. PVV en SP verwijzen het voorstel van Van Rompuy naar de prullenbak, terwijl PvdA, GroenLinks en D66 juist hechtere Europese afspraken willen maken. Het CDA is gematigd: een bankunie is een goed idee, maar niet op de korte termijn.

En dus gaat Rutte met een ‘praktisch midden’ tussen de twee uitersten naar Brussel, schreven Erik van der Walle (politiek redacteur) en Marike Stellinga (economieredacteur) gistermiddag in de krant:

“Niet overdreven positief zijn over Europa en niet overdreven negatief. Of volgens een geliefd VVD-motto: elkaar in Europa de maat nemen, maar niet de wet voorschrijven. Tot nu toe stelde Rutte zich in Europa onwillig op. Hij heeft geen zin in de ‘institutionele vergezichten’ van Van Rompuy.”

Stellinga en Van der Walle besluiten:

“Zowel in Europa als de Kamer geldt: de oplossing voor de lange termijn is niet het probleem. De maatregelen voor de korte termijn wel.”

Maar juist waar het de korte termijn betreft, kunnen we nu niet spreken van de ‘top der toppen’.