Diplomatiek spel rond wieg Jezus

De Palestijnen willen dat de Geboortekerk van Jezus in Bethlehem op de Unesco-werelderfgoedlijst komt. Israël en de VS liggen dwars. Morgen valt het besluit.

De Geboortekerk van Jezus is erfgoed dat al lang inzet is van conflict. Deze foto is uit 1947, toen Britse soldaten er hun intrek hadden genomen. Foto AP

De 130 centimeter lage ‘deur der deemoed’, die bukkende bezoekers toegang biedt tot de Geboortekerk in Bethlehem, is volgens de overlevering zo klein om plunderaars te paard tegen te houden – ten tijde van het Ottomaanse Rijk. Tien jaar geleden belegerden Israëlische tanks de kerk waarin Palestijnse militanten hun toevlucht hadden gezocht. In december gingen Grieks-orthodoxe en Armeense geestelijken elkaar hier met bezems te lijf.

Al lang is de Geboortekerk inzet van conflict. Momenteel wordt de strijd echter mondeling gevoerd, door diplomaten, achter bureaus, ruim 3.000 kilometer verderop, in het Russische Sint Petersburg.

Daar is de werelderfgoedorganisatie Unesco bijeen om te besluiten over de Palestijnse spoedaanvraag voor de Geboortekerk, in de zesde eeuw gebouwd, waar volgens christenen Jezus werd geboren. Precies waar een zilveren ster is ingelegd in wit marmer. Opgenomen in de aanvraag voor erkenning als werelderfgoed is de Pelgrimsroute, een stukje weg dat Maria en Jozef voor de bevalling zouden hebben afgelegd, door de huidige Sterstraat naar het Kribbeplein.

Daar lopen nu busladingen Russinnen met sjaaltjes achter een gids met een parasolletje aan. Een plek op de werelderfgoedlijst heeft Bethlehem niet nodig om mensen te trekken: vorig jaar trok de stad, amper acht kilometer bezuiden Jeruzalem, twee miljoen bezoekers. Het probleem is, zeggen de Palestijnen, dat de toeristen veelal met Israëlische reisorganisaties komen en na een blik in de kerk de stad meteen verlaten. Ze geven hier te weinig geld uit.

En dat is tegelijk het probleem van de kerk, zegt George Saade, locoburgemeester van de Palestijnse stad op de Westelijke Jordaanoever, waarvan Israël de toegang controleert. „Door de Israëlische bezetting hebben wij onvoldoende economische capaciteit om zelf voor ons erfgoed te zorgen.”

Het cederhouten dak van de kerk lekt en rot. Vuilgrijze strepen van regenwater lopen langs pilaren waarop met moeite fresco’s zijn te ontwaren. Op de muren: schimmelplekken en afgeweekt pleisterwerk. De laatste renovatie vond in de jaren vijftig plaats. Toetreding tot de werelderfgoedlijst betekent in elk geval aanspraak op fondsen voor restauratie. En prestige voor de stad.

De erkenning komt er, gelooft locoburgemeester Saade. „Wat ter wereld is belangrijker dan de geboorteplaats van Jezus?” Maar al twijfelt niemand aan de universele waarde van de kerk, en al is ‘Palestina’ sinds kort volwaardig Unesco-lid, het is twijfelachtig of Bethlehem morgen aan de werelderfgoedlijst wordt toegevoegd.

Een commissie van Unesco die de aanvraag taxeerde, oordeelde namelijk dat de Palestijnen onvoldoende aantonen waarom de Geboortekerk in een spoedprocedure moet worden behandeld. De kerk is niet „zwaar beschadigd of onmiddellijk bedreigd”, aldus het rapport van de commissie. Zij adviseerde de Palestijnen een uitgebreidere aanvraag in te dienen voor behandeling volgens de gebruikelijke termijn: halverwege 2014.

De Palestijnen willen echter niet van wijken weten. De kerk staat niet op instorten, erkent Omar Awadallah van het ministerie van Buitenlandse Zaken, „maar wij geloven dat heel Palestina in gevaar is. Morgen kunnen de Israëlische tanks weer binnenrollen”.

Het adviesrapport is volgens de Palestijnen „gepolitiseerd” en beïnvloed door Israël en de VS. Deze landen stemden eerder tegen toetreding van ‘Palestina’ tot Unesco en bevroren uit protest hun bijdragen: een kwart van Unesco’s jaarbudget.

De kritiek van de VS en Israël luidt eveneens dat de Palestijnse presentie bij Unesco politiek is gemotiveerd. Dat klopt ten dele, aldus Awadallah. „De politieke winst is dat we internationale erkenning krijgen voor Palestina.” Een stem voor de Geboortekerk, zegt hij, is een stem voor Palestijns zelfbeschikkingsrecht.

De aanvraag is onderdeel van een campagne van de Palestijnse president Mahmoud Abbas om erkenning te krijgen voor een Palestijnse staat. Zijn aanvraag voor VN-lidmaatschap, september vorig jaar, strandde bij de Veiligheidsraad. De stemming van 107 landen voor Palestijnse toetreding tot Unesco, in oktober, is zowat de enige triomf die Abbas boekte op het diplomatieke pad dat hij insloeg nadat onderhandelingen met Israël volledig waren vastgelopen.

Als de aanvraag voor de Geboortekerk wordt afgewezen, proberen de Palestijnen het over twee jaar weer. Samen met een aanvraag voor het graf van aartsvader Abraham, of Ibrahim, in Hebron. Een nominatie voor Jericho, de stad die onlangs zijn tienduizendste verjaardag vierde. Misschien ook de Dode Zee, en wie weet wat meer. Er is erfgoed genoeg.

    • Leonie van Nierop