Californië koestert zijn illegalen

Het Hooggerechtshof keurde deze week een harde aanpak van illegalen in Arizona af. Geen ramp, blijkt in Oakland, waar illegalen al jaren in rust leven. ‘Ik ben hier geworteld.’

SAN FRANCISCO, CA - JUNE 19: A barber takes a nap on his chair inside his barber shop on June 19, 2012 in San Francisco, California. According to a study released today by the Pew Research Center, Asians have passed Hispanics to become the largest group of new immigrants to the United States, bringing the population of Asians to a record 18.2 million. An estimated 430,000 Asians immigrants, both legal and illegal, immigrated to the U.S. in 2010, compared with 370,000 Hispanics. In 2007, close to 390,000 Asians immigrated compared to 540,000 Hispanics. Justin Sullivan/Getty Images/AFP == FOR NEWSPAPERS, INTERNET, TELCOS & TELEVISION USE ONLY == AFP

Altijd als Pancho Ramos Stierle (37) op straat zijn papieren moet laten zien, haalt hij een handje cacaobonen en maïskorrels uit zijn broekzak. Dat is wie ik ben, zegt hij, iets anders heeft hij niet. „Ik ben net zo geworteld in Californië als cacao en maïs, die hier al een eeuwigheid groeien.”

Daar komt hij mee weg. Al vier jaar woont de Mexicaan illegaal in Californië. Acht jaar geleden kwam hij als veelbelovend astrofysicus naar de universiteit van Berkeley. Na vier jaar hield hij het voor gezien, na een conflict met de universiteit over kernwapens. Hij verloor zijn verblijfsstatus en begon een zwerftocht door Californië.

Sinds een jaar woont Pancho Stierle zonder vast werk in Fruitvale, een migrantenwijk in Oakland waar bijna alleen Mexicanen wonen. Hij voelt zich hier thuis. De deur van zijn huisje zit nooit op slot. In de tuin verbouwt hij groenten. Er lopen kippen rond. „Als ze me willen uitzetten, of mijn buren, dan weten ze ons te vinden. Maar het gebeurt niet. Californië heeft illegalen nodig, ze laten ons met rust.”

Californië, de staat met tussen de twee en drie miljoen illegale immigranten, verzette zich jarenlang fel tegen de toestroom van migranten uit met name Guatemala en buurland Mexico. In 1994 was het de eerste staat die illegalen de toegang tot zorg en onderwijs verbood. Die wet werd na vijf jaar ingetrokken.

De laatste jaren neemt de staat juist een tolerantere houding aan. Deze week besloot de gemeente Berkeley niet langer politiegegevens van aangehouden illegalen te delen met de nationale immigratiedienst. Illegale studenten aan de universiteiten – aan Berkeley zijn het er ruim zeshonderd – krijgen sinds een paar maanden collegegeld.

Belangrijker nog is dat de jacht op illegalen in feite voorbij is. Vorig jaar belandde Pancho Stierle in de cel toen hij meedeed aan een Occupy-protest in Oakland. „Al mijn vrienden waren bang dat ik zou worden uitgezet. Ik kreeg tien huwelijksaanzoeken, drie van mannen, omdat ze me wilden redden.” Het was niet nodig: Stierle werd vrijgelaten.

Het is een opmerkelijke nieuwe wind, zeker omdat het in gaat tegen de trend van andere zuidelijke staten die ook kampen met illegale immigratie. Arizona nam in 2010 een wet aan die het verst ging, en deels gebaseerd was op de alweer ingetrokken Californische wet. Agenten mogen in Arizona mensen aanhouden als ze vermoeden dat die illegaal zijn. Als dat zo blijkt te zijn, volgt uitzetting.

„De meeste illegalen komen hier niet voor werk, maar voor de drugshandel”, zei gouverneur Jan Brewer in reactie op de protesten. Het Hooggerechtshof oordeelde deze week dat een groot deel van Arizona’s wet ongrondwettig is. Wel keurde het Hof de aanhouding van mogelijke illegalen goed. Na Arizona namen vijf zuidelijke Republikeinse staten soortgelijke wetten aan.

De polarisatie tussen Democraten en Republikeinen, die meestal vooral als typerend voor Washington wordt gezien, is ook op een lager niveau zichtbaar, en des te meer. Democratische en Republikeinse staten staan op gevoelige thema’s steeds verder van elkaar af. De Democratische staat Californië verbrak in 2010 uit protest zakelijke banden met Arizona, en nam een serie maatregelen die het leven van illegale immigranten juist versoepelen. Het zijn maatregelen die goed liggen bij de kiezers in Californië, waar bijna 40 procent een latino-achtergrond heeft.

De wijk Fruitvale, waar Pancho Stierle woont, is in een paar jaar tijd een suburbia voor illegalen geworden. De huizen staan vrij, er spelen kinderen op straat. Er zijn bijna alleen Mexicaanse restaurants en supermarkten. De meeste inwoners zijn illegalen, die zich vroeg in de ochtend verzamelen op het parkeerterrein van warenhuis Walgreens. Restauranthouders, aannemers en boeren pikken daar in busjes hun werknemers op.

Diego Sanchez, een huisschilder uit Guatemala met een zilveren gebit, betaalde vijfduizend dollar aan een ‘coyote’ (mensensmokkelaar) om naar de Verenigde Staten te worden gesmokkeld. „Het is hier beter dan in Arizona, waar ik eerder werkte”, zegt hij, in de schaduw van een reclamebord wachtend op werk. „We worden met rust gelaten, en we kunnen daardoor meer geld vragen. Bazen kunnen niet meer dreigen ons aan te geven. In Arizona krijg je drie dollar per uur, hier minimaal acht.”

Sanchez doet alles wat hem gevraagd wordt. „De economie drijft op mensen als wij. De Amerikaanse economie kan niet zonder goedkoop personeel. Dat weten ze hier.”

De vrijheid heeft een keerzijde, zegt hij. Ook Mexicaanse drugsbendes maken gebruik van de tolerante houding in de staat. „’s Avonds vechten ze hier hun oorlogjes uit. Twee gangs willen de macht in Fruitvale.” Onlangs werd een peuter doodgeschoten, zegt hij, die in een vuurgevecht beland was.

Pancho Stierle heeft grote plannen om Fruitvale op te knappen. Hij loopt rond en wijst aan waar hij kunstprojecten wil beginnen, en stadsboerderijen. Als de wijk opknapt, redeneert hij, verbetert het imago van illegalen. „We worden nu als een probleem gezien. We worden vervolgd in Arizona en gedoogd in Californië, maar nergens zijn we geliefd.”