Rutte moet schipperen op EU-top

De Kamer praat vanmiddag over de inzet van Nederland op de EU-top. Maar premier Rutte krijgt geen eensgezinde boodschap mee.

Premier Rutte zal weinig fantasie nodig hebben om te verzinnen welke verwijten hij vanmiddag in de Tweede Kamer krijgt. Een dag voor de Europese top wordt hem zonder twijfel verteld dat hij geen duidelijke Europese visie heeft of dat hij met twee monden spreekt. In Brussel binnenskamers ja zeggen tegen Europese plannen, in Den Haag hardop nee tegen dezelfde plannen.

Diezelfde Kamerleden krijgen vandaag de kans om de Nederlandse inbreng voor de eurotop van morgen en vrijdag duidelijk te maken. Hoe moet Rutte reageren op de plannen van Europees president Herman Van Rompuy, die onder meer pleit voor meer Europese controle op nationale banken en nationale begrotingen? De hakken in het zand of juist een stap richting een federaal Europa?

Een duidelijke boodschap zal Rutte echter niet van het parlement krijgen. De verdeeldheid die in Europa bestaat, bijvoorbeeld tussen Duitsland en Frankrijk, is net zo groot als in de Kamer. Het Europa van de SP ziet er heel anders uit dan dat van de PvdA.

De Europa-standpunten van PVV en SP zijn helder. Zij zijn tegen een verdere federalisering, zoals Van Rompuy nu voorstelt. Samen met andere euro-kritische partijen gaat het bijna om een derde van de Kamer.

Maar Rutte krijgt vandaag ook een heel andere boodschap uit het parlement. PvdA, GroenLinks en D66 zien de eurocrisis juist als aansporing om hechtere Europese afspraken te maken. Dat is voor die partijen – ook een derde van de Kamer – de enige manier om uit de crisis te komen. Het CDA is gematigder: een bankunie is prima, maar niet als oplossing voor de korte termijn.

Wat rest voor demissionair premier Rutte is het praktische midden tussen deze twee uitersten: niet overdreven positief zijn over Europa en niet overdreven negatief. Of volgens een geliefd VVD-motto: elkaar in Europa de maat nemen, maar niet de wet voorschrijven. Tot nu toe stelde Rutte zich in Europa onwillig op. Hij heeft geen zin in de „institutionele vergezichten” van Van Rompuy. Daarmee slaat hij een andere toon aan dan Berlijn. Bondskanselier Angela Merkel verklaart steeds openlijker haar liefde aan een politieke unie, waarin soevereiniteit aan Brussel wordt overgedragen.

De bewoordingen verschillen scherp, maar uiteindelijk hebben Nederland en Duitsland een gezamenlijk doel: de euro redden zonder dat ze een vrij toegankelijke pot met geld klaarzetten voor landen met schuldproblemen. Duitsland staat onder grote druk van Frankrijk, Italië en Spanje om haar uitmuntende kredietwaardigheid in te zetten voor de rest van Europa, bijvoorbeeld door gezamenlijk obligaties uit te geven.

Maar voordat Merkel daarmee instemt, wil ze controle kunnen hebben over wat de eurolanden met hun geld doen. Rutte en Merkel vrezen een land als Spanje, dat de eigen banken en de eigen regionale overheden niet onder controle heeft, te moeten gaan subsidiëren. Dit doel heeft Van Rompuy ook. Maar zowel in Europa als de Kamer geldt: de oplossing voor de lange termijn is niet het probleem. De maatregelen voor de korte termijn wel.

In het nieuws: pagina 4-5

    • Marike Stellinga
    • Erik van der Walle