India hoopt op nieuw elan van bejaarde premier

De Indiase regering maakt al maanden een matte indruk en de economie hapert. Het vertrek van de minister van Financiën opent echter nieuwe perspectieven.

De vertrekkende Indiase minister van Financiën Pranab Mukherjee (in stoel) ontspant zich bij zijn zuster in het dorp ten noordwesten van Kolkata (Calcutta) waar beiden opgroeiden. Mukherjee wordt naar verwachting president. Foto AFP

Opeens is de Indiase politiek weer in beweging. De afgelopen maanden maakte de regering in New Delhi een verlamde indruk. Op financieel-economisch gebied bleven effectieve maatregelen uit en dat wreekt zich in deze ook voor India zware tijden.

Het aftreden van Pranab Mukherjee, de minister van Financiën, lijkt echter nieuwe kansen te bieden. Gisteren diende hij zijn ontslag in, met een brede lach. Hij is voorgedragen voor het overwegend ceremoniële presidentschap door de regerende coalitie van de Congrespartij en enkele kleinere partijen. Mukherjee (77) is een oudgediende in de Congrespartij die al jaren een sleutelrol in de regering speelde. Maar volgens veel commentatoren kan met zijn vertrek eindelijk ruimte ontstaan voor economische hervormingen.

Niet alle analisten geloven in een doemscenario voor de Indiase economie. Haar omvang neemt nog steeds toe, met cijfers waar Nederland alleen maar van kan dromen. Maar het valt niet te ontkennen dat de economische groei van het eens zo veelbelovende BRICS-land afneemt, al twee jaar lang. In het eerste kwartaal van 2012 groeide het bruto binnenlands product met 5,3 procent: de slechtste prestatie in negen jaar.

De Indiërs wijzen steeds nadrukkelijker beschuldigend naar de eigen politici. Ze nemen geen genoegen meer met verwijzingen naar de slechte economische situatie in Europa en de Verenigde Staten. Die kan de groeivertraging slechts deels verklaren. Het afschrikken van investeerders, de belabberde infrastructuur en het gebrek aan fiscale discipline werken volgens analisten minstens zo remmend. Dat zijn binnenlandse factoren die vragen om politieke maatregelen. En intussen stijgt de inflatie (7,55 procent in mei) en keldert de rupee. De Indiase munt daalt momenteel sneller dan de euro en is naar verhouding lange tijd niet zo weinig waard geweest.

„Onze politici stellen belangrijke beslissingen uit”, zegt Anil Kumar, een 35-jarige medewerker van een softwarebedrijf. „Mijn salaris wordt af en toe verhoogd, maar de prijzen stijgen sneller. En niemand doet iets.”

Ook analisten en het bedrijfsleven hekelen de politieke inertie van de laatste jaren. In een brief aan zijn (grotendeels buitenlandse) aandeelhouders schreef topbankier Deepak Parekh van HDFC, India’s grootste hypotheekverstrekker, dat „het gebrek aan politieke wil” India remt. Volgens hem zijn de meeste problemen „door onszelf veroorzaakt – een gebrek aan fiscale eerlijkheid, compromisloze coalitiepartners, de onwil om consensus te bereiken over belangrijke wetgeving, geblokkeerde hervormingen, corruptieschandalen en een apathische houding jegens buitenlandse investeringen.”

Ondernemers en analisten willen verdergaande liberalisering. Belangrijk is het afbouwen van staatssubsidies op onder meer brandstof, die stevig bijdragen aan het te hoge begrotingstekort. Ook wordt gepleit voor het toelaten van meer buitenlandse investeringen, ook als dat ten koste gaat van Indiase gebruiken en arbeidsplaatsen.

Volgens insiders wil de zwijgzame premier Manmohan Singh, die in 1991 als minister van Financiën de liberalisering van de economie voortvarend ter hand nam, de economie vlot trekken. Er liggen negen ingrijpende wetsvoorstellen te wachten op behandeling. Vooralsnog worden ze tegengehouden, vooral uit vrees tientallen miljoenen arme kiezers te benadelen die nu subsidies krijgen. Dat ligt gevoelig. In maart kon de minister van Spoorwegen vertrekken nadat hij een minimale prijsverhoging van de treinkaartjes had voorgesteld om de sterk verouderde spoorwegen wat lucht te geven. Het was de eerste verhoging in acht jaar.

Premier Singh zou Mukherjee liever kwijt dan rijk zijn. Die hield vast aan een controversiële bepaling die buitenlandse bedrijven verplicht met terugwerkende kracht belasting te betalen over transacties die aanvankelijk onbelast waren. Met name het Britse Vodafone, dat 1,6 miljard euro zou moeten betalen, loopt gevaar. De belastingbepaling schrikt veel buitenlandse investeerders af.

Ook de laatste actie van Mukherjee – de aankondiging van stimulerende maatregelen – bleef zonder succes. De beurskoersen en de rupee bleven dalen. „Ik besef dat niet al mijn beslissingen goed waren, maar ik heb ze genomen in het belang van het volk”, zei Mukherjee bij het indienen van zijn ontslag.

Voorlopig bestiert Singh het ministerie van Financiën naast zijn premierschap. Dat betekent niet dat hij ongestoord kan liberaliseren. Er is nóg een obstakel: Sonia Gandhi, de machtige voorzitter van de Congrespartij. Maatregelen die het electoraat raken behoeven haar goedkeuring.

Een ander probleem is dat de 79-jarige Singh de laatste tijd zelf nogal een futloze indruk maakt en dat Gandhi na gezondheidsperikelen vorig jaar minder actief is dan vroeger.

Toch ziet financieel columnist Sunil Jain mogelijkheden voor hervormingen. De nationale parlementsverkiezingen zijn nog anderhalf jaar verwijderd, dus het is nu of nooit. „Straks hebben we maar 4 procent groei en een inflatie van 10 procent. Ik denk dat ook Sonia Gandhi beseft dat het mis gaat als we niets doen.”