GroenLinks is de aandacht even zat

Bij GroenLinks gaat alles verkeerd. Een afgeluisterd gesprekje tussen Kamerleden is al nieuws. De partij pakt zelf ook niet alles handig aan.

Annemarie Kas

Houdt het ook nog een keertje op? In de partijtop van GroenLinks zijn sommigen inmiddels al gelaten onder de negatieve publiciteit over hun partij. „Het is gewoon wachten op welk relletje de media vandáág weer vinden.”

Eerst was er alle gedoe rond Kamerlid Tofik Dibi, die de kandidatencommissie ongeschikt vond als kandidaat-lijsttrekker. Vorige week waren er de beoordelingen van alle kandidaat-Kamerleden, waarin expliciet vermeld stond wie wel en vooral wie níét geschikt is voor een Kamerlidmaatschap.

Gisteren kwamen daar ‘de assessments’ bij: de „knullige” tests die alle kandidaten hadden moeten doen voor hun sollicitatie. Drie soorten tests moesten ze invullen: een intelligentietest, een persoonlijkheidstest en een drijfverentest.

Belachelijk en onzinnig dat zittende Kamerleden ook zulke tests moesten doen, zeggen sommige van hen. Dat willen ze niet met naam en toenaam zeggen, omdat ze zelf ook zien dat die negatieve publiciteit hun partij schaadt. „Maar die tests waren totaal sociaal wenselijk in te vullen. Je snapt zelf ook dat je niet als gestoorde freak moet overkomen als je de Kamer in wilt. Je kon er van alles van maken”, zegt iemand binnen de fractie. De kandidatencommissie gebruikte de assessments mede als basis voor de sollicitatiegesprekken.

De manier waarop het nieuws over die tests gisteren naar buiten kwam, was ook bepaald onhandig te noemen: Mariko Peters had in het voorbijgaan als reactie tegen de NOS laten vallen dat ze niet over die „knullige assessments” wilde praten. En een journalist van de Telegraaf had een gesprekje opgevangen tussen Tofik Dibi en een collega-Kamerlid – daarin zei Dibi voor de grap dat je gewoon een hulplijn had kunnen inschakelen omdat de kandidaten de tests vanachter hun eigen computer thuis konden maken.

Maar de negatieve spiraal waarin GroenLinks lijkt te zitten is niet in zijn geheel te wijten aan knulligheden en journalisten die onrust constateren. Dat weet het partijbestuur ook. In de congreskrant, die de partij afgelopen maandag online zette, geeft het bestuur toe dat er fouten zijn gemaakt rond het besluit of er wel of geen lijsttrekkersreferendum moest komen.

Het bestuur had „sneller en duidelijker” moeten zijn rond het besluit een referendum te organiseren. „We hebben fouten gemaakt en ervan geleerd.” Het partijbestuur bekijkt hoe die selectie van kandidaat-lijsttrekkers voortaan zou moeten. Moet een commissie dat wel doen, en in hoeverre zou die daar dan open over moeten zijn? Het antwoord op die vraag staat ook in het stuk, impliciet weliswaar: „Uitgangspunten als transparantie en zorgvuldigheid wringen met een dynamische mediaomgeving.”

Zaterdag zal tijdens het ledencongres blijken of de leden de verklaring van het bestuur voldoende vinden. Een dag vol potentieel nieuwe pijnlijke momenten. Zo zouden meerdere kandidaten voor de tweede plek op de lijst willen gaan; daar staat nu de bij de buitenwereld relatief onbekende Bram van Ojik.

Maar, zei één van de GroenLinks-Kamerleden gisteren hoopvol: „Als mensen vuurwerk verwachten, valt het meestal mee.”

Antwoorden: (9x3) : (36:2) = 27:18 = 1,5 en Maarten is groter dan Jaap

    • Annemarie Kas