Fenomenaal succesvol met romantische humor

Haar grootste roem behaalde ze met romantische komedies als Sleepless in Seattle. Eén scène uit When Harry met Sally kent iedereen. Maar journalistiek was Nora Ephrons grote liefde.

Nora Ephron in 2009 Foto AFP

Voor een schrijver die als haar levensmotto had ‘Alles is kopij’, was Nora Ephron zeer discreet over haar ziekte. Ephron, die als schrijver en regisseur grote filmhits had met romantische komedies als Sleepless in Seattle en When Harry Met Sally, leed al jaren aan leukemie, maar hield dat voor de buitenwereld stil. Dinsdagavond overleed ze in New York aan complicaties door de ziekte.

Ephron was een van Amerika’s meest geliefde humoristen, en een van de schaarse succesvolle vrouwelijke regisseurs in Hollywood. Ze was niet alleen geliefd door haar films, maar ook door de stukken die ze schreef voor onder meer The New Yorker en The New York Times. Daarin wierp ze de laatste jaren een opgewekte en spottende blik op de geestelijke en lichamelijke ongemakken van de ouderdom. Bundelingen als I Feel Bad About My Neck (2006) waren bestsellers. Daarin schreef ze: „Het gezicht is een leugen, maar de nek spreekt de waarheid. Je moet een boom doorzagen om te zien hoe oud hij is, maar dat zou niet hoeven als een boom een nek had.” In I Remember Nothing (2010) schreef ze over haar falende geheugen met het klimmen der jaren. Godzijdank is er internet voor wie ergens niet op kan komen: „Mijn bejaardenmoment is nu een google-moment.” Maar over haar ziekte bleef ze stil.

Ook het onthullende exposé over de filmindustrie, waarvan velen hoopten dat ze het nog in de pen zou hebben, is er niet meer gekomen. Ephron kende de filmwereld van binnen en van buiten. Ze groeide op als oudste dochter van twee scenarioschrijvers, Henry en Phoebe Ephron, die onder meer tekenden voor Carousel en There’s No Business Like Show Business. Haar moeder doordrong haar ervan dat er niets belangrijker is in het leven dan boeken lezen en schrijven. Ze studeerde aan Wellesley College, in de buurt van Boston, in een tijd waarin een universitaire opleiding voor jonge vrouwen nog gold als ‘iets om op terug te vallen’ voor het geval zich geen geschikte echtgenoot zou aandienen. Van jongs af aan wilde ze journalist worden, onder meer geïnspireerd door Lois Lane in Superman.

Haar journalistieke loopbaan begon begin jaren zestig op de postkamer van Newsweek in New York. Ze viel al snel op met een parodie op de tabloid The New York Post, waarop ze prompt een baan aangeboden kreeg bij The New York Post zelf. Haar verhouding tot de journalistiek beschreef ze als een ‘liefdesaffaire’. Ze bleef tot kort voor haar dood schrijven voor het journalistieke weblog The Huffington Post.

Als journalist maakte ze naam met een stuk over haar kleine borsten. „Ik zei tegen mijn moeder dat ik een beha wilde kopen. Mijn moeder zei: waarom?” Nora Ephron schreef met evenveel passie over het eerste bezoek aan Amerika van The Beatles als over de geneugten van kippensoep en was haar leven lang een gepassioneerde foodie.

Ze rolde de filmindustrie in toen ze met haar toenmalige (tweede) echtgenoot Carl Bernstein werkte aan het filmscenario voor All the President’s Men naar het boek van Woodward en Bernstein over de Watergate-affaire. Die versie van het scenario werd uiteindelijk niet gebruikt, maar de ervaring was leerzaam. Haar huwelijk met Bernstein was ook de inspiratiebron voor de autobiografische roman Heartburn, in 1986 verfilmd met Jack Nicholson als vreemdgaande echtgenoot („Ik ga even sokken kopen.”) Meryl Streep, de actrice met wie Ephron het meest samenwerkte, speelde de vrouwelijke hoofdrol, gebaseerd op Ephron. Na haar scheiding maakte Ephron eindeloos grappen dat ze er eindelijk achter was gekomen wie Bernsteins Deep Throat was.

Die film had nog een serieuze ondertoon, al kwam die niet helemaal uit de verf. Dat gold ook voor Ephrons eerste verfilmde script, het op feiten gebaseerde Silkwood (1983), met Meryl Streep als een fabrieksarbeidster die een milieuschandaal op het spoor komt. Later hield Ephron de toon aanzienlijk luchtiger met fenomenaal succesvolle romantische komedies als When Harry met Sally (regie Rob Reiner, 1989), Sleepless in Seattle (1993, met Tom Hanks en Meg Ryan) en het minder succesvolle You’ve Got Mail (1998, ook met Ryan en Hanks). Elke nieuwe film van Ephron leek weer wat zoeter te zijn. In haar laatste film Julie and Julia, (2009) met Meryl Streep als tv-kok, kon ze haar passie voor goed eten uitleven.

De fameuze fake-orgasmescène in het restaurant uit When Harry met Sally ontstond nadat Rob Reiner haar had uitgedaagd een geheim te vertellen over vrouwen dat mannen niet weten. We faken soms onze orgasmes, had Ephron daarop gezegd. Bij proefvertoningen van de film kregen vrouwen de slappe lach van de scène, zo wil de overlevering, terwijl mannen pijnlijk stil bleven.