En toch geen reden tot vreugde

De economie is weer gegroeid, meldde het CBS gisteren. Maar achter de positieve cijfers schuilt de rauwe werkelijkheid.

Economisch commentator

AMSTERDAM. Komt de Nederlandse economie er eindelijk bovenop? Gisteren berichtte het Centraal Bureau voor de Statistiek dat de economie in het eerste kwartaal niet gekrompen is met 0,2 procent, zoals eerder was bericht, maar gegroeid met 0,3 procent. Die groei van kwartaal op kwartaal komt na twee kwartalen forse krimp. Nu is de recessie, na die krimp in de tweede helft van 2011, officieel voorbij.

Het komt zelden voor dat de groei achteraf zo sterk wordt bijgesteld en het bericht kwam dan ook als een complete verrassing. Met een recessie die technisch over is, kan het groeicijfer nu een voorname rol gaan spelen in de verkiezingscampagne. Met name demissionair premier en VVD-leider Mark Rutte kan er goede sier mee maken: kijk eens hoe een bezuinigingspolitiek tóch goed kan zijn voor de economie.

Achter het cijfer schuilen evenwel zoveel nuances dat het veel, zo niet alles, van zijn betekenis verliest. Eerst de techniek: het CBS stelde de economische groei over heel 2011 neerwaarts bij van 1,2 procent naar 1,0 procent. De economie was vorig jaar dus ‘kleiner’ dan gedacht. In vergelijking daarmee valt het cijfer over 2012 dus wat hoger uit. Dit ‘noemereffect’ zorgt voor de helft van de opwaartse bijstelling van gisteren.

De andere helft van de bijstelling heeft een verrassende oorsprong. Gedacht werd dat de overheidsuitgaven met 3 procent waren gekrompen. Er bleek echter een krimp van slechts 0,5 procent te zijn geweest. Het zal voor de liberaal Rutte lastig worden om mooi weer te spelen met een meevallende groei die voor de helft te danken is aan de staatsuitgaven, waarop hij juist zei te willen bezuinigen.

Zelfs de gerapporteerde economische groei van 0,3 procent mag worden genuanceerd. Het gaat hier namelijk om een zeldzame afronding. Het echte cijfer is namelijk 0,2500018 procent, en dat rondt naar boven af tot 0,3 procent. Als de gehele Nederlandse overheid in het kwartaal 9.000 euro minder had uitgegeven, zeg maar de loonkosten van één beginnend ambtenaar, dan was de groei slechts 0,2 procent geweest.

Kan de feestvreugde nog verder worden bedorven? Zeker is dat de rest van de kwartalen van dit jaar allemaal ietwat positief zullen worden beïnvloed door het noemereffect van 2011. Daar is alles mee gezegd. Want van kwartaal op kwartaal mag er dan in de eerste drie maanden van dit jaar sprake zijn geweest van groei, vergeleken met vorig jaar is er nog steeds een krimp, met 0,8 procent.

Daar is dan ook alles mee gezegd. Het meevallen van de overheidsuitgaven betekent dat die alsnog zullen moeten krimpen om de lopende bezuinigingsdoelstellingen te halen. Daar komen straks effecten van het Lenteakkoord nog eens overheen. De eurocrisis blijft intussen het vertrouwen van consumenten en bedrijven drukken. Het Centraal Planbureau zal vermoedelijk geen reden zien om zijn meest recente prognose van een economische krimp van 0,75 procent voor geheel 2012 te veranderen.

De economische cijfers die binnen zijn over het, nu lopende, tweede kwartaal zijn tot dusver dramatisch. Het consumentenvertrouwen is verder ingezakt, de werkloosheid is gestegen. Het volume van de detailhandelverkopen daalde. Het kan heel goed zijn dat er in het huidige kwartaal toch weer sprake is van krimp.

Dat weten we voorlopig nog niet. De verkiezingscampagne kan nog een kleine twee maanden toe met de groei van 0,3 procent. Pas in de tweede helft van augustus maakt het CBS bekend wat het resultaat is over het tweede kwartaal van dit jaar.

    • Maarten Schinkel