Assad kan de oorlog nog een hele tijd rekken

Nieuwsanalyse

De oorlog in Syrië komt steeds dichterbij het hart van het regime. Maar de Syrische president Assad is niet van plan te wijken.

De Syrische president Bashar al-Assad heeft zich gisteren dieper ingegraven. „We leven in een werkelijke oorlogssituatie”, zei hij in een toespraak tot zijn kabinet die door de staatstelevisie werd uitgezonden. „Alles moet worden gericht op het winnen van deze oorlog.”

De afgelopen zestien maanden werd de opstand tegen zijn bewind in de staatspropaganda afgeschilderd als een strijd tegen door het buitenland gesteunde terroristen. Dat Assad nu spreekt van „oorlog” geeft aan hoezeer de situatie voor hem is verslechterd. Maar tegelijk maakte hij overduidelijk dat hij absoluut niet van plan is te wijken voor de druk van opstandelingen of internationale mogendheden.

Vanochtend wisten rebellen het hoofdkwartier van de pro-regeringszender Al-Ikhbariya binnen te dringen, 20 kilometer ten zuiden van Damascus. Daarbij werden volgens de staatsmedia zeven employés gedood. Gisteren werden zware gevechten gemeld rondom het hoofdkwartier van de Republikeinse Garde in Qudsiya, vlakbij de hoofdstad. De Republikeinse Garde is een van de belangrijkste stutten van het regime. Het officiële persbureau SANA berichtte dat rebellen een tijd de oude weg van Damascus naar de Libanese hoofdstad Beiroet hadden geblokkeerd.

De strijd komt dus dichtbij het hart van het regime. Maar de rebellen blijven te zwak om werkelijk het verschil te maken. In afgelegen regio’s, zoals Idlib in het noorden, is de staat de „effectieve” controle kwijt, meldden BBC-verslaggevers uit het gebied. Het regime heeft onvoldoende mankracht om overal tegelijk zijn orde te herstellen. Maar het houdt zijn overmacht in zware wapens, al raken de rebellen geleidelijk beter bewapend met financiële hulp van Saoedi-Arabië, Qatar en Turkije.

Een woordvoerder van het Witte Huis zei gisteren dat Assad zijn greep op het land verliest, „langzaam, te langzaam”. Maar functionarissen van Amerikaanse inlichtingendiensten zeiden tegen het persbureau Reuters dat zij geen scheuren in zijn regime zien. Deze week deserteerden opnieuw een paar generaals – er zouden nu in totaal dertien generaals zijn overgelopen – maar de elite-troepen blijven intact. „Onze algemene inschatting [..] zou zijn dat de troepen van het regime nog tamelijk samenhangend zijn. Ze hebben de afgelopen anderhalf jaar een paar lessen geleerd”, aldus een zegsman.

Het regime blijft tegelijk profiteren van de aanhoudende internationale verdeeldheid. Niemand wil gewapenderhand ingrijpen, zoals de gematigde reactie op het neerschieten van een Turks gevechtsvliegtuig door Syrisch luchtdoelgeschut de afgelopen dagen weer bewees. Zelfs staat het nog niet vast dat een door internationaal bemiddelaar Kofi Annan zaterdag in Genève bijeengeroepen internationale ontmoeting over een politieke oplossing van de grond komt. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton dreigt de bijeenkomst te boycotten als Rusland niet accepteert dat er in Syrië een machtsoverdracht moet komen. Het Russische standpunt is tot dusverre dat de buitenwereld geen leiders wisselt.

Onder deze omstandigheden kan Assad zijn oorlog niet winnen, maar wel nog geruime tijd rekken.