Al mijn vakantiedagengaan eraan op

De fans van de Amerikaanse band Pearl Jam zijn een fenomeen. Gisteren was de vaste schare in Amsterdam.

Nederland, Amsterdam, 25-06-2011 Amsterdam - Pearl Jam fans hebben alvast wat voorpret in Pub 'the Tara' aan het Amsterdamse Rokin. Dimitri uit Griekenland heeft een shirt met zijn eigen naam. © Jan Dirk van der Burg

Dimitris Kariotis (39) stelt zich niet voor als je hem een hand geeft. Dat hoeft hij niet, in dit gezelschap. Onder de hardcore Pearl Jam-fans, die zich maandagavond in de Amsterdamse pub Tara hebben verzameld, is hij een beroemdheid. The greatest of them all, wordt hij genoemd. De fan onder fans. En dat zegt iets, in dit gezelschap.

De volgelingen van de Amerikaanse band Pearl Jam zijn een fenomeen. Waar ze ook spelen, er is altijd een schare die meereist, met een toewijding die doet denken aan de fans van The Grateful Dead in de jaren 70. Aan de vooravond van de concerten in de Ziggo Dome in Amsterdam is dat niet anders.

Deels begrijp ik het. Ook ik ben fan.

Voor beide concerten in Nederland deze week kocht ik een kaartje en stiekem ben ik zelfs fanclublid. En ik heb een Pearl Jam-shirt, dat vanavond als ijsbreker dient. Maar waar ik twee concerten op rij al veel vind, ga ik in hun ogen ‘maar twee keer’. „Too bad, man”, is de standaardreactie. Wat beweegt deze superfans?

„Elk concert is uniek”, legt Dimitris uit. „Daarom wil je ze allemaal zien. Dat is het mooiste aan deze band: ze spelen altijd compleet anders, dat doet geen band ze na. .” Ja, valt Canadees Bartek Zalech, zijn armen onder de Pearl Jam-tatoeages, hem bij. „Ik doe dit al sinds 1994. Het is de beste band ter wereld.”

Zij zijn niet de enigen. De Tara stroomt snel vol. Zo’n tachtig fans, vrijwel zonder uitzondering gekleed in bandshirts, wisselen ervaringen uit. Favoriete nummers. Beste concerten. Leukste bandleden. Het zijn evenveel mannen als vrouwen, tussen de 25 en 55, en ze komen overal vandaan: Amerikanen, Canadezen, Israëli’s, Italianen, Britten, Grieken, Scandinaviërs. En één andere Nederlander: Jojo van den Berg (55) uit Amersfoort.

Het gros is net uit Manchester komen vliegen, waar Pearl Jam zijn tournee vorige week begon. De fans richten hun vakanties ernaar in. Ze volgen de band door heel Europa. Berlijn, Praag, Arras, Oslo, Stockholm en Kopenhagen staan nog op de agenda.

Deze hobby kost handenvol geld. Per concert minimaal 60 euro, deze zomer zijn er tien gepland. En dan hebben we het nog niet eens over de duizenden euro’s die fans kwijt zijn aan vluchten en hotels. „Ik spaar het hele jaar door”, zegt de Israëlische art director Shirley Bahar (30). Dit tournee gaat ze haar veertigste show meemaken. „Het zijn spirituele ervaringen”, zegt ze. „Soms lach ik, soms huil ik – en soms sta ik stokstil. Maar het is altijd emotioneel, het mooiste gevoel ter wereld. Daar heb ik alles voor over.” Landgenote Noga (30) knikt. „De dag voor een show kan ik niet eten. Alsof ik verliefd ben.”

Er zijn ook stellen. Voor een ouder Amerikaans echtpaar is Pearl Jam het belangrijkste wat ze delen, overpeinst de man. „Tenminste, na de kinderen. Denk ik.” Maar anderen vertrekken alleen, zoals superfan Dimitris. „Alleen? Je bent nooit alleen”, buldert de Griek. Hij gebaart om zich heen. „Kijk dan! Dit zijn vrienden. Je doet het niet alleen voor de shows, maar ook hiervoor.” Hij logeert in elke stad bij lokale fans, afgesproken via de Pearl Jam-website. Een tijdje terug was hij op een huwelijk in Engeland van twee mannen die hij kent van de concerten.

Pearl Jam gaat al meer dan twintig jaar mee en heeft een loyale fanclub van duizenden leden om zich heen. Daar doen ze ook wat voor terug: elke show wordt opgenomen en online uitgebracht. En fanclubleden mogen een half uur eerder de zaal in – dan staan ze mooi vooraan.

Maar de Tara is op de drukte van vanavond totaal niet berekend. Het personeel van de pub is niet in haar nopjes. De pints zijn niet aan te slepen, de enige barvrouw heeft geen moment rust. Veel te druk. En nee, stop eens met vragen, er gaat geen Pearl Jam gedraaid worden vanavond. Dat schrikt de andere bezoekers af.

Dan komt er een gitaar tevoorschijn.

Een Amerikaanse fan positioneert zichzelf op een stoel, pontificaal in het midden van de kroeg. Al snel drommen de anderen om hem heen. Vanaf de eerste akkoorden barst er gejuich los: Pearl Jam. En niet de hits, nee: de echte pareltjes. Obscure b-kantjes als Yellow Ledbetter, de teksten opgelezen van een smartphone. De muziek uit de speakers van de Tara valt weg bij het met zware accenten doorspekte gezang van de fans. Al snel regent het verzoeknummers.

Dimitris ziet het allemaal goedkeurend aan. „Bij welke band zie je dit nou nog meer?”, zegt hij hoofdschuddend, terwijl hij mij een button ‘Euro Tour 2012’-button cadeau doet. „We zijn hier allemaal familie, my friend.” Alleen de band, die heeft hij nog niet ontmoet.

De hele avond gonst het. Een aantal fans heeft bandleden gespot in de binnenstad. „Ik heb Mike McCready gezien!”, roept Marlana Miller (29) uit Houston. Glunderend vertelt ze dat ze met de gitarist op de foto is geweest en zelfs even met hem heeft gekletst. Nietsvermoedend liep ze over de Leidsestraat, toen ze hem een winkel zag ingaan. Ze volgde de 46-jarige rockster, die een kinderwagen voortduwde, de Intertoys in. Marlana giechelt: „Oh, man, hij is zo down to earth.”

Jason Centofanti, een twintiger uit Philadelphia, wil zanger Eddie Vedder bewegen tot het uitbrengen van liveopnames van zijn solotour. Daarvoor deelt hij flyers uit, die hij uit zijn Pearl Jam-schoudertas haalt. Tot ergernis van zijn vriendin. „Meegaan naar concerten vind ik tot daaraan toe, maar moet dit nou?”, klaagt ze. Triomfantelijk wijst Centofani op mij. „Zie je nou dat het wat oplevert? Ik kom er wel mooi mee in de krant.”

Vanavond treedt Pearl Jam opnieuw op in de Ziggo Dome in Amsterdam, en op 25 en 26 juli staat zanger Eddie Vedder in Carré met twee solo-optredens.