Twee euro per kilo vlees erbij

De Partij voor de Dieren wil de veehouderij met 70 procent laten krimpen. Ook gaan de huren omhoog en wordt woon-werkverkeer per auto belast.

Kiezers kunnen op 12 september kiezen tussen grijs of groen, zei partijleider Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren gisteren bij de presentatie van het verkiezingsprogramma. Groen, dat is haar partij. Grijs, dat is de rest. „Zij gaan allemaal uit van hetzelfde principe, van de verhoging van productie en consumptie. Wíj willen geen land met uitpuilende stallen met varkens, koeien en kippen.”

Het verkiezingsprogramma van de Partij voor de Dieren (PvdD) bestaat uit twee delen. Er is een boekje waarvan het grootste deel over natuur, milieu en dierenwelzijn gaat. Daarbij een los velletje met 15 miljard euro aan bezuinigingen, of ‘fiscale vergroening’, zoals de PvdD dat noemt. Dat laatste om te benadrukken dat de partij niet wil meedoen aan „gedoe met rekensommetjes in de marges van de crisis”. De PvdD wil vooral richtinggevend zijn. Al is ze vóór een sluitende overheidsbegroting: „Wij willen vooral niet méér beslag leggen op de aarde dan we ons kunnen veroorloven. Want de aarde biedt genoeg voor ieders behoefte, maar niet voor ieders hebzucht.”

Welke voorstellen in het programma hadden we kunnen verwachten?

Het ligt voor de hand dat de partij vindt dat er een einde moet komen aan de bio-industrie. Het aantal ‘gehouden dieren’ in Nederland moet met 70 procent naar beneden. En er moet een verbod komen op viskwekerijen. Die „vormen een nieuwe bio-industrie, zijn niet duurzaam en verre van diervriendelijk”. Ook dierproeven moeten „op termijn” verboden worden, net als genetische manipulatie van planten en dieren. De overheid moet hierin een actieve rol spelen, omdat consumenten maar tot op bepaalde hoogte invloed op bedrijven kunnen uitoefenen.

Wat bemoeilijkt samenwerking met rechtse partijen?

Marianne Thieme zei gisteren dat haar partij een kiezerspotentieel van twaalf tot veertien zetels heeft, maar tegelijk was ze realistisch. Ze zei dat ze „waarschijnlijk niet als eerste” gevraagd wordt voor een eventuele coalitie. De problemen op rechts zouden dan liggen bij de ondernemers en bedrijven die de PvdD wil aanpakken, omdat die nu niet milieuvriendelijk en duurzaam genoeg zijn. De milieubelastingen moeten omhoog en de belastingkortingen voor producenten en gebruikers van fossiele energie moeten weg. Ook op andere thema’s ligt de PvdD niet op één lijn met rechtse partijen: de hypotheekrenteaftrek moet geleidelijk worden afgebouwd en de premie voor de zorgverzekering zou inkomensafhankelijk moeten zijn.

Wat bemoeilijkt samenwerking met linkse partijen?

Het partijprogramma heeft veel punten waar linkse partijen zich in zouden herkennen. Kleine punten van verschil: de SP wil géén huurverhoging van sociale woningen voor mensen met hogere inkomens, de PvdD wel. En de vergoeding voor woon-werkverkeer per auto mag van de Partij voor de Dieren wél belast worden.

En wat zijn opvallende voorstellen?

De partij stelt een ‘vleestaks’ voor: 2 euro per kilo. Hoe dan ook zouden vlees, vis, eieren en zuivel in het hoge btw-tarief moeten komen.