‘Denk na en je ziet alleen verschillen’

Oud-topmannen Johan Witteveen en Herman Wijffels zien in de huidige wereldcrisis een nieuw mondiaal bewustzijn opdoemen, „voorbij institutionele religies en voorbij atheïsme.”

e begroeten elkaar als oude vrienden. Topmannen in de financieel-economische wereld waren ze, op de belangrijkste podia in eigen land en op het wereldtoneel. Wat zij in de vorige eeuw op hun posities tot stand brachten, baseerden zij op een sterke innerlijke overtuiging. Op spiritualiteit. In die tijd een beladen woord omgeven met argwaan, maar waarvan ze nu de renaissance gewaarworden. Midden in de crisis die zich op zowat alle vlakken wereldwijd uitstrekt, zien zij de komst van een nieuwe tijd, met een mondiale cultuur. Een mondiaal bewustzijn. Sterker nog, dit nieuwe bewustzijn heeft zijn wortels in de chaos van nu.

Johan Witteveen en Herman Wijffels vinden elkaar in de Hegeliaanse wijze waarop de oud-Rabobank topman deze ontwikkelingen op een lijn uitzet: „Over de rug van de materiële ontwikkeling heen komen we nu in een bewustzijnsfase waarin we begrijpen hoe de wereld en het universum in elkaar zitten, en hoe het anders kan.”

Een week eerder. Boven de duinen van Katwijk doemt de goudkleurige koepel van de soefitempel Universel Murad Hassil op. Binnen begeleiden twee dames een breekbare heer in zwarte pij naar een podium waar zeven kaarsen wachten op ontsteking. Op het moment dat Johan Witteveen begint te praten, valt het beeld van de fragiele negentigjarige die hij is, weg. Hij buigt zich over de vraag wat wijsheid is, over het verschil tussen logisch denken en ‘de goddelijke wijsheid’. „Als je met logisch denken niet uit een wereldlijk probleem komt”, houdt hij zijn gehoor voor, „zoek de stilte, zoek de natuur, trek je terug, denk er niet meer over na en dan zal de oplossing zich aandienen. Dat is de intuïtie die spreekt, het hart dat spreekt.”

Zo heeft hij het zijn leven lang gedaan. Als Johan Witteveen aan het hoofd van een vergadertafel in Washington zat met afgezanten van de machtigste landen uit de wereld, dan ontsnapte niets aan zijn gehoor. Als hij alles had aangehoord nam hij een diepe teug adem. Hij liet de inspiratie komen. „Als je zou gaan zitten nadenken, ga je alleen maar de verschillen zien”, zegt hij later.

In de werkkamer van Wijffels, waar de mannen plaatsnemen, trekt een halve eeuw geschiedenis langs. Ze zagen het financieel-economisch systeem veranderen van dienstbaar aan de samenleving naar een moeilijk te temmen blinde kracht die daar roofbouw op pleegt. Witteveen vertelt dat hij op de valreep nog een paragraaf toevoegt aan zijn autobiografie, die in september verschijnt. Eind vorig jaar nodigde huidig IMF-directeur Christine Lagarde hem uit om zijn plan te bespreken om de eurocrisis te bestrijden met extra fondsen van overschotlanden en opkomende economieën als China en Brazilië. Het plan redde het niet, door ‘nationale egoïsmes’. „De Amerikanen wilden het niet omdat ze bang waren dat China als geldschieter van het IMF te veel macht zou krijgen. Dat zit erachter en dat vind ik buitengewoon jammer.”

De uitwassen van het ‘superkapitalisme’ moeten worden overwonnen, vindt de oud-directeur, en hij kan dan ook de motivering van criticasters als de Occupy-beweging goed begrijpen. Maar dat kan het beste op een invloedrijke positie. Wijffels: „Ik maak in dat opzicht het verschil tussen bezinningsethiek, die het absolute ideaal formuleert en verantwoordelijkheidsethiek, die opereert vanuit de bestaande situatie. Zo heb ik altijd mijn werk gedaan: luisteren naar dat ideaal en vervolgens een stap in die richting proberen te zetten.” Dat is onder andere de reden dat de Rabobank in de tijd waarin het aandelenkapitalisme een hoge vlucht nam, een coöperatieve bank bleef.

In het onderscheid dat Wijffels maakt tussen de twee ethieken weerklinkt de echo van het taoïsme, waarmee hij in zijn studententijd in aanraking kwam. Het is een van de Oosterse tradities waar hij uit zou blijven putten, als aanvulling op het katholicisme waarmee hij opgroeide. Tao. De theorie van de weg. „Het is van groot belang om de eerst volgende stap goed te zetten. Als je dat iedere keer doet, kom je vanzelf waar je moet zijn. Dat is heel wat anders dan je constant richten op een einddoel, terwijl je vergeet dat het hier moet gebeuren.”

Na het taoïsme kwam het boeddhisme, waarin hij zich verdiepte toen de Rabobank in de jaren tachtig internationaal ging, omdat hij wilde begrijpen hoe de Aziaten de werkelijkheid zien. Hij leerde mediteren bij zenleraar Rients Ritskes en volgde met zijn vrouw sessies bij een Amerikaanse soefi. Met als drijfveer steeds de centrale vraag: Wat is goed leven? Wat moet ik doen in de gegeven omstandigheden?

De inzichten die hij opdeed samenvattend, zegt hij: „Ik heb mijn eigen directe verbinding met de bron. Het is een verbinding met de oorsprong van alles wat bestaat, binnen een evolutionaire ontwikkeling waarin je zoekt wat bij jou past om met je leven te doen.” Meditatie helpt hem daarbij, zitten in stilte. Maar hij stapt ook vaak op zijn racefiets. „In die stille momenten openen zich kanalen waarin informatie opkomt die geen kans krijgt als je blijft steken in de rationele conditionering.”

Voorzichtig formuleert Wijffels het idee dat de fase van ‘extreme oriëntatie op de materie’ noodzakelijk was om de volgende stap te zetten. „Daardoor konden we de volgende generatie kennis, wetenschap en technologie creëren, die in potentie de hele wereldbevolking de kans op een behoorlijk bestaan kan geven.”

„Als het goed wordt besteed”, merkt Witteveen op.

„Dat is de grote ‘als’ die eraan vastzit”, zegt Wijffels, „waarbij het nodig is om te putten uit de bronnen van de beste wijsheidstradities die de mensheid heeft voortgebracht.”

Witteveen constateert: Er zijn veel wegen. Zen is populair in het Westen, vermoedt hij, mede omdat het geen godsbeeld heeft. Godsbeelden schrikken mensen af. „Het soefisme spreekt van het Onkenbare Wezen, de mystieke idee van de Ene Geest, almachtig, al doordringend en alomtegenwoordig. Dit beeld sluit aan bij de huidige natuurwetenschappen.” Daarin is sprake van één energie die alle materie en levende wezens doordringt. Scheppend, vernietigend, inspirerend. „Dat is precies wat je in een godsbeeld zoekt. Die goddelijke werkelijkheid gaat echter boven het begrip uit, die kun je niet ervaren als je in denken en dogma’s blijft steken.”

Op de plekken waar Wijffels zich inzet voor een duurzame samenleving, komt hij ze niettemin vaak tegen: mensen die niet blijven steken in denken en dogma’s. „Ze bezinnen zich op de spirituele vraag: wat is goed leven in de omstandigheden van de 21ste eeuw? Nieuwe vormen van organisaties en kleinschalige bedrijven zetten ze op, rondom duurzame energie, zorg en onderwijs. De verbindingen die ze leggen zijn anders dan voorheen, waardoor een andere werkelijkheid kan ontstaan. Door de lokale opwekking van zonne- en windenergie bijvoorbeeld, in plaats van afhankelijk te zijn van de grote centrales uit de vorige eeuw. Het is een sterk groeiende beweging, voorbij institutionele religies en voorbij atheïsme.”