Oekraïense identiteit is nog in opbouw

Lviv, Lvov, Lwów, Lemberg: elke overheerser heeft deze stad anders genoemd. Lvov ligt nu in Oekraïne, maar dat is nog geen vanzelfsprekend land.

V oor de Eerste Wereldoorlog, onder de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie, was Lviv de trotse hoofdstad van de provincie Galicië, die zich uitstrekte van Krakau tot Taraspol. Tussen 1918 en de Tweede Wereldoorlog lag de stad in Polen. Prosze Pana, zegt de taxichauffeur ineens in het Pools.

In de afgelopen jaren is de reputatie van Lviv als toeristische bestemming gegroeid. Het historische centrum – sinds 1998 op de werelderfgoedlijst van de UNESCO – is een architectonische schatkamer. Gotiek, Poolse barok, Weense jugendstil: niet fris gestuct en rozerood geschilderd, maar verweerd en afgebladderd. Verscholen achter de façades liggen stoffige binnenplaatsen. Bij een klein Maria-altaar liggen verse bloemen op een kanten kleedje.

Deze stad ligt niet in het oosten, maar midden op het Europese continent, zegt Andriy Linik, curator van het centrum voor stadsgeschiedenis van Centraal- en Oost-Europa. „Krakau is dichterbij dan Kiev. De afstand naar Donetsk in het oosten van Oekraïne is ongeveer 1.200 kilometer – ongeveer net zo ver als van hier naar Venetië.”

We zitten in de Armeense straat, in de schaduw van eeuwenoude muren. De toeristen hebben dit terras nog niet ontdekt.

Oekraïne, legt Andriy Linik uit, is geen vanzelfsprekend land. Toen de Sovjet-Unie in 1991 uit elkaar spatte, woonden 45 miljoen Oekraïners opeens in een soevereine natie. Niet iedereen stond te juichen bij de plotselinge onafhankelijkheid. Rusland beschouwt Oekraïne nog altijd als zijn achtertuin. Het geïndustrialiseerde oostelijke deel van het land wordt gedomineerd door een grote Russische minderheid, die zich oriënteert op Moskou. „Heel wat mensen”, zegt Linik, „hebben eigenlijk geen idee wat het betekent om Oekraïens te zijn.”

De regering-Janoekovitsj lijkt niet van plan om de Oekraïense natievorming te bevorderen. Minister van onderwijs Tabatsjnik is een Russische patriot, en ontmoedigt het onderwijs in het Oekraïens in het oosten van het land. Dezelfde Tabatsjnik, zegt Linik, laat zich ook regelmatig ontvallen dat Galicië helemaal niet bij Oekraïne hoort.

In de retoriek van de Russische factie wordt vaak verwezen naar de oorlog. Vanaf 1943 vochten Oekraïense partizanen soms met de Duitsers tegen het Rode Leger. Ook nu nog worden nationalisten door Russisch sprekende politici Banderivtsy genoemd, naar de nationalistische leider Stepan Bandera, die enige tijd samenwerkte met de nazi’s.

Volgens curator Andriy Linik hebben sommige politici er belang bij om de tegenstellingen levend te houden. Oekraïense nationalisten worden afgeschilderd als nazi’s. Russofielen worden ervan beschuldigd Oekraïne zo snel mogelijk te willen uitleveren aan Moskou. De aanname van een omstreden wet, die het Russisch in het oosten dezelfde status geeft als het Oekraïens, leidde kort voor het EK tot vuistgevechten in het Oekraïense parlement.

Maar voor de meeste mensen is de taalkwestie niet belangrijk. De voetbalwedstrijden op de Oekraïense televisie worden afwisselend in het Oekraïens en Russisch aangekondigd. Tijdens de voorbeschouwing wordt er druk door elkaar heen gediscussieerd, in beide talen. „Oekraïne is in de praktijk een tweetalig land”, zegt Linik. Ook in het ‘Russische’ oosten van de Oekraïne zijn er maar weinigen die nog dromen van een herrijzenis van de Sovjet-Unie. ‘Oekraïne’, schreef toenmalig president Koetsjma in 2003, ‘is geen Rusland’. Bijna tien jaar later is nog steeds niet helemaal duidelijk wat dit enorme land tussen oost en west dan wél zou moeten zijn, zegt Linik. „De Oekraïense identiteit is nog werk in uitvoering.”

    • Steven Derix