Kustkunst

Bij de triënnale Beaufort staat kunst op de Vlaamse stranden, in de duinen en op plekken binnen. Gigantische sculpturen bekijken en mijmeren in een munitiedepot, trek er maar een paar dagen voor uit.

Tentoonstelling Beaufort aan de Belgische kust. Nick Ervinck "OLNETOP". Fotograaf: Wouter Van Vooren Wouter Van Vooren

Rood aangelopen duw ik mijn fiets de duinen op. Het moet hier ergens zijn. Een groepje gepensioneerde dagjesmensen kijkt me meewarig aan. En dan zie ik het object van mijn begeerte: Zandworm van de Italiaan Mario Casagrande, een vijftig meter lange en tien meter hoge constructie uit wilgentakken die over de duinen slingert.

Deze zomer siert, naast 65 kilometer zandstrand, villa’s in de duinen en wandelboulevards vol toeristen, kunst de Vlaamse kust. Voor de vierde maal wordt in negen kustgemeentes de triënnale Beaufort georganiseerd. Verspreid over het strand, de duinen, en enkele binnenlocaties staat een dertigtal werken van hedendaagse Europese kunstenaars. „Dankzij de achtergrond van de duinen of de zee krijgen werken een extra invulling”, zegt Phillip Van den Bossche, directeur van kustmuseum Mu.Zee in Oostende en samen met Jan Moeyaert curator van Beaufort04.

Zoals de containers van de jonge kunstenares Flo Kasearu uit Estland die in Oostende staan; drie ijzeren kolossen als aangespoelde walvissen op het strand . Van den Bossche: „Iedereen ziet hetzelfde maar begint er verschillende verhaallijnen aan te koppelen. Wat zit er in die containers, zijn ze leeg? Je denkt aan de crisis in Europa. Dan bekijk je hun vorm, ze eindigen in een punt, als schepen. Je ziet de kustlijn, een grens. Plots doemt ‘fort Europa’ op, de illegalen die via een overtocht Engeland of Europa proberen te bereiken en stranden.”

Net als de vorige edities omvat Beaufort verschillende immense sculpturen waarvan sommige in schril contrast staan met hun serene locatie. Zoals de fluorescerend gele opspattende golf van de Belgische kunstenaar Nick Ervinck. De meeste werken lijken echter op te gaan in het landschap; de ‘aangespoelde rots’ van het Zwitserse duo Les frères Chapuisat waar je op handen en voeten in kruipt, de Zandworm waarvoor ik me in het zweet fietste. Werken op de grens van architectuur en beeldende kunst die je, even beschut voor zand en wind, verrassen met een prachtig schaduwspel.

Van den Bossche koos voor Europa en Europese kunstenaars omdat hij via „kleine verhalen naar een gemeenschappelijke toekomst wil kijken”, en omdat voor veel mensen Oost-Europese kunst een grote onbekende blijft. „Op belangrijke Europese tentoonstellingen zie je toch vaker Amerikaanse of Chinese kunstenaars opduiken.”

Hoewel Beaufort bekendstaat om sculpturen in de buitenlucht staan dit keer enkele van de werken die het meest beklijven, op binnenlocaties. Ivars Drulle kan je immers wel uitnodigen om met zijn dertien meter lange hoorns op te gaan in het ruisen van de zee en de appartementsblokken achter je te vergeten, maar zodra je je hoofd draait en een oriëntatiepaal met een banaan erop ziet, is de magie enigszins verbroken.

Daarvan heb je geen last in het voormalige munitiedepot dat Hans op de Beeck onder water heeft gezet. Een schaars verlichte, verweerde steiger leidt door het depot naar een cirkel vol kaarsen en kussens. Een artificiële schemerzone tussen dag en nacht waar je je ongestoord kunt overgeven aan gemijmer, zoals hij er eerder één creëerde in het Haags Gemeentemuseum.

Een gelijksoortige ontsnapping aan tijd en ruimte biedt de Bulgaar Nedko Solakov in een vervallen art-nouveau-pand, Villa Hurlebise, in Nieuwpoort. Terwijl je door het gebouw dwaalt, stuit je op de minuscule tekeningetjes en ironische opmerkingen die de kunstenaar aanbracht bij afvoerputjes, barsten of lichtschakelaars. Dit soort mini-interventies maakte Solakov eerder, maar door de locatie, een pand dat spoedig wordt afgebroken, en door Sokalovs aandacht voor zijn omgeving word je toch opnieuw verrast. „Here was a map of Belgium without the F. part”, krabbelde hij naast een stuk verkleurd behang.

Proberen alle werken te bezichtigen in één of zelfs twee dagen is onmogelijk. Wanneer ik vanuit Casagrandes Zandworm weer de wind inloop, roepen enkele medebezoekers mij toe. „Maar meiske toch, ge moet dat niet met de fiets doen.” Hun advies: kusttram nemen en af en toe uitstappen voor koffie of kunstwerk. Ik capituleer, boek een extra nacht Oostende en ga garnalenkroketten eten.

Phillip Van den Bossche is overtuigd van de combinatie vakantie en kunst: „Hoe goed je ook nadenkt over het museum van de 21e eeuw, je moet het gegeven museum relativeren. Een groot publiek heeft nog nooit een stap in een museum voor moderne of hedendaagse kunst gezet. Ik wil mensen ook wanneer ze een weekend gaan wandelen in contact brengen met hedendaagse kunst. Het kan een trigger zijn om later een museum binnen te stappen.”

Dat de combinatie werkt, bleek uit eerdere edities. Met gemiddeld tussen700.000 en 800.000 bezoekers is het één van Belgiës grootste openluchtkunstmanifestaties. En wanneer ik op mijn extra dagje in een go cart of skelter met een ijsje in de hand naar Folkert De Jongs Monument voor een Saltimbanque rijd , is dat inderdaad hoe ik mij voel: cultuurtoerist. Geen onaangenaam gevoel.

Sabeth Snijders

Beaufort04, tot 30 september op 30 locaties in 9 kustgemeenten van De Panne tot Zeebrugge. Info: www.beaufort04.be

    • Sabeth Snijders