Column

Een heel eind naar het doel

Op elk niveau gaat aan een potje voetbal het intrappen vooraf. Je holt wat, je schiet eens naar je eigen keeper en je schuift de bal naar je medespelers. Geen tegenstander die zich ermee bemoeit.

Dat is wat Spanje zaterdagavond deed. Intrappen. Maar dan gedurende de wedstrijd zelf. Niet gehinderd door de tegenstander, Frankrijk. Waren het de foto’s die Sylvie van der Vaart de wereld had ingetwitterd, die de Fransen hadden geïnspireerd? Hoe zij en haar Rafael, de viceaanvoerder van het eerloos uitgeschakelde Nederlands elftal, zich nu buitengewoon goed vermaakten op het strand van Saint-Tropez. Foto’s die heel erg lieten zien wat je óók kunt doen in de maand juni, anders dan je in het zweet te rennen, ergens in Oekraïne of Polen.

Spanje dat tiktak tot hoogste doel had verheven. Frankrijk dat er maar zo’n beetje bij liep. Schuifvoetbal op het middenveld of er net voorbij. Terwijl Italië-Engeland een avond later zou tonen hoe spectaculair, zelfs 120 minuten lang, een doelpuntloze wedstrijd kan zijn, bereikten Spanje en Frankrijk een opwindingsniveau dat nog het meest deed denken aan een wedstrijd tussen pakweg Bulgarije en Roemenië uit de jaren zestig. Balkanvoetbal, nu in kleur.

Het Spaanse spel, je kunt je eraan vergapen, je kunt er ook van gapen. Er was meer reden voor de geeuw dan voor de schreeuw. Het leek niet de bedoeling, nadat het al snel 1-0 was geworden, dat de bal nog in de buurt van het Franse strafschopgebied zou komen. Dat is een heel eind lopen en stel dat je scoort, dan moet je dat hele eind ook nog terug!

Wie de Fransen aanschouwde, kreeg vanzelf kwade bijgedachten. Hoe zat het ook alweer met die onderlinge ruzies, twee jaar geleden in Zuid-Afrika? Ribéry, wordt die niet verdacht van seks met een minderjarige prostituee? Net als die Benzema, die ook nog te beroerd is om ook maar iets van zijn overdadige rijkdom met zijn arme oma te delen.

Het wordt nog veel drukker, op het strand van Saint-Tropez.