De Italiaanse magiër krijgt staande ovatie

Andrea Pirlo loodste Italië met 131 passes naar de halve finale. Hij gaf tegen Engeland in de strafschoppenserie een fraaie toegift door doelman Hart te passeren met een lob.

Toen de masterclass eindelijk voorbij was, in de Oekraïense nacht, kwamen zelfs de Engelse supporters overeind voor een ovatie. Twee uur lang had Andrea Pirlo het Olympisch Stadion van Kiev getrakteerd op een onemanshow – bezegeld met de ultieme voetbaltoegift: een perfect uitgevoerde ‘Panenka’-strafschop, door de treiterende nonchalance nog mooier dan het origineel.

De tijd wil maar geen vat krijgen op l’architetto, de bescheiden meesterstrateeg van het Italiaanse voetbal. Onvermoeibaar loodste de 33-jarige middenvelder zijn ploeg naar de halve finale, tegen Duitsland. Hij bepaalde het tempo, het ritme en de richting van het spel, strooide met passes en acties, een lichtvoetige danser tussen ploeterende fabrieksarbeiders. Als Pirlo de bal beroerde zuchtten de werkers, de koppers, de slopers en de dravers: een fluwelen techniek, gekoppeld aan een geniaal inzicht en een mathematische precisie in zijn passing. „Pirlo is een fantastische speler, een genie”, zei Johan Cruijff ooit over hem. „Hij doet datgene wat hij wil met z’n voeten.”

Het was dat zijn medespelers – met name aanvaller Mario Balotelli – zich in de koele avondlucht van Kiev niet konden ontdoen van hun normale, aardse niveau. Anders was de kwartfinale voor de Engelsen uitgelopen op een nachtmerrie. Nu stapten zij nog met opgeheven hoofd van het veld, al was het voor de zesde keer in zeven pogingen dat Engeland ten onder ging na strafschoppen op een EK of WK.

Voor een uitzonderlijk talent als Pirlo lijkt zelfs leeftijd geen factor van betekenis. Gisteren gaf de speler van Juventus tegen Engeland liefst 131 passes, drie keer zoveel als de Engelsman met het meeste balbezit, Ashley Cole. In zijn 87ste interland legde de Italiaan liefst 11,58 kilometer af, meer dan welke Engelsman ook.

Zelfs zijn in Engeland bewierookte tegenspeler Steven Gerrard moest een diepe buiging maken voor de veelzijdige Pirlo. De ster van Liverpool kwam op alle fronten tekort. „Je probeert Pirlo uit te schakelen, maar een speler van zijn niveau zal altijd een uitweg vinden als je mensen om hem heen zet”, sprak de Engelse bondscoach Roy Hodgson naderhand vol bewondering.

Het klonk tegelijkertijd een beetje als een spijtbetuiging. Ooit, in mei 1999, speelde Pirlo bij Inter een wedstrijd onder Hodgson, destijds trainer van de Milanese club. Maar Inter noch Hodgson zag veel toekomst in de verlegen, tengere middenvelder.

Geboren in Flero, Lombardije, begon Pirlo zijn loopbaan bij provincieclub Brescia, voordat de Milanese grootmacht hem in 1998 contracteerde. Maar het toptalent wist er nooit door te breken, waarop hij in 2001 voor 18 miljoen werd doorverkocht aan aartsrivaal en stadiongenoot AC Milan.

Daar groeide hij uit tot de onbetwiste leider op het middenveld. Twee maal won hij met Milan de Champions League, in 2003 en 2007. Tussendoor, in 2006, kwam zijn ultieme droom uit tijdens het WK in Duitsland, waar hij de nationale ploeg naar de wereldtitel leidde. In de finale tegen Frankrijk, waarin hij uitgeroepen werd tot man of the match, benutte Pirlo de eerste penalty in de strafschoppenserie. Het stiftje dat hem gisteravond in Italië onsterfelijk maakte, durfde hij destijds nog niet aan. In 2010 probeerde hij het wel in een oefenduel tegen Barcelona. De Spaanse doelman bleef echter staan en kon zijn ‘Panenka’ (zie kader) moeiteloos vangen.

Pirlo had in 2005 zijn zwartste avond als het gaat om strafschoppen. In de legendarische finale van de Champions League tegen Liverpool, wist hij niet te scoren van elf meter.

Opmerkelijk genoeg was de club die hem groot maakte van mening dat het tijdperk van Pirlo op zijn eind liep. De directie van AC Milan zal zich nog wel eens achter de oren hebben gekrabd nadat ze hun dirigent een jaar geleden naar Juventus lieten gaan. Trainer Massimiliano Allegri had behoefte aan meer fysieke kracht op het middenveld dan Pirlo kon bieden, en koos voor types als Massimo Ambrosini, en Mark van Bommel.

Juventus was er als de kippen bij om Pirlo een driejarig contract voor te leggen. En in Turijn groeide hij afgelopen seizoen opnieuw uit tot één van de meest bepalende middenvelders op de Europese velden. Pirlo was de enige speler in Europa die meer passes verzond dan zijn Spaanse collega Xavi, van Barcelona. Bij zijn nieuwe werkgever nam hij direct wraak op AC Milan, dat geen vertrouwen meer in hem had. Pirlo leidde Juventus ongeslagen naar de 28ste scudetto, de landstitel.

Ook in zijn nadagen kan de stille kracht van de Italiaanse ploeg nog wedstrijden naar zijn hand zetten, zo blijkt tijdens het EK. Eigenhandig zorgde hij er de afgelopen weken voor dat Italië, met een frisse ploeg die nog in de steigers staat, weer meetelt op een eindtoernooi.

De vraag is of Pirlo zijn demonstratie van gisteren kan herhalen in de halve finale van donderdag. De Duitsers zijn zonder twijfel favoriet, maar de statistieken spreken niet in hun voordeel: opmerkelijk genoeg won Duitsland nog nooit op een EK of een WK van Italië. Vier keer werd het gelijk, de Italianen wonnen driemaal. In elk geval kan de magiër uit Lombardije rekenen op extra bewaking, donderdagavond in Warschau.

    • Rob Schoof