Voor Dirk was DSB Bank een pinautomaat

Het veelbesproken faillissement van de DSB Bank werd door niemand anders veroorzaakt dan Dirk Scheringa zelf, zo concludeerde curator Rutger Schimmelpenninck deze week. Scheringa gebruikte de bank voor de financiering van zijn dure hobby’s.

WFA41T:AZ KAMPIEON:ALKMAAR;19APR2009-AZ kampioen van Nederland. Op de foto Louis van Gaal (rechts midden) en naast hem Dirk Scheringa op het bordes van het AZ stadion. WFA/mu/str.Michel Utrecht WFA MICHEL UTRECHT

Wie gunde het Dirk Scheringa niet in april 2009? Zijn voetbalclub AZ was net kampioen van Nederland geworden. Natuurlijk, de spelers hadden het gedaan. Maar het was ook het kampioenschap van Scheringa. De Dirk Scheringa Beheer Bank was de grootste sponsor van de Alkmaarse voetbalclub. En met al die miljoenen had Scheringa van AZ toch maar mooi een topper gemaakt.

De fans liepen weg met hem. Dirk was hun held. En hij was zo gewoon gebleven. Altijd geitenwollen sokken onder zijn pak. Een landelijk accent. Nog altijd één dag in de week kaarten met zijn oude vrienden. Dat werk. Hollandse nuchterheid, roemde de sportverslaggever van de NOS hem in een filmpje dat nog op internet staat. Er is een glimmende Scheringa te zien, in kampioensshirt. Hij vertelt dat iemand voorstelde om een kok te laten komen om na het kampioenschap voor de directie te koken. Onzin, vond Scheringa. „Ik zei: dat gaan we niet doen. Als we winnen, halen we gewoon afhaalchinees.”

In de maanden na het kampioenschap brokkelde het imago van Scheringa gestaag af. Telkens doken er weer verhalen op over hoe de bank van Scheringa klanten onnodige, dure producten aansmeerde. De DSB Bank streek enorme provisies op met de verkoop van verzekeringen, die vaak gekoppeld waren aan een lening. Kon iemand bij een andere bank moeilijk terecht? Niet kredietwaardig? Medewerkers van de DSB zagen altijd nog wel een mogelijkheid, zo was de kritiek. Dirk een held? De woekeraar uit Wognum, werd zijn nieuwe bijnaam.

Een paar maanden na het kampioenschap van AZ, in oktober 2009, ging de bank failliet. Deze week verscheen het feitenverslag van de curatoren die het faillissement behandelen. Hoofdoorzaak van het faillissement? Het gedrag van Scheringa. Hij was eigenaar en directeur. Hij bepaalde en betaalde vooral zichzelf. Via DSB bekostigde hij zijn zijn hobby’s, wat ten koste ging van de financiën van de bank. Had niemand dat dan door? Zeker wel. Toezichthouder De Nederlandsche Bank schreef brief na brief en voerde gesprek na gesprek met de DSB Bank. Zorgen, klachten, twijfels. En toch kon Scheringa jarenlang zijn gang gaan.

Voor de buitenwereld was Scheringa een geslaagde zakenman. Zo werd hij door premier Jan Peter Balkenende in mei 2009 nog aangeprezen tijdens een campagnebijeenkomst van het CDA in het AZ-stadion. „Je bent een voorbeeld voor ons allemaal, je speelt een geweldige rol in de financiële sector, zet je in voor sport en cultuur. Ik vind dat fantastisch. Wij zijn trots op je”.

In het dikke feitenverslag is het allemaal nog eens minutieus na te lezen dat dit beeld niet gebaseerd was op de realiteit. Scheringa zette zich vooral in voor zijn eigen hobby’s. En de Hollandse nuchterheid is ver te zoeken als het ene privévliegtuig in 2008 wordt ingeruild voor een nieuw exemplaar. Wie dat allemaal betaalde? De bank. Want de bedrijven van Dirk Scheringa bestonden eigenlijk uit twee belangrijke onderdelen: de DSB Bank en DSB Beheer. Onder DSB Beheer hingen al zijn andere activiteiten zoals voetbalclub AZ, een schaatsteam en zijn kunstactiviteiten. Al die speeltjes werden gefinancierd door de bank met leningen en dividendbetalingen.

Neem AZ. Een maand voordat de voetbalclub in april 2009 kampioen wordt, schrijft de financieel directeur van DSB Beheer dat hij dringend geld nodig heeft voor de voetbalclub. „AZ zit met smart te wachten op liquiditeiten van onze kant.” Het probleem was op dat moment dat DSB Beheer al teveel geld van de DSB Bank had geleend. Maar daar verzonnen ze iets op. De DSB Bank zat in een pand dat eigendom was van DSB Beheer. De bank betaalde DSB Beheer daar huur voor. Dus werd besloten om het restant van 3,6 miljoen euro aan huur over 2009 in één keer aan DSB Beheer over te maken.

Dit soort handigheidjes om DSB Beheer van geld te voorzien werden vaker uitgehaald. En DSB Beheer leende ook gewoon van de bank. In de zomer van 2009 was het totaalbedrag opgelopen tot 77,5 miljoen euro. En dan kreeg DSB Beheer als eigenaar van de bank nog dividend uitgekeerd. In de periode van 2005 tot en met 2009 betaalde DSB Bank 39,6 miljoen euro dividend uit aan Scheringa’s DSB Beheer. Dat is bijna 20 procent van de winst die in diezelfde periode 195 miljoen euro bedroeg.

Al dat geschuif met geld was niet zo’n probleem geweest als het heel goed was gegaan met de DSB Bank. Maar dat ging het niet. Na 2007 werden er steeds minder verzekeringen verkocht. Van de hoge provisies die daarop zaten, moest de DSB Bank het altijd hebben. Een nieuwe manier om geld te verdienen kwam er niet. Keer op keer stuurde De Nederlandsche Bank waarschuwingen dat de bank meer vermogen moest aanhouden. Gebeurde ook niet. Als de winst boven een bepaald percentage kwam, werd die direct uitgekeerd.

Soms was er een medewerker die het niet eens was met de beslissingen van Dirk Scheringa. Dat kon Scheringa niet echt waarderen. Meestal verdween zo’n medewerker dan snel. Ook daar schreef DNB een waarschuwingsbrief over. Dat ze zich zorgen maakten over het grote verloop van bekwame mensen.

Nadat Gerrit Zalm in eind 2008 vertrok als financieel bestuurder, trok Scheringa Frank de Grave aan als vervanger. Maar die krijgt als snel ruzie, blijkt uit het verslag. In het voorjaar van 2009 krijgt De Grave van een medewerker het verzoek om voor 8 miljoen een bedrijf van DSB Beheer over te nemen. DSB Beheer had weer geld nodig. De Grave ging niet direct akkoord. Maar zo werkte het niet bij de DSB, merkte hij. Tegen de curatoren verklaarde hij dat de medewerker die dag toch 8 miljoen had overgeboekt. „Scheringa had in strijd met de interne regelgeving persoonlijk voor de betaling getekend.” In mei, aan het einde van zijn proeftijd, stuurde Scheringa De Grave weg.

Dit gedrag heeft Scheringa, volgens de curatoren, voor een deel naar zijn ondergang geholpen, schrijven ze in de conclusies. Scheringa zocht steeds de grenzen op en legde „te weinig terughoudendheid aan de dag” bij het commercieel uitbaten van zijn bedrijf. Toezichthouder DNB heeft het wel gezien, maar „nagelaten werkelijk en tijdig in te grijpen”.