GroenLinks doet met lijst aan zelfkastijding

GroenLinks wil een menselijke en herkenbare partij zijn. Dus etaleert zij ook de zwakke kanten van haar kandidaat-Kamerleden. Is nummer 9 stevig genoeg?

Kamerlid Arjan el Fassed is eerlijk over het stukje dat de kandidatencommissie van GroenLinks over hem schreef. Hij vindt het een raar tekstje, waarin hij zichzelf niet herkent. „Hoe kun je iemand bevlogen noemen én zeggen dat hij geen drive heeft?!”

Vrijdag maakte de kandidatencommissie van GroenLinks samen met de lijst ook haar beoordeling van elke kandidaat openbaar, bedoeld als stemadvies voor de congresleden, volgende week. En die tekstjes logen er niet om.

Vanaf nummer 9, de voorlopige plek van Arjan el Fassed, plaatst de commissie bij vrijwel iedereen een kritische kanttekening. Over El Fassed schrijft de commissie dat hij „een bevlogen man is, met een prettige, positieve uitstraling”. Maar ook dat hij de „zelfbewuste drive mist om toonaangevend te opereren in een kleine fractie”.

Arjan el Fassed is niet de enige die zich niet kan vinden in de tekst van de kandidatencommissie, noch in zijn plek op de lijst. El Fassed gaat het congres volgende week vragen om hem op een hogere plaats te zetten.

Ook Volkert Vintges gaat proberen te klimmen. Hij is voorgedragen voor nummer 17. Vintges is nu directeur van de Gelderse Milieufederatie. Volgens de commissie is het „gezien zijn huidige functie tot op heden voor hem onmogelijk geweest om het politieke handwerk, lokaal of provinciaal, zich eigen te maken”. Onwaar, vindt Vintges. „Juist als beroepslobbyist ken ik het klappen van de zweep behoorlijk.” Hij gaat volgende week proberen om een paar plekken op de lijst omhoog te komen.

Waarom vond de kandidatencommissie het nodig zó expliciet kritisch over haar mensen te zijn? Op Twitter luidde het commentaar vrijdag direct na de presentatie dat de partij kennelijk onvoldoende capabele mensen in haar gelederen heeft. Zeker als de commissie zich al bij de vrouw op plaats vijftien – Huri Sahin, projectleider van informatiecentrum ProDemos en oud-raadslid in Zoetermeer – afvraagt „of zij inhoudelijk al stevig genoeg is om direct de Tweede Kamer in te gaan”.

Het is onzin dat de partij geen goede mensen heeft, zegt de voorzitter van de kandidatencommissie, Tof Thissen. „Wij hebben mensen van vlees en bloed op onze lijst. We gáán onze mensen niet in het glazuur zetten. We schrijven de dingen op zoals ze zijn.” Hij is niet bang dat die eerlijkheid de partij schade heeft opgeleverd – opnieuw, na het gedoe rond Tofik Dibi, die de commissie ongeschikt achtte als kandidaat-lijsttrekker. „Mensen waarderen dat juist. Als je iemand die op plaats elf staat zó fantastisch neerzet, dan is voor het congres toch volstrekt onduidelijk waarom diegene op elf staat, en niet op vier?”

Toch valt ook binnen GroenLinks kritiek te horen op die openheid. De commissie en het partijbestuur hebben met deze commentaren te weinig rekening gehouden met de buitenwereld, klinkt het. „Ze hebben onvoldoende nagedacht over wat dit voor de beeldvorming van GroenLinks betekent. Dit leest als een partij die niet ambitieus is”, zegt een betrokkene.

Bovendien: de helft van de 24 kandidaten op de lijst heeft vooraf bezwaar gemaakt tegen ‘hun’ stukje. „In de meeste gevallen ging het om kleine tekstuele aanpassingen van de adviestekst”, schrijft de commissie in haar verantwoording. Van die twaalf ging één iemand na een gesprek met de commissie nog in beroep – dat werd ongegrond verklaard.

Voorzitter Thissen benadrukt dat iedereen uiteindelijk dus akkoord is gegaan met de adviestekst. Hij wuift de kritiek weg. „Dit maakt ons een menselijke en herkenbare partij.”