Duitse ego's stuk kleiner dan Nederlandse

Duitsland plaatste zich door een zege op Griekenland voor de halve finales van het EK voetbal. In tegenstelling tot de muitende Nederlanders, vormt Die Mannschaft wel een hecht team.

Feestende Duitsers, uitgelaten Polen en treurende Grieken. De schitterende Arena van Gdansk was vrijdagavond een tombola van emoties. Het EK voetbal bepaalt deze maand voor een belangrijk deel de stemming van een heel land. Nederland verkeert na de kansloze aftocht sinds vorige week zondag in mineur en moet nog lijden tot de finale op 1 juli in Kiev. De al uitgeschakelde gastlanden Polen en Oekraïne hebben zich snel over de teleurstelling heen gezet en kijken vol trots hoe de beste voetballers van Europa de stadions in hun landen volspelen.

Die Mannschaft van bondscoach Joachim Löw brengt de harten van alle Duitse voetbalfans in extase. De ploeg koppelde vrijdagavond in de met 4-2 gewonnen kwartfinale tegen Griekenland effectiviteit aan schoonheid, waardoor ook de neutrale Poolse voetballiefhebbers een vermakelijke voetbalshow zagen. De Grieken konden er uiteindelijk vrede mee hebben dat ze door één van de grote titelfavorieten naar huis werden gestuurd. Duitsland treft komende donderdag in Warschau de winnaar van Engeland-Italië.

Het EK wint iedere vier jaar aan importantie. Van 1960 tot 1976 kwalificeerden zich slechts vier landen voor het toernooi dat in het land van één van de deelnemers werd gespeeld. Vanaf 1980 werd het gastland vooraf aangewezen en groeide het EK uit tot een evenement van wereldformaat dat ook in Afrika en Zuid-Amerika massaal wordt gevolgd.

Aan het EK in Polen en Oekraïne doen zestien landen mee, waarvan er sinds gisteravond tien van zijn uitgeschakeld. Op het EK over vier jaar in Frankrijk doen 24 landen mee. Een Europese titel is na de wereldtitel de belangrijkste prijs in het landenvoetbal. De Afrika Cup en de Copa América hebben veel minder allure.

Vooraf is er altijd de hoop op een succes dat een hele natie in vervoering kan brengen. Zo begon Oranje – vooral naar eigen zeggen – als één van de favorieten aan het EK en droomden de internationals al van een huldiging door de Amsterdamse grachten, zoals na het winnen van de titel in 1988 gebeurde. Voor vele van de huidige generatie voetballers van het Nederlands elftal behoort dat EK tot de eerste jeugdherinneringen. Maar het huidige elftal bestond niet uit een groep spelers die met hart en ziel voor Oranje wilden uitkomen. Voetballers als Klaas-Jan Huntelaar, Rafael van der Vaart en Robin van Persie prevaleerden het eigenbelang boven het landsbelang.

„Ohne Holland fahren wir nach Kiev”, zongen de Duitse fans vrijdag hatelijk in de straten van Gdansk. De ploeg van Löw is boven alles wel een hechte selectie waarin ieder individu zich in dienst stelt van het elftal. In Duitsland ontaardde een nationale discussie over de spitsen niet in een stel muitende spelers. Zo schikte spits Mario Gomez, die in de groepsfase drie keer scoorde, zich gisteren in zijn rol als bankzitter. De wat wendbaardere Miroslav Klose speelde tegen Griekenland in de punt van de aanval en maakte zijn 64ste interlanddoelpunt.

Duitsland was een klein uur lang heer en meester tegen de Grieken, die vooral met hun hart voetbalden. De Duitsers speelden de hechte Griekse defensie met snelle combinaties bij vlagen zoek, maar ze verzuimden de vele mogelijkheden af te maken. Pas in de 39ste minuut kwam Duitsland via een bekeken afstandsschot van linksback Philipp Lahm op een 1-0 voorsprong. Daarmee leek de kwartfinale eigenlijk al gespeeld.

Aan het begin van de tweede helft vermaakte het Duitse publiek zich met liedjes in de richting van de Griekse fans. „Wij hebben jullie tickets betaald”, klonk het uit duizenden kelen, voor het oog van de Duitse bondskanselier Angela Merkel. Maar het lachen verging de Duitsers snel toen de Griekse spits Giorgos Samaras uit een messcherpe counter de gelijkmaker binnen tikte.

De Griekse hoop op een verlenging van het voetbalsprookje dat de financiële problemen voor even naar de achtergrond drong, vervloog snel. Duitsland zette aan, ging een tempo hoger spelen en overklaste de matige Griekse ploeg (die slechts 22 procent balbezit had). Via doelpunten van Sami Khedira, Klose en Marco Reus liep Duitsland op overtuigende wijze uit naar 4-1. De Grieken konden vlak voor tijd nog één keer ingetogen juichen na een rake strafschop van Dimitris Salpingidis. Toen was de droom voor de Grieken voorbij.

Nu moeten ze zich weer om de alledaagse zorgen bekommeren.

    • Koen Greven