Column

De teleurstellende waarheid over obligatiefondsen

„De rente is zo ontzettend laag. Heeft het nog wel zin om te beleggen in een obligatiefonds?”

Bij het woord obligatie denken veel mensen aan een degelijke, risicoarme belegging. Daarom hebben ze, doorgaans op advies, een of meer obligatiefondsen in hun beleggingshypotheek, pensioenproduct of beleggingsportefeuille gestopt. Nu is het op zich niet raar om te beleggen in een goed gespreid obligatiefonds. Zelfs als de rente laag is, want daaraan is niks te doen. Het échte probleem van veel obligatiefondsen is veel geniepiger: vrijwel allemaal boeken ze al jaren een zwaar ondermaats rendement. Dit onbekende feit scheelt een argeloze Nederlander op termijn (tien)duizenden euro’s aan pensioen, hypotheekaflossing of beleggingswinst. Word wakker, obligatiebelegger! Een obligatiehuisfonds van een bank is vrijwel altijd weggegooid geld.

Een obligatiehuisfonds is een grote pot geld van vele beleggers, die een fondsbeheerder volgens afspraak, in een gespreide obligatieportefeuille steekt. Het rendement daarop, minus de beheerkosten, is voor de belegger. Hoe karig die winst is, ontdek je door het resultaat te vergelijken met de marktontwikkeling. Die marktontwikkeling kun je aflezen uit een passende obligatie-index. Belegt jouw fonds in een mix van Europese staatobligaties en bedrijven, dan vergelijk je bijvoorbeeld met de Barclays Capital Euro Aggregate Bond Index. Bij een belegging in Staatsobligaties van eurolanden ligt de Barclays Euro Government Bond Index als maatstaf voor de hand.

Met dit soort vergelijkingen tonen onderzoekers keer op keer aan dat actief beheerde obligatiefondsen ondermaats presteren. In 2008 meldde kredietbeoordelaar S&P dat slechts één op de tien fondsen in Amerikaanse staatobligaties meer rendement haalde dan de index. In 2010 kwam de grote Amerikaanse fondsbeheerder Dimensional tot een vergelijkbare bevinding. Hoe hoger de kosten, hoe lager het rendement. Dat zelfde jaar meldde de Commissie Frijns dat Europese en Amerikaanse obligatiefondsen die actief speuren naar obligatiekansen in 96 procent van de gevallen minder renderen dan de index. En recent bracht dataleverancier Lipper naar buiten dat slechts 8,3 procent van de euro-obligatiefondsen de afgelopen tien jaar de vergelijkbare index versloeg.

De obligatiemarkt is blijkbaar zo transparant en efficiënt dat een dure fondsbeheerder slechts een kostenpost is die de winst nodeloos verlaagt. Maar de Hollandse obligatiefondsbelegger weet dit allemaal niet. Kritiekloos laat hij tientallen miljarden euro’s pruttelen in slecht presterende fondsen. Dat scheelt, gemeten van 2002 tot en met 2011 enkele tot tientallen procenten winst ten opzichte van een belegging in een goedkoop obligatie-indexfonds. Een prestatiedieptepunt bereikte het fonds ING Hoog Dividend Obligatie. Men deed het in het afgelopen decennium 52 procent slechter dan de index.

Weg dus met actief beheerde obligatiefondsen. Steek je geld liever in hypotheekaflossing of een spaardeposito. Of in een solide obligatie-indexfonds of een obligatie-indextracker (ETF), mits het een product zonder valkuilen is. Helaas is er een flinke groep mensen met een te duur obligatiehuisfonds in hun pensioenproduct of hypotheek. Het zou sportief zijn als je bank aanbood dat fonds kosteloos over te boeken naar een betrouwbaar en goedkoop obligatie-indexfonds. Vraag het eens. Banken die de klant écht centraal willen stellen, kunnen het niet maken jou onnodig geld afhandig te maken.