Romans en films leveren popgroepnamen

Aad Knikman: (It’s) The Game of the Name. In eigen beheer uitgegeven, 232 blz. € 19,95.

Omstreeks 1970 maakten opvallend veel popmuzikanten het zich gemakkelijk als ze een naam voor hun band moesten bedenken. Toen Keith Emerson, Greg Lake en Carl Palmer in 1970 jaar een symfonisch orgeltrio begonnen, kreeg dit Emerson, Lake & Palmer als naam. Een jaar eerder verenigden David Crosby, Stephen Stills en Graham Nash zicht tot Crosby Stills & Nash. Nadat Neil Young zich bij hen had aangesloten, heetten ze Crosby Stills Nash & Young.

Zulke accountantsgroepen komen niet voor in (It’s) The Game of the Name, het onlangs in eigen beheer verschenen boekje van journalist Aad Knikman over de herkomst van de namen van 939 Nederlandse en buitenlandse popbands uit heden en verleden. Criterium voor opname in de encyclopedie was dat er iets over te vertellen moest zijn. Daarom staat 10 CC erin. De inhoud die de naam van deze keurige Britse popgroep uit de jaren zeventig aanduidt – 10 kubieke centimeter – zou 1 kubieke centimeter meer zijn dan de spermaproductie bij een ejaculatie van een gemiddelde man, legt Knikman uit.

Soms is de keuze voor een groepsnaam simpel. Zo noemden The Rolling Stones zich naar ‘Rollin’ Stone’, een nummer van Muddy Waters, een van hun favoriete blueszangers. Maar vaker zijn aan de namen ingewikkelde gissingen verbonden. Soms helpen de leden zelf rare verhalen over de oorsprong van hun bandnaam de wereld in. John Lennon schreef al in 1961 in het tijdschrift Mersey Beat dat de naam The Beatles aan hem was geopenbaard door een man op een brandende taart die zei: ‘Vanaf deze dag zijn jullie Beatles met een A.’

Ongetwijfeld heeft internet, waar mythes eeuwig voortleven, een belangrijke rol gespeeld in de verveelvoudiging van het aantal onnavolgbare verhalen over bandnamen. Over de herkomst van Coldplay wordt bijvoorbeeld beweerd dat de naam te maken heeft met het niet traceerbare Beatlesnummer ‘Five Second Saunter’. Wat het precieze verband zou zijn legt Knikman jammer genoeg niet uit. Wel schrijft hij dat de verklaring van de naam waarschijnlijk veel eenvoudiger is: ‘De bandnaam is gejat van een collega-bandje dat bij gebrek aan succes toch niets met die naam deed.’

Films en vooral romans zijn een belangrijke bron voor namen van popgroepen, stelt Knikman vast in zijn inleiding. Met name het werk van de Amerikaanse schrijver William S. Burroughs heeft veel popnamen voortgebracht. Zo noemden de leden van The Soft Machine en The Naked Lunch hun groepen naar gelijknamige boeken van Burroughs. En Steely Dan is niet alleen de naam waaronder Donald Fagen en Walter Becker samen spelen, maar ook die van een door stoom aangedreven megadildo in Burroughs’ The Naked Lunch.

Knikman noemt het in zijn inleiding een raadsel waarom zo veel groepen hun naam ontlenen aan literaire werken en hun best doen ‘om als intellectuelen over te komen.’ Maar zo raadselachtig is dit niet. Literaire popgroepnamen zijn bedoeld om indruk te maken. Natuurlijk vooral op de meisjes, voor veel jongens een van de belangrijkste redenen om een popgroep te beginnen.

    • Bernard Hulsman