Gevecht om relevantie polder

Morgen houdt de FNV een congres, maar de vakcentrale wist zelf eerder deze week nog niet waar die bijeenkomst zou zijn en wat de agenda was. De onduidelijkheid onderstreept het warrige proces waarmee de FNV zich wil transformeren tot De Nieuwe Vakbeweging.

Zeven maanden geleden gingen de voorzitters van de 19 aangesloten bonden akkoord met vergaande en vernieuwende voorstellen van twee verkenners, Herman Wijffels en Han Noten. De aantrekkingskracht van de FNV moest vergroot worden door een organisatie naar beroep, zodat er meer, maar kleinere en beter geprofileerde bonden zouden komen. Een verdere decentralisatie van cao-onderhandelingen zou gunstig uitpakken voor de economie, omdat de trends in groei, productiviteit en banen zien overal verschillend zijn. Differentiatie zou ook een eind maken aan de dominante rol van een klein aantal bonden in de FNV.

Juist het conflict over de pensioenhervorming tussen de top en twee grote bonden, Bondgenoten en AbvaKabo, zorgde voor maandenlange patstellingen en het uiteindelijke vertrek van voorzitter Agnes Jongerius en vicevoorzitter Peter Gortzak.

Na de verkenners kwamen vier kwartiermakers die, onder leiding van PvdA-Kamerlid Jetta Klijnsma, voorborduurden op de eerdere afspraken. Daar is weinig van overgebleven. FNV Bondgenoten bijvoorbeeld blijft gewoon zichzelf. De concreetste gebeurtenis morgen is de benoeming van oud-Kamerlid Ton Heerts als voorzitter. Hij moet eenheid herstellen, nu kleinere bonden en ouderenbond Anbo zijn afgehaakt. Twisten over de beste organisatie van de vakbeweging is niet de beste tijdsbesteding in crisistijd.

Heerts moet ook de tanende invloed van de FNV in de polder keren. Overleg in polderorganen als de Sociaal-Economische Raad (SER) was decennialang kenmerkend voor Nederland. Maar de SER is zo relevant als werkgevers, vakbonden en Kroonleden het overleg willen laten zijn. Werkgeversorganisatie VNO-NCW bevecht tegenwoordig belangrijke onderwerpen als ontslagrecht en pensioenen zelf in de politieke arena. De relevantie vergroten is de missie van McKinsey-adviseur Wiebe Draijer, door het kabinet voorgedragen als nieuwe SER-voorzitter. Zijn overstap, die zonder twijfel met een salarisdaling gepaard gaat, verdient lof.

Maar het belang van de SER zal in eerste instantie bepaald worden door de nieuwe vakbeweging. Het kan verleidelijk zijn, zeker gezien de groeiende SP-invloed, om hier een breuk met het verleden te forceren. Dat is een slecht idee. Gremia als de SER dwingen de sociale partners om niet alleen het eigen belang maar ook het algemene belang onder ogen te zien. Op sociaal-economische polarisatie zit nu niemand te wachten.