Premier

Wil Emile Roemer premier van Nederland worden?

Gisteravond werd het hem gevraagd in het EK-programma VI Oranje van RTL4. Ik heb hem weleens gretiger ‘ja’ horen antwoorden. Misschien heeft hij daar spijt van gekregen, want nu reageerde hij ontwijkend: „Geen idee…” En pas na enig aandringen: „Als dat aan de orde is, zal ik het doen.” Het ging hem niet om de persoonlijke ambitie, voegde hij eraan toe, hij wilde alleen maar „dingen voor elkaar krijgen”.

Eerder in het programma had hij met vuur de overdrachtsregeling van een deel van het salaris aan zijn partij verdedigd. Hoeveel hield hij zelf per maand over, werd hem gevraagd. 2.500 tot 2.600 euro netto, antwoordde hij. Was dat niet gedateerd, zo’n regeling? Nee, zei Roemer, en hij verwees naar het legioen vrijwilligers dat zich voor de SP inzette. „Je gaat de politiek in vanwege je idealen, niet voor het gewin.”

Zijn gastheer Wilfred Genee en de stamgasten René van der Gijp en Johan Derksen luisterden hier zwijgend toe – iets wat hun zelden overkomt. Hun luchthartige cynisme kon moeilijk uit de voeten met zoveel idealisme. Wie wil er nou een dief zijn van zijn eigen portemonnee? Je hoorde het ze denken.

Ik dacht: daar gaan weer twee, drie Kamerzetels naar de SP. Ik beluister overal veel ongeloof over de opmars van de SP in de peilingen, maar mij zal het niet verbazen als Roemer de nieuwe premier van Nederland wordt. Mogelijk aan het hoofd van een coalitie met SP, PvdA, D66 en CDA – een royale meerderheid. Waarom niet? Zie hoe het huidige CDA opschuift naar centrum-links.

Wat heeft Roemer dat Agnes Kant, onder wie de SP in glijvlucht daalde, niet had? Politiek natuurtalent. Hij is niet alleen schrander – dat was Kant ook – maar ook aimabel en onverstoorbaar. Hij blijft zichzelf, ook in zo’n tv-uitzending waarin hij omringd wordt door mensen met een heel andere levensfilosofie. Hij lachte op gezette tijden vrolijk mee, maar als het nodig was maakte hij zijn punt.

Toen de inkomens van de voetbalvedetten ter sprake kwamen, zei hij: „Ik heb niets tegen rijkdom, maar wel tegen armoede.” Hij vond dat die jongens door het geld verpest werden, iets wat heel voetbalminnend Nederland sinds dit EK zal beamen. De zwijgende houding van Van Persie? Daar snapte hij niks van: „Stel dat je dat als politicus deed… het is onderdeel van je vak.”

Van sommige komieken wordt gezegd dat ze de lach aan hun kont hebben hangen. Bij Roemer is het niet de lach, maar de geloofwaardigheid. Je kunt zijn idealisme naïef noemen, maar je gelooft wel dat hij meent wat hij zegt. Bij Harry van Bommel, om een andere SP’er te noemen, heb ik dat niet; als die premier van Nederland wil worden, is het meteen gedaan met de SP.

In een bepaald deel van de conversatie bij VI Oranje viel Roemer stil. Er ontstond een verbale clash tussen Van der Gijp en Van Hanegem, een andere gast. Van der Gijp vertelde dat hij vaak had meegemaakt hoe spelers tijdens trainingen met elkaar op de vuist gingen. Van Hanegem ontkende dat. Jij, Willem, was niet zo populair bij de spelers, hield de verward orerende Van der Gijp hem voor. (Hij kan leuk uit de hoek komen, maar soms denk ik ook: Gijp is lijp). „Jij programmeert op mij wat in jou leeft”, reageerde Van Hanegem boos. „Je bedoelt ‘projecteert’ ”, verbeterde Genee.

Dat zou Roemer nou nooit hebben gezegd. Of hij een goede premier wordt weet ik niet, maar hij zal wel een nette man blijven.