Iedereen een eigen hokje

De eerste formele stap naar de verkiezingen van 12 september is gezet. Maar registratie is nog maar het begin van de partijstrijd om grote idealen.

Annemarie Kas & Freek Staps

Politiek redacteuren

Mens en Spirit wil dat scholen ophouden met al die toetsen en testen en dat „de eigen persoonlijkheid van kinderen” bepaalt of ze overgaan of niet.

MOED wil dat Nederland een land wordt „waarin iedereen zich bewust is van de oorzaken en gevolgen van pesten en geweld”.

En de IQ-Partij wil olieconcern Shell „31 miljard euro afpakken” omdat het „bloedgeld is en voorkomt uit roofmoord”.

Zomaar wat wensen van enkele van de vijftig politieke partijen die zich nu hebben aangemeld bij de Kiesraad. Deze week is de inschrijving gesloten. Meer worden het er niet.

Registratie van de naam is de eerste stap om mee doen met verkiezingen in Nederland, op lokaal of landelijk niveau. Naast de elf partijen die nu in de Tweede Kamer zitten, zijn er tientallen kleine politieke bewegingen, met evenzoveel opvallende voorstellen. Van Beter Nederland tot Wilhelmus van Nassauwe, van Red het Noorden tot de Kleptocraten.

Is dit de toekomst van de Nederlandse politiek? Roept de schrijfster van de horoscooprubriek in Privé (tevens lijsttrekker van Mens en Spirit) straks de minister van Financiën tot de orde omdat hij binnenkort toch de loterij zal winnen? Of dient Nederland Lokaal komend najaar een wetsvoorstel in dat in hun ogen „megalomane” bouwprojecten per direct stilgelegd moeten worden? Lukt het de partij NXD (genoemd naar de drie kinderen van de oprichter, Narqeez, Xeng-fe en Djenghiz) te bereiken dat „donkere Nederlanders niet langer wordt afgeraden te gaan voetballen omdat ze anders een grote kans hebben in elkaar geslagen te worden”?

Nee, waarschijnlijk niet. Zeer weinig níeuwe politieke partijen lukt het een zetel in de Tweede Kamer te krijgen, laat staan dat ze erin slagen daar langer dan een paar periodes te blijven. Het overgrote deel van de Nederlandse stemmers is in het stemhokje niet zo gediend van vernieuwing en kiest dan voor een al decennia bestaande partij. Sommige Nederlanders roepen misschien wel om een afstraffing van „al die zakkenvullers aan het Binnenhof”, in de praktijk deinzen ze er voor terug.

In 2010, bij de laatste Tweede Kamerverkiezingen, stemde maar 1,09 procent van de ruim 9,4 miljoen mensen voor een partij die nog niet in de Kamer vertegenwoordigd was. En de helft van dat toch al minimale percentage was voor ex-VVD’er Rita Verdonk, die al een zetel had en toen met haar eigen nieuwe partij meedeed.

Waarom zo weinig vernieuwing? Omdat maar weinig kiezers hun stem willen ‘weggooien’. Als ze weten dat een partij weinig kans op een zetel heeft, kiezen ze vanzelf voor een partij die wél iets kan betekenen in Den Haag. Ook als die niet op alle fronten precies hun eigen mening vertolkt. Ze gaan, net als de gevestigde partijen die ze dat zo verwijten, uiteindelijk voor het compromis. Niet alles bereiken, maar een beetje je zin krijgen. Een beetje macht wordt verkozen boven het strak vasthouden aan principes.

En dat terwijl het in Nederland relatief gemakkelijk is om een zetel te behalen. Formeel kent Nederland geen kiesdrempel, zoals Duitsland. Daar moeten partijen 5 procent van de stemmen halen om een zetel te krijgen. In Zweden is dat zelfs het dubbele. In Nederland is het genoeg om het aantal stemmen van de ‘kiesdeler’ te halen: het totaal aantal uitgebrachte stemmen, gedeeld door 150 Kamerzetels. Bij de laatste verkiezingen was dat 62.774 stemmen.

Relatief eenvoudig, misschien, maar dat is voor een groot aantal van de vijftig van vandaag nog te veel gevraagd. Want er komt wel íets bij kijken om mee te kunnen doen. Eerst moest de partijnaam goedgekeurd worden – dat moment was deze week.

Die naam mag niet langer dan 35 tekens zijn, of verwarring oproepen. „Je kan dus niet met nóg een PvdA komen”, zegt Heleen Hörmann van de Kiesraad, die hier over gaat. Gisteren werd bijvoorbeeld bekend dat overheidsorgaan Kiesraad de naam Occupy Politiek heeft afgekeurd. Die was misleidend, omdat kiezers ten onrechte zouden kunnen denken dat die partij aan de Occupy-beweging is verbonden.

Daarna moeten de nieuwe partijen ondersteuningsverklaringen aan de Kiesraad sturen, zeshonderd in totaal. En een borgsom betalen: 11.250 euro, ten name van de Kiesraad, Herengracht te Den Haag. Pas als de partij 75 procent van de kiesdeler haalt, enkele tienduizenden stemmen dus, wordt dat geld teruggestort.

Dit soort drempels zorgden er twee jaar geleden voor dat 61 partijen zich wel inschreven, maar dat van hen maar achttien doorzetten. Daarvan kwamen er tien in de Kamer (de elfde is nu Hero Brinkman, die zich afscheidde van de PVV). Bij de verkiezingen daarvoor (in 2006) haalden ook tien outsiders het niet – van de meeste hoorde niemand meer iets. De Solide Multiculturele Partij? Groen Vrij Internet Partij? LRVP/Het Zeteltje?

Wie zijn dan die mensen die een ander geluid willen laten horen? Vaak zijn het bekenden. Zo deed Toine Manders van de Libertarische Partij in 1994 ook al eens mee aan de verkiezingen. En ook de Partij van de Toekomst is nu opnieuw geregistreerd, maar partijleider Johan Vlemmix deed in 2002 en 2003 ook al eens mee. Zonder succes. En Sammy van Tuyll van Serooskerken (eerder zelfs in het VVD-hoofdbestuur) doet nu voor de tweede keer met zijn LibDem mee.

Het is misschien een deceptie, maar echte macht en invloed vergaar je in Nederland niet met een paar duizend stemmen. En áls je al een goed idee hebt dat breder leeft onder Nederlanders – zoals boosheid over een muntsoort, zoals de Anti Euro Partij – dan ben je vast niet de enige die daarop is gekomen. Anil Samlal van NXD maakt er zelfs geen geheim van dat hij het liefst heeft dat zijn partij opgenomen wordt door een grotere partij, welke maakt niet zoveel uit. „De PvdA, VVD of SP hebben geweldige partijstructuren”, zegt de 43-jarige werknemer van geldkantoor Western Union. En politici met kwaliteiten. „Als ik van groot zou worden, moet ik nette en keurige mensen vinden. Dat gaat mij zeker niet lukken.”

Is het dan uitgesloten dat bijvoorbeeld de Piratenpartij een zetel haalt? Zeker niet. Een partij die een inhoudelijk sterk, aansprekend thema heeft maakt echt wel kans, zegt hoogleraar Wouter van der Brug, hoogleraar politicologie aan de Universiteit van Amsterdam.

Kijk naar de Partij voor de Dieren, zegt hij, nu goed voor twee zetels. De ouderenpartij van Jan Nagel 50Plus maakt ook kans: in 1994 lukte het zelfs twee ouderenpartijen om Kamerzetels te bemachtigen. „En Geert Wilders is zijn PVV ook als one issue partij begonnen, al is ze dat allang niet meer.” Sterker nog: Wilders wás als ex-VVD’er al Kamerlid, had naamsbekendheid en was een insider in Den Haag.

Eenmaal in de Kamer dient zich meteen een nieuw probleem aan: er moet meer zijn dan de niche waar de partij ooit voor is begonnen. Omdat Nederlanders nu eenmaal niet alléén op internet zitten, niet alléén voor bescherming van dieren zijn of tegen pesten op school, maar ook een zieke ouder hebben, ontslagen worden of het belangrijk vinden dat de overheid geen belasting heft op reiskosten naar het werk. De truc om op méér zetels te komen, is je breder te ontwikkelen. Van der Brug: „Partijen die dan geen duidelijk en ideologisch breder profiel opbouwen, zijn geen lang leven beschoren.”

En met nieuwe ideeën komen meningsverschillen. De partijleden die het allemaal over een nicheonderwerp eens zijn krijgen dan vaak ruzie over de rest van de wereld waar ze ineens ook iets van moeten vinden. Van der Brug: „De leden van die ouderenpartijen vochten elkaar gelijk de tent uit.” Het Algemeen Ouderen Verbond begon met zes zetels in 1994 – daar was vier jaar later nog maar één van over, de rest bestond uit afsplitsingen.

Toch houden de kleine partijen van nu hoop. De Piratenpartij zet in op twee of drie zetels, Mens en Spirit op drie. Net als de Libertarische Partij. En LibDem denkt dat ze net zo groot (of klein) kan worden als GroenLinks. Als ze maar genoeg aandacht krijgen.

Een beetje troost voor de kleine kanshebbers dan nog: ook sommige grote jongens van nu zijn klein begonnen. Denk aan de SP. De Socialistische Partij was in 1989 misschien succesvol in sommige gemeentes, maar landelijk ook een van die partijen in de marge. Samen met de Anti Werkloosheid Partij, de Milieu Defensie Partij 2000+ en Bejaarden Centraal deed de SP mee. Inmiddels wordt door sommigen gesproken over een SP-premier. Dus helemaal kansloos is Beter Nederland niet.

    • Freek Staps
    • Annemarie Kas