Rechter wil eerst bewijzen in zaak rond Rasmussen

Rabobank mag getuigen oproepen om juistheid ontslag van de Deense wielrenner aan te tonen.

Rotterdam. Wielersponsor Rabobank moet met bewijs komen om aan te tonen dat de Deense renner Michael Rasmussen terecht op staande voet is ontslagen tijdens de Tour de France van 2007. Dit bepaalde de rechtbank in Arnhem gisteren in een tussenvonnis. Rabobank mag met getuigen komen om het bewijs te leveren. Daarna doet de rechter uitspraak.

De zaak draait om de vraag of Rabobank al vóór de Ronde van Frankrijk van 2007 had kunnen weten dat Rasmussen had gelogen over zijn verblijfplaats in de aanloop naar de Tour. Hij had verklaard in Mexico te verblijven, maar trainde intussen in Italië. Daarmee ontliep hij dopingcontroles. Toen hij op 25 juli op het punt stond om de Tour te winnen, werd hij door de ploegleiding drie dagen voor aankomst in Parijs uit de wedstrijd gehaald en voorlopig geschorst. Ook werd hij ontslagen.

De renner stelde in 2008 dat de ploegleiding al vóór de Tour van zijn leugens op de hoogte was en dat ontslag op staande voet daarom onterecht was. In eerste instantie kreeg hij van de rechter een bedrag van 715.000 euro aan schadevergoeding toegewezen. Rabo „wist, althans had kunnen weten” dat Rasmussen had gelogen, aldus de rechter in 2008.

Zowel Rasmussen (38) als Rabobank ging tegen het eerste vonnis van de rechter in beroep. Rabo bestreed dat de ploeg op de hoogte was van de leugens. Rasmussen stelde opnieuw dat de ploegleiding wel degelijk op de hoogte was en vindt de schadevergoeding te laag. Hij eist in het kort geding 5,8 miljoen euro voor de geleden schade. NRC