Woningcorporaties moeten opdraaien voor redding Vestia

De redding van woningcorporatie Vestia gaat 2 miljard euro kosten. Vestia en de banken maakten vanmiddag een akkoord bekend. De rekening is voor alle corporaties in de sociale huisvesting.

De schade van de Vestia-affaire is vastgesteld en de omvang is ongeëvenaard. De grootste corporatie van Nederland neemt een verlies van 2 miljard euro: een hoge afkoopsom om van haar risicovolle financiële producten af te komen.

Zelf betaalt Vestia 1,3 miljard euro van het verlies. De andere corporaties draaien op voor de resterende 700 miljoen euro. Het is de grootste redding in de geschiedenis van de sociale huisvesting.

Na dertig dagen van pittige onderhandelingen bereikten Vestia en de banken gisteren een akkoord. Twee van de elf (inter)nationale zakenbanken, Credit Suisse en het Duits-Ierse Depfa, hebben uiteindelijk niet getekend. Met die banken wordt apart verder onderhandeld.

De ontslagen kasbeheerder van Vestia, Marcel de V., kan het nieuws vandaag in de krant lezen. Tijdens zijn voorarrest mocht hij de afgelopen twee maanden een tijd lang geen media volgen of privébezoek ontvangen. De V. zou zeker 9,4 miljoen euro hebben verdiend aan het afsluiten van rentecontracten voor Vestia. Afgelopen vrijdag werd zijn voorarrest geschorst.

De miljoenen die De V. zou hebben verdiend, hebben geleid tot een miljardenverlies voor de sector. Door de lage rente eisten de banken sinds vorig jaar extra onderpand op de rentecontracten van Vestia. Tijdens de onderhandelingen liep het tekort korte tijd op tot boven de 3 miljard euro.

Met een afkoopsom van 2 miljard euro komt Vestia nog goed weg, volgens demissionair minister Spies (CDA, Binnenlandse Zaken). Als de banken de contracten hadden ontbonden en Vestia failliet was gegaan, zou de schade in de miljarden zijn gelopen. Het vastgoed van Vestia, circa 89.000 woningen met een totale woz-waarde van 11,5 miljard euro, had dan grotendeels verkocht moeten worden.

De 1,3 miljard die Vestia nu kwijt is, heeft de corporatie al eerder geleend en in onderpand gegeven aan banken. Die leningen moet Vestia in de komende jaren afbetalen met de geplande verkoop van 15.000 woningen en bedrijfsonderdelen.

De resterende 700 miljoen euro aan schuld gaat Vestia lenen van de groep banken. Omdat Vestia deze lening niet kan betalen, springen de andere corporaties bij. Via een collectieve heffing van het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV), de financiële toezichthouder, betalen ze Vestia zogenoemde saneringssteun. De aflossing en de steun worden uitgesmeerd over tien jaar. .

Vestia speelde hoog spel bij aanvang van de onderhandelingen op 21 mei. In het kantoor van advocaat Houthoff aan de Amsterdamse Zuidas vroeg Vestia de banken een vermindering van de schuld met eenderde: 700 miljoen euro. Als drukmiddel was het vastgoed één minuut voor de vergadering gestald bij het Waarborgfonds Sociale Woningbouw – buiten bereik van de banken.

De gewaagde actie viel slecht bij de banken: eenderde schuldvermindering was onbespreekbaar. Wat de banken nu ‘cadeau doen’ aan Vestia is een korting van 400 miljoen euro. Mogelijk kan de corporatie nog meer van de verliezen terugvorderen. Afgesproken is ook dat Vestia de banken aansprakelijk mag stellen als blijkt dat bankmedewerkers zich schuldig hebben gemaakt aan fraude of omkoping. Naar dat laatste doet justitie nog onderzoek.

    • Eppo König