Opinie

    • Marjolijn Februari

Staatsinrichting van het internet

We zetten voet aan land op een nieuw, onbekend continent. Het achtste. Volgens de primitieve landkaarten die voorlopig ter introductie dienen, bestaat het uit zulke ongelijksoortige gebiedsdelen als General Electric, het Amerikaanse leger, Europa, Bell Labs, publieke datanetwerken, MIT, Boeing, Azië en de Stille Oceaan. Het continent bestrijkt alles bij elkaar opgeteld precies honderd procent van de wereldoppervlakte, de humeuren zijn er wisselend. Het heet ‘het internet’.

Ik had beloofd dat we daar in dat nieuwe gebied vandaag democratie en recht gingen brengen. Want het continent is weliswaar volop in bedrijf en wordt bewoond door menselijke wezens – ik heb zelf mijn piketpaaltjes langs de rivier geslagen en leef er tot mijn vreugde het grootste deel van de dag – maar democratie? Rechtstatelijkheid en constituties? Er zijn sheriffs die dolgedraaide goudzoekers opknopen, daar is alles wel zo’n beetje mee gezegd.

Gek genoeg heb je in Europa toch veel partijen die de nationale of lokale democratie willen versterken door juist naar dat ongetemde internet uit te wijken. Enerzijds valt dat goed te begrijpen, want het is een continent van onbegrensde mogelijkheden en de innovatie gaat er razendsnel. Anderzijds moet je bij het versterken van de plaatselijke democratie wel uitkijken dat je van dat pas ontdekte continent geen producten en vondsten overneemt die averechts werken en die de invloed van de burger in feite doen afnemen.

Vorige week was ik in België. Daar werd vanaf de Grote Markt te Turnhout een televisieprogramma uitgezonden, waarin een spreker te gast was van ‘De Vragende Partij’. De Vlaamse televisie bleek een project te hebben opgesteld waarbij burgers beleidsvoorstellen kunnen indienen. Die voorstellen komen dan met steun van medeburgers terecht op de agenda van hun gemeente. Burgers, zei de website, worden De Vragende Partij.

Ongetwijfeld was het succes van de Duitse Piratenpartij de inspiratie voor dit plan. De Piratenpartij zet namelijk op dezelfde manier in op basisdemocratie, Liquid Democracy. Ze gebruikt speciaal daarvoor software die Liquid Feedback mogelijk maakt. En liquide wil dan zeggen dat alles stroomt. Dat er geen vaste standpunten of doelen zijn; elke dag kan alles opnieuw in onderhandeling komen.

Nu zijn de Piraten in hun korte bestaan al met hun neus op de beperkingen van dit plan gestuit. Want met software alleen maak je nog geen basisdemocratie, en het is de bange vraag in de partij hoe dan wel. Laat ik langs een paar piratenproblemen lopen voordat ik terugkom bij de broodnodige democratisering en verrechtsstatelijking van het internet.

De Piraten hebben allereerst problemen die niets met het internet te maken hebben, maar wel alles met democratie. De partij die zo vurig naar basisdemocratie streeft – hoe ironisch – ligt onder vuur vanuit de eigen basis, omdat die zich niet serieus genomen voelt door de top. Van de weeromstuit gedragen de partijbonzen zich steeds slaafser ten opzichte van de leden. De Duitse krant Die Zeit schreef dat tijdens een partijbijeenkomst vrijwel niemand nog een politieke uitspraak durfde te doen.

Het deed denken aan het liedje jij mag me alles, ja alles vragen, zeg mij maar gauw wat ik voor jou kan doen, waarmee in Vlaanderen De Vragende Partij was geïntroduceerd. Wie zoiets zingt en de burger louter ziet als vragende partij – ‘ik doe mijn best je te behagen’ – infantiliseert de basisdemocratie op een manier die natuurlijk al gauw spaak loopt.

Terwijl ik zo in Turnhout op de Grote Markt stond na te denken over democratisering, stopte thuis in Nederland een krantenlezer – ‘een arts’ – een boze brief onder de ruitenwisser van mijn auto. Uit pure bescheidenheid bleef hij anoniem. Ach, dacht ik, toen me de brief werd voorgelezen, ik houd toch zo van zulke ouderwetse deugden. Nederigheid. Bescheidenheid. Kenmerken van beschaving.

Toch belandde ik hiermee bij het tweede piratenprobleem. Want hoewel de partij zegt te streven naar transparantie, wordt pers veelal geweerd en de besluitvorming via internet verloopt grotendeels anoniem. Het nadeel hiervan is dat burgers weinig verweer hebben tegen hun medeburgers. Deze vorm van democratie is echt liquide: ongrijpbaar, een puur formele methode om tot een meerderheidsstandpunt te komen.

Maar het grootste piratenprobleem is tot nu toe onderbelicht gebleven. De basisvraag is immers: wie maakt al die Liquid software eigenlijk? Hoe werkt het? En wie beschermt ons daartegen? Uit wantrouwen jegens democratische vertegenwoordigers begeven we ons anoniem op het internet, waar beslissingen worden gegenereerd door systemen die we niet kennen en waarop we geen enkele invloed hebben. Het is een spannende wereld, die van piraten, cowboys en techneuten, maar democratisch? Nee.

We moeten de democratie dus niet afschaffen, we moeten haar naar het internet sturen. En daar moeten we ons er dan tegen beschermen. We willen invloed op het gebruik van onze gegevens, op de profielen waarmee beleid wordt gemaakt, op die hele, digitale liquidisering van de politiek. Willen we ons op het nieuwe continent vestigen, dan moeten we er aan staatsinrichting gaan doen.

    • Marjolijn Februari