Gesink en Kruijswijk hebben wind mee naar Tour de France

In de Ronde van Zwitserland was er geen winst voor de Raborenners. Maar de Nederlandse kopmannen toonden wel aan dat ze klaar zijn voor de Tour de France.

Het peloton in de Ronde van Zwitserland passeert tussen Bischofszell en Arosa doorkomstplaats Chur. Foto AP

Uitgekookte aanval van Steven Kruijswijk gisteren op weg naar Sörenberg, op 1.167 meter hoogte aankomstplaats van de slotrit in de Ronde van Zwitserland. Dertig seconden voorsprong had hij al snel, veertig werden het er zelfs. Ging de ranke Raboklimmer, die aan de rit begon met 1.08 minuut achterstand op de Portugese leider Rui Costa, verrassend op weg naar de eindzege? Of opende hij de finale voor ploeggenoot Robert Gesink, die ook al een goede indruk maakte in het elitegroepje achter hem?

Slechts dankzij een uiterste krachtsinspanning van zijn meesterknecht Alejandro Valverde behield Costa uiteindelijk de leiderstrui, na de door de Est Tanel Kangert (Astana) gewonnen slotrit. Voor Gesink resteerde op 25 seconden achterstand de vierde plaats in de eindstand, Kruijswijk eindigde op 59 tellen als achtste. Geen winst. Maar de Raborenners toonden in de Zwitserse ronde wel dat ze klaar zijn voor de Tour de France, die over twee weken begint met een proloog in Luik.

Na zijn indrukwekkende zege in het Critérium du Dauphiné liep de Brit Bradley Wiggins een week geleden niet weg voor de favorietenrol in de Tour. Ook zijn Sky-ploeggenoten Michael Rogers (tweede) en Chris Froome (vierde) maakten er een sterke indruk, net als Cadel Evans (derde) en Jurgen Van den Broeck (vijfde). In de Ronde van Zwitserland viel Frank Schleck op, die na enkele aanvallen bergop op slechts 14 tellen achter Costa als tweede eindigde. Maar zonder Alberto Contador (geschorst) en Andy Schleck (geblesseerd) lijkt een podiumplaats in Parijs een reëel doel voor de sterke Raboploeg, met drie Nederlandse kopmannen: Gesink, Bauke Mollema en Kruijswijk.

Na zijn rit- en eindzege in de Ronde van Californië scherpte Gesink (26) zijn vorm verder aan tijdens een hoogtestage in de Sierra Nevada. Door een beenbreuk in het najaar, die zelfs het vervolg van zijn carrière in gevaar bracht, kon hij lange tijd niet intensief trainen. In de Zuid- Spaanse bergketen haalde Gesink de schade snel in. Zie hem nauwgezet zijn zadel afstellen, voorafgaand aan zomaar een tijdrittraining. „We hebben straks wind mee, de tijdritblokken van vandaag worden een makkie”, grapte hij ontspannen. Wind mee, hoe symbolisch.

Met een iets grotere versnelling dan voorheen imponeerde Gesink bij de tijdrittraining. „Ik ga mijn uiterste best doen in Zwitserland, daar wil ik voor een klassement rijden”, zei hij in de Sierra Nevada al. De start was een week geleden stroef, in de eerste bergrit naar Verbier. Niet ongebruikelijk, een tijdelijke terugslag een paar dagen na een hoogtestage. Maar de tijdrit over 34 kilometer was vrijdag al veel beter, al was Gesink zelf niet tevreden met zijn vijfde plaats. Een dag later moest hij Frank Schleck en Levi Leipheimer in de finale bergop laten gaan. Gisteren reed Schleck opnieuw even bij hem weg bergop. Maar Gesink, vijfde in de Tour 2010, kwam terug en benadert het niveau waarmee hij de afgelopen jaren duelleerde met Tourfavorieten als Wiggins, Evans of Schleck.

Ook Kruijswijk (25) reed in de laatste twee bergritten in Zwitserland voorin. Vorig jaar kwam hij in topvorm uit de Giro (negende), om in de Ronde van Zwitserland een bergrit te winnen en als derde te eindigen. Nu trainde hij met Gesink op hoogte en gebruikte ook hij de negen dagen durende rittenkoers om in topvorm te komen voor de Tour. „Ik wil mijn vorm aanscherpen”, wist hij voor de start al. Zijn verrassingsaanval in de slotrit slaagde net niet, maar debutant Kruijswijk kan met vertrouwen beginnen aan de proloog in Luik.

Anders dan Gesink of Kruijswijk speelde Mollema in Zwitserland geen rol in het klassement. De nummer vier van de Vuelta 2011 gelooft in tegenstelling tot zijn twee ploeggenoten niet zo in het heilzame effect van een hoogtestage en koos zijn eigen voorbereiding. Vorig jaar blonk hij in Zwitserland uit, maar kwam hij in de Tour tekort. Nu bouwde hij in Zwitserland rustig op, om af te sluiten met een solide laatste bergrit. Zoals ook Laurens ten Dam, terug na blessureleed, tevreden kon terugkijken op zijn knechtenwerk voor de drie Rabokopmannen. Ook hij lijkt zeker van Tourdeelname.

    • Maarten Scholten