De troostspeech

Ze vertellen dat kinderen krijgen je kwetsbaarder maakt. Galg, rad, fietsongelukken – dat werk. Maar niemand, niemand heeft mij ooit gewaarschuwd voor het gevoel van een achtjarig jongenslichaam op je schoot dat bij elke nederlaag minder gaat bewegen.

Zelf ben ik gehard: wie Spanje-Malta (’84) enGeorges Grün (’86) heeft overleefd, kan veel hebben. Maar moet de volgende generatie óók een tunnel van acht jaar decepties in? België als Angstgegner? Ron Vlaar aanvoerder? En het ergste: Duitsers die ons sympathiek vinden?

Daar wil je ze tegen beschermen. Dus bedacht ik een troostspeech voor bij het toedekken. Over onze zege bij het EK onder 17 in mei. Talenten als Acolatse, Vilhena en Hendrix – ze komen eraan. (En dan ben jij aan de beurt, jongen!) Ik werd onderbroken: „Vonden de Spanjaarden het niet gek toen ze in ons volkslied hoorden dat wij de koning van Hispanje altijd hebben geëerd?” Toen ik naar beneden liep, werd in bed het Wilhelmus geneuried. Misschien valt de diepte van het trauma mee.

    • Arjen Fortuin